Waterleiding

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Nieuwe waterleiding ingewerkt onder de Mangerebrug in Auckland, Nieuw Zeeland

Een waterleiding is een leiding waardoor water wordt getransporteerd. Met een waterleiding wordt meestal de leiding voor het transport en de distributie van drinkwater bedoeld. Deze leidingen liggen hoofdzakelijk in de grond en bevinden zich tevens in huizen en gebouwen. Van oudsher zijn hout, grijs gietijzer en asbestcement gebruikt voor de distributie van water, en loden leidingen inpandig.

Sinds de jaren 1960-'70 worden in Nederland met name kunststofleidingen gebruikt, namelijk polyetheen (PE) en polyvinylchloride (PVC). Andere materialen die ook zijn toegepast zijn onder meer koper, lood, nodulair gietijzer en staal.

De drinkwatervoorziening en -kwaliteit is in Nederland geregeld in de Waterleidingwet en het Waterleidingbesluit. Bovendien geldt de Kaderrichtlijn Water voor de drinkwaterbronnen.

Materialen[bewerken | brontekst bewerken]

Metalen[bewerken | brontekst bewerken]

Lood[bewerken | brontekst bewerken]

De loden leidingen worden tegenwoordig niet meer in huizen aangelegd. In oude huizen treft men ze echter nog weleens aan. Lood lost langzaam in water op en het loodgehalte stijgt dan ook vooral in stilstaand leidingwater. Vroeger moest men vóór het drinken het water altijd eerst een tijdje laten stromen, zodat de leidingen werden doorgespoeld en het loodgehalte in het water flink afnam. In moderne woningen is dit zelden meer nodig. Naast het oplossen van lood kunnen ook looddeeltjes van deze leidingen loslaten, met name door snelle drukwisselingen. Komt het loodgehalte boven een bepaalde waarde, dan loopt men de kans op (chronische) loodvergiftiging bij consumptie van water uit loden leidingen.

Gegalvaniseerd staal[bewerken | brontekst bewerken]

Loden leidingen werden aanvankelijk vervangen door leidingen uit gegalvaniseerd staal. Deze leidingen zijn stijf en worden door middel van koppelstukken met schroefverbinding opgebouwd. Het heeft als voordeel dat de materiaalkosten laag zijn, en dat de robuustheid veel hoger is dan bij andere materialen. Installeren vergt echter veel inspanning (en is daardoor duurder), de leidingen zijn minder nauwkeurig te passen en moeilijk uit te breiden na afwerking. Op termijn kan vernauwing optreden door aanslag en roestvorming in de buizen. Gegalvaniseerd staal wordt dan ook steeds minder gebruikt.

Koper[bewerken | brontekst bewerken]

Waterleidingbuizen van koper kunnen door middel van messing knelkoppelingen of solderen met soldeerfittingen en soldeertin aan elkaar worden verbonden. In soldeer voor drinkwaterleidingen mag geen lood meer zijn verwerkt.

Kunststof[bewerken | brontekst bewerken]

Kunststofleidingen kunnen aan elkaar worden verlijmd of versmolten (bijvoorbeeld door spiegellassen) of kunnen met speciale klemfittingen worden verbonden.

Watertoren van 1933-1934

Kwaliteit[bewerken | brontekst bewerken]

Drinkwaterleidingen moeten voldoen aan de kwaliteitseisen die geregeld zijn in de Regeling materialen en chemicaliën leidingwatervoorziening.[1] Kiwa is de enige organisatie die door het ministerie van VROM is erkend om drinkwaterleidingen te certificeren.[2]

Leidingdruk[bewerken | brontekst bewerken]

Om een watervoorraad te hebben en de druk in het waterleidingnet constant te houden, werden veel watertorens gebruikt. De waterdruk is dan evenredig met de hoogte van de watertoren: voor iedere tien meter stijgt de druk met ca. 10 N/cm² (ofwel 100 kilopascal). Thans is het gebruik van watertorens in Nederland veelal afgeschaft en wordt de druk geproduceerd door elektrische pompen. In hoge gebouwen is een hydrofoor (drukverhogingspomp) noodzakelijk.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Vraagteken Er wordt getwijfeld aan de juistheid van het volgende gedeelte
Raadpleeg de bijbehorende overlegpagina voor meer informatie, en pas na controle desgewenst het artikel aan.
Opgegeven reden: Sterk op Nederland gericht (zo worden irrigatiesystemen en aquaducten niet genoemd) en vanwege de combinatie van de niet erg zakelijke schrijfstijl op basis van een op geschiedkundig gebied niet-professionele bron ook twijfel aan verifieerbaarheid.

Voordat waterleidingen bestonden, haalden mensen hun drinkwater uit de gracht - dezelfde gracht waar ze ook hun ontlasting dumpten en waar boten doorheen voeren. Jacob van Lennep, een Nederlands schrijver, taalkundige en politicus, was op vakantie in de duinen bij Haarlem. Hij kreeg eens op een zomerse dag een glas water van zijn vrouw Henriëtte Röell en vond dat het water uit de duinen veel lekkerder smaakte dan het water uit Amsterdam. Het water uit Amsterdam vond hij maar niks. Hij bedacht een manier om het water uit de duinen naar Amsterdam te vervoeren zodat hij elke dag het lekkere water uit de duinen kon drinken. Hij was zelf een rijke advocaat en bekende schrijver, dus had hij wel een aantal bekenden die vast wel mee wilden helpen aan zijn project. In 1853 is in Nederland de eerste waterleiding in gebruik genomen. Deze liep uit de duinen van Haarlem naar Amsterdam, in handen van de Amsterdamsche Duinwater-Maatschappij. Zo kregen de mensen in Amsterdam beter drinkwater. Voor 4 cent mochten de mensen een emmer vullen met dit water uit de duinen. Even later waren er al bierbrouwers die het bier met dat water wilden brouwen. Ook daar is een waterleiding naar toe gemaakt.[3]

Referenties[bewerken | brontekst bewerken]

  1. wetten.nl - Zoekresultaten. overheid.nl.[dode link]
  2. Kiwa Corporate. 1kiwa.com Gearchiveerd op 24 oktober 2008. Geraadpleegd op 1 november 2008.
  3. Wie bedacht de eerste waterleiding?. krnwtr.nl.
Zie de categorie Water pipelines van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.