Bohemen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Icoontje doorverwijspagina Zie Bohemen (doorverwijspagina) voor andere betekenissen van Bohemen.
De locatie van Bohemen (groen) binnen de grenzen van Tsjechië.

Bohemen (Tsjechisch: Čechy, Duits: Böhmen) is een historische regio in Tsjechië. Het beslaat zo'n twee derde van het Tsjechische grondgebied. De rest van Tsjechië valt onder Moravië en een klein deel van Silezië.

Geschiedenis[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Geschiedenis van de Tsjechische landen voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De eerste melding van Bohemen wordt gemaakt door de Romeinen: het was het woongebied van de Keltische stam Boii. Daarna namen Germaanse stammen het gebied in bezit, de bekendste daarvan was die van de Markomannen. De eerste Slavische voorouders van de huidige Tsjechen kwamen er in de zesde eeuw te wonen. In de negende eeuw behoorde het gebied tot het Moravische Rijk, dat christelijk was, en op Byzantium georiënteerd. Na de val van dit rijk kwam de dynastie der Přemysliden aan de macht, die zich op Rome richtte.

Het hertogdom Bohemen werd in de elfde eeuw onderdeel van het Heilige Roomse Rijk. Keizer Hendrik IV verleende hertog Vratislav II in 1085 de titel van koning van Bohemen. De oriëntatie op omringende gebieden die ook tot het Roomse, ook wel Duitse, Rijk behoorden, bracht naast adellijke geslachten ook Saksische, Thüringse en Beierse kolonisten binnen Bohemen die werden aangeworven om de bosrijke randgebieden te ontginnen. Op hen volgden uit die streken ook handwerkslieden en handelaren die de burgerij gingen vormen van volgens Duits stadsrecht gestichte steden. In deze bevolkingsheterogeniteit ligt de basis van de nationale spanningen die zich al vroeg openbaarden en pas in de moderne tijd met geweld werden opgelost toen de zogenaamde Sudetenduitsers het staatsburgerschap werd ontnomen (zie ook Sudetenland). Onder Ottokar I werd de Boheemse kroon erfelijk (1198). Onder zijn kleinzoon Ottokar II bevatte het rijk ook tijdelijk delen van Oostenrijk. Inmiddels waren de Boheemse koningen deel gaan uitmaken van de hoogste adel van het Duitse Rijk. Zij verwierven in 1335 Silezië. Intussen waren de Premysliden uitgestorven en was het huis Luxemburg op de troon gekomen. In 1471 kwamen de Poolse Jagiellonen kort aan de macht. Op hen volgden de Habsburgers.

Bohemen kwam door de dood van Lodewijk II Jagiello in 1526 aan de Habsburgers, maar bleef aanvankelijk een onafhankelijk koninkrijk. In 1618 begon in Praag de Dertigjarige Oorlog en werden de jezuïeten uit Bohemen verbannen. In 1627 kwam Bohemen integraal aan Oostenrijk (vanaf 1867 Oostenrijk-Hongarije). De Habsburgers werden koningen van Bohemen. Pas vanaf 1743, toen het Habsburgse rijk begon te centraliseren, kwam er een einde aan de autonomie van Bohemen, dat vanaf nu een Oostenrijkse provincie was.

Na de Eerste Wereldoorlog werd het onderdeel van de nieuw gevormde staat Tsjechoslowakije. In 1938 werd het verdeeld in een Duits-sprekend deel (Sudetenland) dat door Duitsland werd geannexeerd, en een Tsjechisch-sprekend deel dat als protectoraat door Duitsland werd bezet. In 1945 werd het weer deel van Tsjecho-Slowakije. De Duitssprekende bevolking werd verwijderd, zie Verdrijving van Duitsers na de Tweede Wereldoorlog. Na de opsplitsing in Tsjechië en Slowakije werd Bohemen in 1992 samen met Moravië deel van Tsjechië.

Bestuurlijke indeling[bewerken]

In Bohemen liggen behalve de hoofdstad Praag de volgende bestuurlijke regio's (krajs):

De regio's Pardubice, Vysočina en Zuid-Bohemen liggen gedeeltelijk in Bohemen en gedeeltelijk in Moravië (zie ook: Regio's van Tsjechië).

Trivia[bewerken]

De benaming voor de Boheemse inwoners, Bohemer of bohemien, werd in Frankrijk, België en Nederland ook gebruikt om de zigeuners mee aan te duiden, die in Frankrijk beweerden uit Bohemen afkomstig te zijn. Sinds de negentiende eeuw wordt de naam ook gebruikt om vrijgevochten personen met een niet-traditionele levensstijl aan te duiden.

Geboren in Bohemen

Geografie[bewerken]

Het gebied beslaat zo'n 52.750 km² en telt 6,25 miljoen inwoners. Het gebied is erg populair onder westerse toeristen. Dat geldt vooral voor de stad Praag en de natuurgebieden het Boheems Paradijs (Český ráj) en het Reuzengebergte (Krkonoše).

Steden[bewerken]

Tot Bohemen behoren de grote steden Praag, Plzeň, České Budějovice, Liberec, Teplice en Hradec Králové.

Bezienswaardigheden[bewerken]

Verkeer en vervoer[bewerken]

De belangrijkste wegen zijn de Europese weg 50 (D5) vanaf de grens via Praag naar Brno (D1). Verder de Europese weg 49 van Karlovy Vary naar Wenen. De lokale wegen vanaf Praag naar het zuiden onder andere de Europese weg 55.

Muziek[bewerken]

  • Má Vlast, het beroemdste werk van de Tsjechische componist Bedřich Smetana, is geheel opgedragen aan de geschiedenis, het landschap en de legendes van de Bohemen. Má Vlast wordt als het grootste nationalistische werk uit de negentiende eeuw gezien.