Lepelbekstrandloper

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Lepelbekstrandloper
IUCN-status: Kritiek[1] (2013)
Lepelbekstrandloper (Calidris pygmaea)
Lepelbekstrandloper (Calidris pygmaea)
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Aves (Vogels)
Orde:Charadriiformes (Steltloperachtigen)
Familie:Scolopacidae (Strandlopers en snippen)
Geslacht:Calidris
Soort
Calidris pygmaea
(Linnaeus, 1758)
Afbeeldingen Lepelbekstrandloper op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Lepelbekstrandloper op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Vogels

De lepelbekstrandloper (Calidris pygmaea synoniem: Eurynorhynchus pygmeus) is een vogel uit de familie strandlopers en snippen (Scolopacidae).

Kenmerken[bewerken]

De lepelbekstransdloper is 14 tot 16 cm lang en hij heeft een spanwijdte van 36 bis 40cm. De kop, hals en borst van een volwassen vogel in de broedtijd is roodbruin met donkerbruine streepjes. De vogel heeft van op de rug en vleugels donkere veren met bruine tot kaneelkleurige randen.Jonge vogels en volwassen vogels zijn buiten de broedtijd veel minder opvallend grijsbruin gekleurd. De bruik is wit en de poten zijn zwart. Het meest opvallend kenmerk is de 1,9 tot 2,4 cm lange, lepelvormige snavel.

Lepelbekstrandloper in winterkleed

Verspreiding en leefgebied[bewerken]

Het broedgebied van de lepelbekstrandloper ligt langs de kust van noordoostelijk Siberië zoals het Tsjoektsjenschiereiland en het schiereiland Kamtsjatka. De vogel trekt langs de kust van de Grote Oceaan naar het zuiden door Japan, Noord- en Zuid-Korea en China naar zijn belangrijkste overwinteringsgebieden in Zuidoost-Azië. De vogel wordt daar waargenomen in India, Bangladesh, Sri-Lanka, Myanmar, Thailand, Vietnam, de Filipijnen, het schiereiland Malakka.

Status[bewerken]

De lepelbekstrandloper heeft een kleine populatie en is daardoor kwetsbaar (voor uitsterven). De grootte van de populatie werd in 2009 geschat op 120-200 broedparen. De vogel gaat nog steeds in aantal achteruit door verandering van het klimaat en andere ontwikkelingen in kustgebieden. Hierdoor wordt het leefgebied aangetast, zowel in de broed- als in de overwinteringsgebieden. Om deze redenen staat deze strandloper als ernstig bedreigd (kritiek) op de Rode Lijst van de IUCN.[1]

In juli 2016 ontdekte een groep Belgische reizigers, onder leiding van bioloog David 'Billy' Herman, samen met een team van Russische wetenschappers, een nieuwe broedpopulatie van de lepelbekstrandloper tijdens een expeditie in Oost-Rusland. Dit werd meteen de tweede grootste gekende populatie van deze uiterst zeldzame soort. Met zekerheid werden twee actief broedende koppels genoteerd en vier aparte individuen. Voor de ornithologische wereld is dit veruit de meest indrukwekkende ontdekking over de lepelbekstrandloper in de afgelopen jaren. De ontdekking van dit broedgebied vergroot de kans dat het unieke dier zal blijven voortbestaan.