Javaklasse

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hr. Ms. Java afgemeerd in Sydney in 1930, daar achter de De Ruyter en Evertsen. Met op de achtergrond Sydney Harbour Bridge.

De Javaklasse was een serie lichte kruisers van de Koninklijke Marine, besteld tijdens de Eerste Wereldoorlog. Oorspronkelijk zou de serie uit drie schepen bestaan, maar het derde schip werd afbesteld.[1] Het ontwerp van de Javaklasse was afkomstig van de Duitse Krupp Germaniawerf. De bouw vond plaats bij de Koninklijke Maatschappij de Schelde te Vlissingen en de Nederlandsche Dok en Scheepsbouw Maatschappij te Amsterdam.[2] Het ontwerp was een reactie op de Japanse lichte kruisers van de Chikumaklasse.[3]

Door de lange bouwtijd, mede veroorzaakt door de moeizame levering van onderdelen tijdens de oorlog en de snelle technische ontwikkelingen, waren de schepen bij hun indienststelling al verouderd. Zo stonden de kanonnen nog opgesteld achter schilden, terwijl (gesloten) geschutkoepels voor dit type geschut al gebruikelijk waren in die tijd. Ook stonden 6 van de 10 kanonnen niet opgesteld op de lengte-as, maar aan stuur- en bakboorzijde van de bovenbouw. Daardoor konden de schepen bij het afgeven van vuur over de zijden slechts 7 van de 10 kanonnen gebruiken.[3]

Schepen[bewerken]

Name Kiellegging Tewaterlating In dienst Uit Dienst
Java 31 mei 1916 6 augustus 1921 1 mei 1925 27 februari 1944
Sumatra 15 juni 1916 29 december 1920 26 mei 1926 29 april 1944

Een derde schip, de Celebes, iets groter en met ruimte voor een eskadercommandant en diens staf, werd in 1919 geannuleerd.[2]

Technische kenmerken[bewerken]

De schepen van de Javaklasse had een standaardwaterverplaatsing van 6670 ton en een waterverplaatsing 8078 ton wanneer ze volledig geladen waren. De schepen boden ruimte aan 526 bemanningsleden met de volgende verdeling: 35 officieren, 54 onderofficieren en 437 manschappen. De afmetingen van deze schepen waren: lengte 170 m, breedte 16 m en diepgang 6,2 m. De topsnelheid was 30,5 knopen, maar het maximale bereik van 4340 zeemijl werd gehaald bij een snelheid van 10 - 11 knopen.

Bewapening[bewerken]

De hoofdbewapening bestond uit tien kanonnen van 15 cm (5,9 inch), type Bofors nr. 6, die bedoeld waren voor zee- en landdoelen. Daarnaast was de Java uitgerust met 4 x 2 40 mm luchtafweergeschut, type Bofors no 3. De Sumatra was uitgerust met 6 x 40 mm luchtafweergeschut, type Bofors no 1. Beide schepen hadden 8 0,50 inch machinegeweren, type Browning MG. Voor het bestrijden van onderzeeboten hadden de schepen 10 - 12 dieptebommen aan boord. Daarnaast konden de schepen 2 watervliegtuigen meenemen. Tot 1935 waren de schepen ook in staat om tot 36 zeemijnen mee te nemen.[1]

Het lot[bewerken]

De schepen zouden vervangen worden door de kruisers van de Eendrachtklasse, maar door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog kwam daar niets meer van terecht. Beide schepen van de Javaklasse zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog verloren gegaan. De Java werd tot zinken gebracht tijdens de Slag in de Javazee en de Sumatra werd, ontdaan van alle bewapening, afgezonken als golfbreker bij de Landing in Normandië.[1][2]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b c Netherlandsnavy.nl :: Java-class cruisers (en)
  2. a b c Mark, C. Schepen van de Koninklijke Marine in W.O. II Alkmaar: De Alk bv, 1997: 10-13
  3. a b http://www.netherlandsnavy.nl/Javacl.html Netherlandsnavy.nl :: Java-class cruisers (en)