Sachs-Hornbostel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Hornbostel-Sachs (of Sachs-Hornbostel) is een systeem voor de classificatie van muziekinstrumenten gebaseerd op het geluidsvoortbrengingsmechanisme. Het is het meest gebruikte systeem voor dit doel door etnomusicologen en organologen.

Het systeem is ontworpen door Erich Moritz von Hornbostel en Curt Sachs, en werd voor het eerst beschreven in het Zeitschrift für Musik in 1914. Een Engelse vertaling verscheen in 1961 in het Galpin Society Journal.

De oorsprong van de methode is het systeem dat eind 19e eeuw ontworpen werd door Victor Mahillon, de conservator van de collectie muziekinstrumenten van het conservatorium van Brussel. Dit systeem beperkte zich hoofdzakelijk tot de instrumenten die gewoonlijk gebruikt worden in de West-Europese klassieke muziek, maar het was wel een van de eerste systemen die onderscheid maakte in wat er trilt, de manier waarop het geluid wordt veroorzaakt in een instrument. Het systeem van Hornbostel-Sachs maakte het onderscheid van Mahillon toepasbaar op instrumenten uit elke cultuur.

  • Idiofonen (1)
    • Aangeslagen idiofonen (11) (xylofoon)
    • Getokkelde idiofonen (12) (mondharp)
    • Frictie-idiofonen (13) (zingende zaag)
    • Geblazen idiofonen (14)
    • Niet-geclassificeerde idiofonen (15)
  • Membranofonen (2)
    • Aangeslagen membranofonen (21) (pauk)
    • Getokkelde membranofonen (22)
    • Frictie-membranofonen (23) (rommelpot)
    • Geblazen membranofonen (24) (kazoo)
    • Niet-geclassificeerde membranofonen (25)
  • Chordofonen (3)
    • Enkelvoudige chordofonen (31)
    • Samengestelde chordofonen (32) (viool, harp)
    • Niet-geclassificeerde chordofonen (33)
  • Aerofonen (4)
    • Vrije aerofonen (41) (snorrebot)
    • Gesloten aerofonen (42) (fluit, trompet enz.)
    • Niet-geclassificeerde aerofonen (43)
  • Elektrofonen (5)
    • Elektrisch aangestuurde instrumenten (51)
    • Elektrisch versterkte instrumenten (52)
    • Instrumenten met elektronisch gegenereerd geluid (53) (theremin, synthesizer)

De laatste groep - door Sachs toegevoegd in 1940 - is eigenlijk een buitenbeentje in de zin dat hier de geluidsbron werd losgelaten als primaire onderverdeling. Moderne musicologen zullen een pijporgel - ook al wordt het elektromechanisch bespeeld - toch tot de aerofonen rekenen, en de elektrische gitaar tot de chordofonen.