Carla Del Ponte

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Carla Del Ponte
Del Ponte, 2005
Del Ponte, 2005
Algemene informatie
Geboren Bignasco, 9 februari 1947
Nationaliteit Zwitsers
Carrière
1999-2007 Hoofdaanklager Joegoslavië-tribunaal
1999-2003 Hoofdaanklager Rwanda-tribunaal
Zie ook Leden van het Joegoslavië-tribunaal

Carla Del Ponte (Bignasco, 9 februari 1947) is een Zwitsers juriste, afkomstig uit het Italiaanstalige deel van dat land.

De Ponte was sinds augustus 1999 de hoofdaanklager van het Joegoslavië-tribunaal. Van augustus 1999 tot september 2003 was zij tevens hoofdaanklager bij het Rwanda-tribunaal.

Loopbaan[bewerken]

Del Ponte studeerde rechten in Groot-Brittannië, Bern en Genève. In 1972 begon zij haar loopbaan bij een advocatenkantoor in Lugano. In 1981 werd ze daar openbaar aanklager.

De Ponte was sinds augustus 1999 de hoofdaanklager van het Joegoslavië-tribunaal. Van augustus 1999 tot september 2003 was zij tevens hoofdaanklager bij het Rwanda-tribunaal. In januari 2007 maakte ze bekend de Verenigde Naties niet te zullen vragen haar mandaat - dat op 15 september 2007 afliep - te verlengen, en op 31 december 2007 met deze functie te stoppen.

In 2008, publiceerde Del Ponte het boek "La Caccia" (verschenen in het Engels onder de titel "Madame Prosecutor"), waarin zij beweerde dat Albanese Kosovaren handel dreven in de organen van ontvoerde Serviërs. Dit, na het einde van de oorlog in Kosovo in 1999. Zij staafde deze bewering met overtuigend bewijsmateriaal. Het boek veroorzaakte de nodige controverse.[1]

In 2002 ontving ze een eredoctoraat van de Katholieke Universiteit Leuven.

Voorganger:
Louise Arbour
Hoofdaanklager van het Joegoslavië-tribunaal (1999-2007) Opvolger:
Serge Brammertz
Voorganger:
Louise Arbour
Hoofdaanklager van het Rwanda-tribunaal (1999-2003) Opvolger:
Hassan Jallow
Bronnen, noten en/of referenties