Wapenstilstand van Mudros

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
HMS Agamemnon in een eerder bezoek aan Mudros tijdens de Dardanellen campagne in 1915

De Wapenstilstand van Mudros, die de vijandelijkheden in het Midden-Oosten tussen het Ottomaanse Rijk en de geallieerde mogendheden beëindigde, werd getekend op 30 oktober 1918 door de Turkse minister van Marinezaken Rauf Bey en de Britse Admiraal Somerset Arthur Gough-Calthorpe, aan boord van de HMS Agamemnon in de haven van Mudros op het Griekse eiland Limnos.

Afspraken[bewerken]

De wapenstilstand werd gesloten tussen aan de ene kant het Ottomaanse Rijk en aan de andere kant de geallieerden, vertegenwoordigd door het Verenigd Koninkrijk (inclusief het Britse Rijk), Frankrijk, Italië en Japan.

Door de wapenstilstand te tekenen, gaven de overgebleven Ottomaanse troepen buiten Anatolië zich over, en kregen geallieerde troepen het recht om forten langs de Dardanellen en de Bosporus te bezetten, en het recht om de zes Armeense provincies in Anatolië te bezetten "in het geval er wanorde" zou uitbreken en het recht om "elk strategisch punt" te bezetten als de geallieerde veiligheid in gevaar zou komen. Het Ottomaanse leger werd gedemobiliseerd, en Turkse havens, spoorlijnen en andere strategische punten werden gereed gemaakt voor geallieerd gebruik.

Achteraf[bewerken]

De Ottomanen moesten van hun hele rijk afstand doen met uitzondering van Anatolië en al hun garnizoenen in Hidjaz, Jemen, Syrië, Mesopotamië, Tripolitania en Cyrenaica. Naast de belangrijke zeegebieden rond de Zee van Marmara bezetten de geallieerden ook Batoemi en de tunnels van het Taurus gebergte en verwierven ze het recht om de zes provincies met Armeense bevolking in het noordoosten van Anatolië te bezetten in het geval er wanorde zou uitbreken. Door het controleren van de Bosporus controleerden de geallieerden ook de hoofdstad van het Ottomaanse Rijk, Constantinopel. Dit dwong de Jonge Turken, die daar een revolutionaire regering hadden gevormd, te vluchten naar de Kaukasus. De Ottomanen moesten zich terugtrekken tot de vooroorlogse grenzen.

Het Verdrag van Sèvres (1920), dat clausules bevatte om een onafhankelijk Koerdistan en een groter Armenië te creëren, zou het Ottomaanse grondgebied verder verkleind hebben. Ondanks het feit dat het verdrag door het Ottomaanse Rijk werd ondertekend, werd het nooit van kracht: het Ottomaanse Rijk werd in 1922, na de door Mustafa Kemal Atatürk geleide Turkse Onafhankelijkheidsoorlog, opgevolgd door de republiek Turkije, die het verdrag nooit ratificeerde.

Literatuur[bewerken]

  • Laura M. Adkisson Great Britain and the Kemalist Movement for Turkish Independence, 1919-1923, Michigan 1958
  • Paul C. Helmreich From Paris to Sèvres. The Partition of the Ottoman Empire at the Peace Conference of 1919-1920, Ohio 1974, S. 3-5, der gesamte Vereinbarungstext befindet sich auf S. 341f.
  • Patrick Balfour Kinross Atatürk: a biography of Mustafa Kemal, father of modern Turkey, New York 1965
  • Sir Frederick B. Maurice The Armistices of 1918, London 1943