Thuiswinkelen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Thuiswinkelen is het kopen van producten via catalogus, telefoon, tv of internet. Het thuiswinkelen van vóór het televisietijdperk ging per postorder.

Thuiswinkelen via de televisie[bewerken]

Een thuiswinkelprogramma of infomercial – een samentrekking van informatie en commercial (reclame) – duurt meestal een half uur en wordt vaak 's nachts en 's ochtends vroeg uitgezonden omdat dan de zendtijd het goedkoopst is. Het doel is het aanprijzen van een product dat de kijkers telefonisch kunnen bestellen. Dit kan ook via de internetsite van de thuiswinkels. Er zijn ook speciale thuiswinkelzenders die 24 uur per dag dergelijke programma's uitzenden.

De Amerikaan Ron Popeil (1935) wordt vaak als de uitvinder van de thuiswinkel-tv gezien. In de jaren zestig vond hij een groentesnijder genaamd de Vegomatic uit. Nu was deze zo efficiënt dat het voor verkopers erg onpraktisch werd om steeds al die groenten mee te nemen. De oplossing was het op video opnemen van de demonstraties. Vanaf daar was het maar een kleine stap om deze ook op tv uit te zenden.In 1977 begint Bud Paxton het eerste Amerikaanse home shopping kanaal.

Nederland maakte begin jaren negentig kennis met deze vorm van reclame. In 1993 richtte Louise Mulder het familiebedrijf Tell Sell op. De met Amerikaanse accenten in het Nederlands nagesynchroniseerde programma's zijn nog steeds bij menigeen bekend en dan vooral de show Amazing Discoveries gepresenteerd door Mike Levey (1948-2003). In de jaren groeiden de verkoopprogramma's uit tot camp. Tel Sell zond vanuit Almere per week ruim 140 uur aan infomercials uit op de bekende commerciële zenders. Sinds 2002 had Tel Sell ook zijn eigen televisiezender. Het bedrijf verkocht vooral fitnessapparaten, beauty-producten en producten voor in het huishouden. In januari 2008 is Tel Sell failliet gegaan. Daarna kocht de familie de merknaam terug en ging Tell Sell verder als webwinkel.[1] In 2017 is Tommy Teleshopping marktleider in Nederland op het gebied van thuiswinkelen op tv.

Experimenten in Nederland[bewerken]

In Nederland wordt de term thuiswinkelen voor het eerst gebruikt in het begin van de jaren tachtig. Thuiswinkelen heeft, wat Nederland betreft, dan nog vooral betrekking op de klassieke postorderverkoop[2] Vanaf begin jaren tachtig wordt er in Nederland geëxperimenteerd met de inzet van elektronische media om thuiswinkelen mogelijk te maken. In 1981 start de PTT een proef met Viditel.[3] Comp-U-Card biedt vanaf 1987 in Nederland consumenten de mogelijkheid om via een terminal die gekoppeld is aan de telefoon een databank met producten te raadplegen en bestellingen te doen.[4] In Amstelveen krijgen in september 1989 500 huishoudens als proef een terminal die op de telefoon is aangesloten. Daarmee kunnen ze vanuit huis bestellingen doen.[5] In navolging van de Verenigde Staten wordt in deze periode voor thuiswinkelen steeds vaker de term teleshopping gebruikt.

Thuiswinkelen op internet[bewerken]

Met de opkomst van internet in de jaren negentig verschenen ook de eerste internetwinkels als een soort digitale catalogi waaruit men kon bestellen. In de eerste jaren was vooral het kopen van boeken, cd's en dvd's via internet en het boeken van reizen populair. In de jaren daarna nam ook het online kopen van hardware, kleding en het afsluiten van verzekeringen sterk toe. Inmiddels is vrijwel elk product en dienst via internet te koop. In 2015 kocht de Nederlandse consument voor 16 miljard euro via internet.[6]. In 2000 werd Thuiswinkel.org opgericht, de belangenvereniging van bedrijven die actief zijn op het gebied van thuiswinkelen. In 2001 introduceerde Thuiswinkel.org het keurmerk Thuiswinkel Waarborg, en het jaar daarop werden voor het eerst de Nationale Thuiswinkel Awards uitgereikt.

Kritiek[bewerken]

Hoewel het online kopen toeneemt, is er ook kritiek. Zo zou de werkgelegenheid waar het thuiswinkelen toe leidt, met name gaan over banen met minimale zekerheid.[7] Daarnaast zijn er ook klachten over de dienstverlening van de webwinkels. In het eerste half jaar van 2011 constateerde de Consumentenautoriteit 4.100 klachten. Daarmee naderde het aantal klachten over webwinkels dat over fysieke winkels.[8]

Trend[bewerken]

Een nieuwe trend is dat bedrijven die begonnen zijn met thuiswinkelen, ook fysieke winkels openen. In 2016 hebben Coolblue en Neckermann in de Nederlandse winkelstraten filialen geopend.[9]