Klokkengieterij

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een klokkengieterij is een bedrijf waar klokken worden vervaardigd.

Fotothek df tg 0008478 Ständebuch ^ Klokkengieter ^ Geschutgieter ^

Proces[bewerken]

Vanouds gebeurt het vervaardigen van klokken met een gietvorm van leem, bestaande uit een binnenmal (de kern), een buitenmal (de mantel), en de kroonvorm. De laatste wordt in was gemodelleerd (verlorenwasmethode). De binnenmal heeft een kern van stenen, die besmeerd wordt met leem. Binnen in de stenen kern is ruimte voor een vuurtje om de leem te doen drogen. De valse klokvorm van zwakke leem wordt hierop aangebracht met behulp van een sjabloon, die draait om een spil. Dus bovenop de binnenvorm wordt een laag zwakke leem aangebracht die met een andere mal tot de buitenkant van de toekomstige klok wordt gevormd en die de 'valse klok' wordt genoemd, daar ze verwijderd wordt voordat het gietproces begint: ze vertegenwoordigt het volume van de klok. Alvorens de opschriften en versieringen van de toekomstige klok worden aangebracht van bijenwas, wordt de spil met de sjabloon verwijderd

Uiteindelijk wordt de lemen mantel er om aangebracht, waarbij de valse klok de binnenmal is, deze buitenkant wordt versterkt met ijzeren ringen om de druk te kunnen weerstaan van het vloeibare brons. In de top van de mal wordt een trechter gemaakt, waarin de kroonvorm moet passen. Er worden metalen versterkingen aan de buitenmal aangebracht, die deels ook bedoeld zijn om de mantel op te kunnen hijsen. Dit is nodig om de valse klok, gemaakt van zwakke leem met was, te verwijderen. Vervolgens wordt de mantel weer op zijn plaats gezet, waarbij een conisch onderstuk zorgt voor een juiste positionering. Aan de bovenkant wordt een metalen klepeloog aangebracht.

Als ook de kroonvorm is aangebracht en het geheel in de gietkelder is geplaatst, die wordt opgevuld met aangestampte aarde, kan het gieten beginnen. Het te gieten materiaal is brons, dat wordt gesmolten in een smeltoven die uit een vuurhaard en een smelthaard bestaat. De brandstof is hout, olie of gas. In de kroonvorm zijn windpijpen uitgespaard om de vrijkomende gassen te laten ontsnappen. Het brons moet een temperatuur van 1100°C bezitten voor het gegoten kan worden.

Na het gieten moet de klok, afhankelijk van de grootte, een dag tot een week afkoelen. Dan wordt hij uit de gietvorm geklopt en na schoonmaken door middel van borstelen is de klok in principe klaar. Als het een carillonklok betreft wordt deze nog gestemd op een draaibank. De muzikale marges van speelklokken zijn erg klein. Luidklokken daarentegen behoren eigenlijk op toon gegoten te worden. De meesterklokkengieter Geert van Wou te Kampen (1450-1527) was als een van de weinigen in staat complete reeksen op toon gegoten klokken te gieten.

Vroeger bestonden er veel klokkengieterijen, bijvoorbeeld in Hoorn, Enkhuizen, Zutphen en in Rotterdam, waar het geslacht (Ouderogge) drie generaties lang heeft bestaan aan de Hoogstraat en behalve vele klokken en kanonnen ook in 1622 het standbeeld van Desiderius Erasmus heeft gegoten. In Amsterdam werkten onder andere de gieters Pieter en François Hemony. Zij goten in de stadsgieterij van die stad ook de beelden voor het stadhuis (nu Paleis op de dam en geschut. Hun werken kregen vooral grote internationale bekendheid door het ontwerpen, gieten en vooral het stemmen van carillonklokken technisch te vervolmaken met hulp van de Utrechtse beiaardier en fluitspeler jonkheer Jacob van Eyck.

Bovenstaande beschrijving geeft het oude gietproces weer. In wezen is het onveranderd gebleven, zij het dat materiaal als leem in Nederland niet meer wordt gebruikt. Ook ondersteunt moderne techniek de productie, zoals het stemmen met computers en numeriek bestuurde gereedschapswerktuigen. Klokkengieterijen vond men vroeger onder meer daar waar leem voorhanden is. Dit is de reden van het bestaan van drie klokkengieterijen in het oosten van de provincies Groningen en Noord-Brabant. Tegenwoordig giet men in Nederland alleen in van vuurvast chamottecement gevormde mallen. De meeste klokkengieters in de wereld gebruiken nog steeds leem voor hun vormen, alleen die in Nederland, Paccard in Frankrijk, Olsen Nauen in Noorwegen en Grassmayr in Oostenrijk niet. De leemvormmethode wordt dus nog steeds toegepast in onder andere Italië, Spanje, Griekenland, Frankrijk, en Zwitserland. In Duitsland wordt in alle gieterijen nog steeds met leem gewerkt, omdat dit de klank zou verbeteren.

Huidige klokkengieters in Nederland[bewerken]

  • Klokkengieterij Eijsbouts te Asten.[1]
  • Klokken- en Kunstgieterij Reiderland te Beerta en Finsterwolde.
    Nadat klokkengieterij Van Bergen te Heiligerlee in 1980 de poorten sloot, zette de Utrechter Simon Laudy vanaf 1988 de lange traditie van klokkengietersactiviteiten in het noorden van Nederland voort. Aanvankelijk voerde hij zijn activiteiten uit onder de vlag van het klokkengieterijmuseum. [2] In 1995 vestigde Laudy zich zelfstandig onder de naam Laudy, Klokken- en Kunstgieterij Reiderland. Simon Laudy staat onder meer bekend om zijn aanvullingen van bestaande beiaarden (in samenwerking met Gideon Bodden[3]) en historische gelui-en zoals in de toren van de Bovenkerk [4] te Kampen.
  • Klokkengieterij Petit & Fritsen te Aarle-Rixtel. [5]
    Deze laatste Klokkengieterij is in 2014 opgeheven. Op 24 februari 2014 meldde het Brabants Dagblad dat Eijsbouts de activiteiten van Petit & Fritsen overneemt. Als reden werd genoemd dat Petit & Fritsen met een opvolgingsvraagstuk kampte. Van de 16 werknemers van Petit & Fritsen kunnen er 9 aan de slag bij Eijsbouts.
Bronnen, noten en/of referenties