Al Gore

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Al Gore
Al Gore

Albert Arnold Gore


In functie
20 januari 1993 - 20 januari 2001
President Bill Clinton
Voorganger Dan Quayle
Opvolger Dick Cheney

In functie
3 januari 1985 - 2 januari 1993
Voorganger Howard Baker
Opvolger Harlan Mathews

In functie
3 januari 1983 - 3 januari 1985
Voorganger Robin Beard
Opvolger Bart Gordon

In functie
3 januari 1977 - 3 januari 1983
Voorganger Joe Evins
Opvolger Jim Cooper

Geboren 31 maart 1948
Washington D.C.
Politieke partij Democratische Partij
Partner Tipper Gore
Beroep Politicus
Auteur
Milieuactivist
Religie Baptisme

Albert Arnold "Al" Gore Junior (Washington D.C., 31 maart 1948) is een Amerikaanse Politicus en Milieuactivist van de Democratische Partij, voormalig vicepresident, en in 2007 onderscheiden met de Nobelprijs voor de Vrede.

Van 1993 tot 2001 was hij de 45ste Vicepresident van de Verenigde Staten, onder president Bill Clinton. Zelf was hij in 2000 presidentskandidaat, maar werd in de verkiezingen na diverse hertellingen en gerechtelijke procedures verslagen door de Republikeinse kandidaat George W. Bush. Op Bush hadden weliswaar minder kiesgerechtigde Amerikanen gestemd dan op Gore, maar hij wist niettemin het (doorslaggevende) grootste aantal kiesmannen achter zich te verzamelen.

Eerder was Gore lid van het Huis van Afgevaardigden voor Tennessee van 1977 tot 1985, waarna hij van 1985 tot aan zijn benoeming als vicepresident in 1993 Senator voor Tennessee was.

Op 12 oktober 2007 werd in Oslo bekend gemaakt dat aan Al Gore en het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) van de Verenigde Naties de Nobelprijs voor de Vrede 2007 was toegekend "voor het vergroten en verspreiden van de kennis over de door de mens veroorzaakte klimaatverandering en voor het bevorderen van maatregelen om deze tegen te gaan."


Inhoud

[bewerken] Korte levensloop

Al Gore junior is de zoon van Albert Gore senior, ooit senator voor de staat Tennessee voor de Democraten, en Pauline Gore. In zijn jeugd woonde hij gedurende het schooljaar in een hotel in de Amerikaanse hoofdstad Washington D.C., waar zijn vader werkte. In de zomer woonde hij in Carthage in Tennessee, waar hij op de boerderij van de familie werkte.

In 1965 werd Gore toegelaten tot Harvard, waar hij Tipper Aitcheson ontmoette, met wie hij later trouwde. Hij studeerde af in juni 1969, met als hoofdvak "Government" ('bestuurskunde'). Kort daarna gaf hij zich vrijwillig op voor dienst in de Vietnamoorlog. Hij was er oorlogscorrespondent tot 1971. Hierna was hij vijf jaar werkzaam als verslaggever voor de "Tennessean", een dagblad zetelend in Nashville.

In de lente van 1976 werd Gore gekozen in het Huis van Afgevaardigden. In 1978, 1980 en 1982 werd hij herkozen. In 1984 werd hij senator, wat hij bleef tot 1992, toen hij vicepresident werd. Hij deed een gooi naar de presidentsverkiezingen van 1988, maar werd in de Democratische voorverkiezingen verslagen door Michael Dukakis. In 1992 werd hij vicepresident onder Bill Clinton, en in 2000 was hij de Democratische kandidaat voor het presidentschap, maar hij werd verslagen door de Republikein George W. Bush. Sinds maart 2003 is Al Gore lid van de Raad van Bestuur van Apple Inc..

[bewerken] Controverses

Er waren enige controverses rondom Al Gore. Zo is het onduidelijk of hij tijdens zijn vijf maanden in Vietnam werkelijk enig gevaar heeft gelopen en, zo nee, of de invloed van zijn beroemde vader daar dan iets mee te maken had.

In 1999, tijdens een interview met CNN, zei Gore dat hij als lid van het Congres "het initiatief nam om het internet te creëren." Al snel werd dit door critici vervormd tot: "Al Gore beweert dat hij het internet heeft uitgevonden!", wat strijdig is met het feit dat het ARPANET, de voorloper van het Internet, ontstond in 1971, dus vijf jaar voordat Gore politicus werd. Direct bij het ontstaan van het internet betrokkenen zoals Vint Cerf en Robert Kahn benadrukten later dat Gore, in tegenstelling tot vele andere politici, begreep dat het internet ook voor andere dan de oorspronkelijke, militaire doeleinden gebruikt kon worden. In die zin heeft Gore wel degelijk een zeer belangrijke bijdrage geleverd aan initiatieven die van het internet gemaakt hebben wat het nu is; het hierboven vermelde citaat is wel onhandig geformuleerd.

Vooral tijdens de verkiezingen van 2000 werd er door de media kritiek geleverd op de door Gore op de universiteit behaalde cijfers. Op die kritiek valt wel wat af te dingen. Bij tests bleek Gore overigens een IQ van 134 te hebben.

[bewerken] Presidentsverkiezingen 2000

Waarom Gore de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2000 verloor is een onderwerp van veel discussie.

Een veel genoemd punt is dat Gore zich te duidelijk distantieerde van de door schandalen geplaagde Bill Clinton. Ondanks de schandalen was de politiek van Clinton zeer gewaardeerd, en men was van mening dat Gore een beter resultaat had kunnen behalen als hij, met distantiëring van de schandalen, zich duidelijker voor Clintons politiek had uitgesproken.

Andere kritiek luidde dat Gore zich te stijf en neerbuigend gedroeg in de campagne. Een voorbeeld hiervan was dat hij hoorbaar zuchtte tijdens een debat terwijl zijn opponent Bush vragen beantwoordde. Ook deed Gore tijdens de campagne uitspraken die door sommigen als misleidend of onjuist werden beschouwd.

Al Gore in Vietnam.
Al Gore en President Bill Clinton in 1996
Al Gore ontvangt de Nobelprijs voor de Vrede

Ook de invloed van Ralph Nader is genoemd. Als kandidaat voor de groene partij kreeg hij in totaal bijna 3% van de stemmen. Omdat men er vanuit gaat dat Nader meer stemmen bij Gore dan bij Bush wegtrok, neemt men aan dat dit in het nadeel van Gore werkte.

De verkiezingen waren wellicht de krapste in de geschiedenis van de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Gore kreeg meer stemmen dan Bush, maar door het systeem van kiesmannen, waarbij de winnaar in een staat alle stemmen van die staat krijgt (het zogenaamde winner takes all-principe), werd Bush uiteindelijk de winnaar. Bovendien was het verschil in de staat Florida uiterst klein (537 stemmen). Er werden hertellingen uitgevoerd, maar het Hooggerechtshof van de VS heeft die laten stoppen, in de rechtszaak Bush vs. Gore. De negen rechters van het Hooggerechtshof stemden 5-4.

[bewerken] An Inconvenient Truth

Na zijn nederlaag bij de verkiezingen van 2000, begaf Gore zich in het lezingencircuit. Hierbij uitte hij voornamelijk zijn bezorgdheid over de ecologische evolutie van onze planeet en de rol van de mens daarin. Gores lezingen vormden de basis voor de documentaire An Inconvenient Truth, een film over het broeikaseffect en de gevolgen ervan voor de mens in de komende vijftig jaar. Deze film was een groot succes in Amerikaanse bioscopen. Het is zelfs de op twee na meest bezochte documentaire ooit in Amerika, na Fahrenheit 9/11 en March of the Penguins. De film kreeg zeer lovende kritieken, maar ook kritische kanttekeningen uit wetenschappelijke hoek. Ook zorgde Gores verschijning in de film ervoor dat velen hem opnieuw naar voren schoven als kandidaat voor de presidentsverkiezingen van 2008. Op 25 februari 2007 kreeg deze documentaire tijdens de 79e uitreiking van de Oscars een Oscar voor 'Beste documentaire'. De Oscar werd uitgereikt aan filmmaker Davis Guggenheim.

Door zijn politieke tegenstanders wordt vaak het Argumentum ad hominem gebruikt dat Gore enige moeite lijkt te hebben om zijn eigen theorieën in de praktijk te brengen. Zo zouden cijfers van de Nashville Electric Service aantonen dat zijn energieverbruik tussen 12 en 20 keer van dat van een modaal gezin is en dat het verbruik sinds het uitbrengen van "An Inconvenient Truth", in 2005, is gestegen. In augustus 2006 verbruikte de familie Gore 22.619 kilowattuur, meer dan tweemaal wat een modaal gezin verbruikt in een jaar.

De documentaire zelf is omstreden vanwege een aantal wetenschappelijke onjuistheden. Na het horen van een aantal deskundigen besloot het High Court in Londen op 10 oktober 2007 dat de documentaire alleen over scholen in het Verenigd Koninkrijk verspreid mag worden indien tevens een schrijven wordt toegevoegd waarin leerlingen gewezen wordt op 9 wetenschappelijke onjuistheden in de documentaire.[1]

[bewerken] The Virgin Earth Challenge

Op 9 februari 2007 startte Gore samen met Richard Branson The Virgin Earth Challenge. Hierbij wordt er een prijs van 25 miljoen dollar uitgereikt aan diegene die een ontwerp kan laten zien dat de aarde tegen het broeikaseffect helpt en aan de stabiliteit van het klimaat van de aarde kan bijdragen.

[bewerken] Live Earth

Op 15 februari 2007 maakte Gore bekend dat hij samen met producer Kevin Wall een wereldwijd benefietconcert zou organiseren om mensen bewust te maken van de gevolgen van de opwarming van de aarde. Het concert vond plaats op 7 juli 2007, en werd verdeeld gehouden in acht belangrijke steden (minstens één stad per continent, inclusief Antarctica). Onder andere Madonna, Pharrell Williams, Genesis, Red Hot Chili Peppers, Keane en Snoop Dogg hebben hun medewerking verleend.

[bewerken] Externe link

[bewerken] Referenties

Voorgaande:
Muhammad Yunus / Grameen Bank (2006)

Nobelprijswinnaar voor de Vrede
Eerstvolgende:
Martti Ahtisaari (2008)

1901: Dunant, Passy · 1902: Ducommun, Gobat · 1903: Cremer · 1904: Institut de Droit International · 1905: Von Suttner · 1906: Roosevelt · 1907: Moneta, Renault · 1908: Arnoldson, Bajer · 1909: Beernaert, Balluet d'Estournelles de Constant · 1910: IPB · 1911: Asser, Fried · 1912: Root · 1913: La Fontaine · 1917: ICRC · 1919: Wilson · 1920: Bourgeois · 1921: Branting, Lange · 1922: Nansen · 1925: Chamberlain, Dawes · 1926: Briand, Stresemann · 1927: Buisson, Quidde · 1929: Kellogg · 1930: Söderblom · 1931: Addams, Butler · 1933: Angell · 1934: Henderson · 1935: Von Ossietzky · 1936: Lamas · 1937: Cecil · 1938: Office international Nansen pour les réfugiés · 1944: ICRC · 1945: Hull · 1946: Balch, Mott · 1947: Friends Service Council, American Friends Service Committee · 1949: Orr · 1950: Bunche · 1951: Jouhaux · 1952: Schweitzer · 1953: Marshall · 1954: Bureau van de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen · 1957: Pearson · 1958: Pire · 1959: Noel-Baker · 1960: Luthuli · 1961: Hammarskjöld · 1962: Pauling · 1963: ICRC, IFRC · 1964: King · 1965: UNICEF · 1968: Cassin · 1969: Internationale Arbeidsorganisatie · 1970: Borlaug · 1971: Brandt · 1973: Kissinger, Le Duc Tho · 1974: MacBride, Satō · 1975: Sacharov · 1976: Williams, Corrigan · 1977: Amnesty International · 1978: Sadat, Begin · 1979: Moeder Teresa · 1980: Esquivel · 1981: Bureau van de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen · 1982: Myrdal, Robles · 1983: Wałęsa · 1984: Tutu · 1985: IPPNW · 1986: Wiesel · 1987: Arias · 1988: VN-vredesmacht · 1989: Gyatso · 1990: Gorbatsjov · 1991: Suu Kyi · 1992: Menchú · 1993: Mandela, De Klerk · 1994: Arafat, Peres, Rabin · 1995: Rotblat, Pugwash Conferences on Science and World Affairs · 1996: Ximenes Belo, Ramos-Horta · 1997: ICBL, Williams · 1998: Hume, Trimble · 1999: AzG · 2000: Dae-jung · 2001: VN, Annan · 2002: Carter · 2003: Ebadi · 2004: Maathai · 2005: IAEA, El-Baradei · 2006: Grameen Bank, Yunus · 2007: Gore, IPCC · 2008: Ahtisaari ·

 
Persoonlijke instellingen
Boek maken