Eredoctoraat

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een eredoctoraat (doctoratus honoris causa) is een doctoraat dat wordt verleend aan personen die een uitzonderlijke prestatie hebben geleverd in de wetenschap, zonder dat daarover verslag is gelegd in een proefschrift. Ook komt het voor dat iemand een eredoctoraat krijgt voor niet-academische prestaties, bijvoorbeeld op maatschappelijk gebied of in de politiek. Overigens kunnen ook degenen die langs reguliere weg hun doctorsgraad hebben verkregen door het schrijven van een proefschrift, een eredoctoraat van een andere universiteit ontvangen bij wijze van bijzonder eerbewijs voor academische prestaties. Vaak wordt dit eredoctoraat uitgereikt bij feestelijke gelegenheden.

Titel[bewerken]

De persoon die dit eredoctoraat ontvangt mag de academische graad doctor honoris causa voeren en afgekort als dr.h.c. voor zijn naam zetten. Bij meerdere eredoctoraten wordt wel de titel dr.h.c.mult. (van multiplex, meervoudig) gevoerd. De titel dient onderscheiden te worden van de gewone doctorstitel dr., die verkregen wordt door een wetenschappelijke promotie. Bij gebruik van meerdere academische titels worden de normale regels in titelvolgorde aangehouden, met als uitzondering dat de eredoctorstitel 'achter' een gewone doctorsgraad staat maar voor alle andere academische graden gaat. Voorbeeld: Prof. dr. dr.h.c.mult. mr. ir. J. van den Berg.

Personen die zeer veel eredoctoraten ontvingen[bewerken]

Architect en dichter Richard Buckminster Fuller werd 47 maal door een universiteit vereerd met de titel, aan dalai lama Tenzin Gyatso verleende men reeds meer dan zestig maal een eredoctoraat. De Belgische farmacoloog, dr. Paul Janssen, werd 22 maal vereerd met de titel. De pionier van stervensbegeleiding en waardig sterven Elisabeth Kübler-Ross kreeg 19 eredoctoraten voor haar werk, terwijl de Poolse seksuoloog Kazimierz Imieliński er 56 wist te verwerven. Ook Nelson Mandela werd reeds meer dan 50 maal geëerd met de titel. Het record was lange tijd in handen van de katholieke theoloog Theodore Hesburgh, die gedurende 35 jaar rector was van de Universiteit van Notre Dame. Hij ontving 150 eredoctoraten. Echter de Japanse auteur en filosoof Daisaku Ikeda ontving in 2013 zijn meest recente eredoctoraat van de Universiteit KwaZulu-Natal wat zijn totaal 338 titels honoris causa maakt.

Bekendheden die een eredoctoraat ontvingen[bewerken]

In België[bewerken]

De Katholieke Universiteit Leuven heeft doorheen de eeuwen velen tot doctor honoris causa bevorderd. In de laatste tientallen jaren werden onder meer Jan Tinbergen, Rudolf Mössbauer, Eugène Ionesco, Óscar Romero, Christian de Duve, Umberto Eco, Alex Müller, Mario Vargas Llosa en Radhika Coomaraswamy geëerd. Jaarlijks worden meerdere eredoctoraten uitgereikt. De Universiteit Gent eerde onder meer Bob Geldof, David Attenborough, Herman Van Rompuy, Karel Van Miert, Jacques Rogge, Kofi Annan ,Desmond Tutu en Gerard Mortier.. De Université libre de Bruxelles gaf eredoctoraten aan Salvador Allende, Maurice Béjart, Andrej Sacharov, Václav Havel, Simon Wiesenthal, Marc Van Montagu en Kim Clijsters, de Université catholique de Louvain aan onder meer Boutros Boutros-Ghali, Barbara Hendricks, Herman Van Rompuy

In Nederland[bewerken]

Verschillende schrijvers hebben in Nederland een eredoctoraat ontvangen, onder meer Henriette Roland Holst, Harry Mulisch, Kees Fens, Willem Frederik Hermans, Cees Nooteboom, Salman Rushdie, V.S. Naipaul, Simon Vestdijk en Gerrit Komrij.

Verdere voorbeelden zijn Albert Heijn, Wim Kok en Bill Gates (beiden van Universiteit Nyenrode), Ruud Lubbers, Al Gore en Kofi Annan (Universiteit van Tilburg), Koningin Beatrix en Nelson Mandela (beiden van Universiteit Leiden), Gerrit Krol en Beyers Naudé (beiden van Vrije Universiteit Amsterdam), Winnie Mandela (1986, Universiteit Utrecht) en Gerrit Zalm (Vrije Universiteit Amsterdam). Ook Joop van den Ende en Jan Peter Balkenende hebben een eredoctoraat.

Beroering over eredoctoraten[bewerken]

dr.h.c.mult. Elena Ceaușescu krijgt een eredoctoraat in Manilla

In de praktijk wordt door sommigen het eredoctoraat beschouwd als een chic relatiegeschenk. Helmut Kohl kreeg bijvoorbeeld al tientallen academische titels, en het gerucht gaat dat hij, als men hem niet nog een titel in het vooruitzicht stelt, geen lezing op een universiteit wil geven.[bron?]

In Nederland ontstond enige beroering toen de Universiteit Nyenrode aan Albert Heijn een eredoctoraat verleende, zogenaamd voor het in Nederland introduceren van de streepjescode, maar in werkelijkheid omdat Heijn een leerstoel had gefinancierd. Uit protest probeerden de Utrechtse wetenschappers André Klukhuhn en Piet Vroon in januari 1993 hun doctoraatsbul in te leveren. Dit bleek echter niet mogelijk.

Over het eredoctoraat aan Winnie Mandela ontstond discussie, toen zij bij aanzetten tot moord in Zuid-Afrika betrokken bleek te zijn: de executies van tegenstanders met brandende autobanden (neckties).

Elena Ceauşescu wist tijdens de regering van haar man Nicolae Ceauşescu het fabeltje te verspreiden dat ze een groot chemicus was. Niet alleen de Roemeense universiteiten accepteerden dit klakkeloos, maar ook het westen. Bij buitenlandse bezoeken van het paar werden haar regelmatig eredoctoraten toegekend. Een politieke reden zat hier ook achter: omdat men hoopte dat Roemenië bij een conflict het westelijke kamp zou kiezen, moest alles worden gedaan om de Roemeense leider te plezieren. Pas na de val van Ceauşescu werd bekend dat Elena nauwelijks haar lagere school had afgemaakt, laat staan dat ze een hogere opleiding had gevolgd. Haar scheikundeproefschrift (over de stereospecifieke polymerisatie van isopreen) zal zij dus niet zelf hebben geschreven. De universiteiten kregen het schaamrood op de wangen.

De titel dr.h.c. wordt ook toegekend voor maatschappelijke of politieke prestaties. Er was dus geen bedrog in het spel: zij was gewaardeerd als vrouw van de Roemeense president, niet als scheikundige. Een gewone doctorstitel is echter niet vereist om een dr.h.c. toe te kennen: Moeder Teresa en Sandra Brown kregen ook eredoctoraten: geen van beiden was doctor of PhD. Dr.h.c.mult. Elena Ceauşescu mocht dus eervol haar titel voeren. Het annuleren van dergelijke titels is soms onmogelijk, gezien de reglementen van sommige universiteiten, zo is haar man nog steeds eredoctor van de Universiteit van Nice.[1]

Ook het feit dat Prins Filip van België in 2002 een eredoctoraat verkreeg op het patroonsfeest (2 februari, Maria Lichtmis) van de Katholieke Universiteit Leuven (K.U. Leuven) werd door veel wetenschappers in België als een belediging ervaren. Met dit eredoctoraat wilde de K.U. Leuven de inzet van de prins erkennen voor de Europese en internationale positionering van het land. De motivatie van de Leuvense Academische Raad was als volgt

"De prins besteedt bijzondere aandacht aan de wereld van onderwijs en onderzoek, hij beklemtoont de rol van het gezin in de hedendaagse samenleving en hij komt op voor nationale en internationale solidariteit".

Meer dan 225 wetenschappelijke medewerkers aan de K.U.Leuven vonden de toekenning van het eredoctoraat aan Prins Filip onterecht. Zij beschouwden het als een 'aanslag' op hun beroepseer. Ook onder studenten en in de media en de politiek was de kritiek groot. Later bleek dat de K.U. Leuven in eerste plaats 'het koninklijk instituut' te willen eren en niet noodzakelijk een wetenschappelijke of een maatschappelijke verdienste van de prins.

Gelijkaardige reacties vielen er in Nederland te horen toen de Universiteit Leiden op 8 februari 2005 een eredoctoraat uitreikte aan Koningin Beatrix, volgens de universiteit vanwege de wijze waarop zij het belang van de vrijheid telkens weer aan de orde had gesteld. De universiteit, die als motto Praesidium Libertatis draagt ("bolwerk van de vrijheid"), was op de dag af 430 jaar geleden gesticht, als geschenk van Willem van Oranje. Velen waren dan ook van mening dat hier de Oranjes werden gehonoreerd en niet de prestaties van de vorstin.

Externe links[bewerken]

Referenties[bewerken]

  1. Cristina Sbîrn Ceauşescu, "Doctor Honoris Causa" al Universității din Nisa şi după 35 de ani Adevărul, 6 januari 2010.