Sophie Chotek

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Sophie Chotek

Sophie Chotek Gräfin von Chotova, hertogin von Hohenberg (Stuttgart, 1 maart 1868Sarajevo, 28 juni 1914) was de vrouw van aartshertog Frans Ferdinand van Oostenrijk-Este, de Oostenrijks-Hongaarse troonopvolger.

Sophie Chotek stamde uit de Boheemse adel en was een hofdame aan het Habsburgse hof in Wenen. Ze was een hofdame van keizerin Elisabeth. Tijdens een dansavond in Praag in 1888 leerde zij aartshertog Frans Ferdinand van Habsburg-Lotharingen kennen. Uiteindelijk trouwde ze in 1900 met de troonopvolger, zeer tegen de zin van Frans Jozef I, die het morganatisch huwelijk slechts na aandringen van de aartshertog, Paus Leo XIII en de Duitse keizer Wilhelm II goedkeurde. Strenge voorwaarde was dat Sophie altijd op de achtergrond moest blijven. Mocht haar man keizer worden, dan bleef zij aartshertogin. Hun kinderen waren uitgesloten van de troonopvolging. Toen de aartshertog overleed, werd aartshertog Karel (de latere keizer Karel I van Oostenrijk) keizer. Dit was reden voldoende voor de aartshertog en zijn vrouw om zich in het rustieke Konopiště (Bohemen), ver buiten het hof van Wenen te vestigen.

Keizer Frans Jozef kende haar in 1909 de titel 'Herzogin von Hohenberg' toe.

Tijdens hun officiële bezoek aan Sarajevo, de hoofdstad van Bosnië en Herzegovina (toen een Oostenrijkse provincie) werden de aartshertog en zijn vrouw tijdens een rijtour doodgeschoten door Gavrilo Princip (zie ook: Moord op Frans Ferdinand van Oostenrijk). Naar aanleiding van deze moord verklaarde Oostenrijk de oorlog aan Servië en dit leidde weer tot de Eerste Wereldoorlog.

Kinderen[bewerken]

Frans Ferdinand en Sophie kregen drie kinderen: