Bill Clinton

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Bill Clinton
William Jefferson Clinton
William Jefferson Clinton
Geboren 19 augustus 1946
Hope (Arkansas)
Politieke partij Democratische Partij
Partner Hillary Rodham Clinton (sinds 1975)
Beroep Politicus
Advocaat
Jurist
Hoogleraar
Religie Baptisme
Handtekening Handtekening
42e president van de Verenigde Staten
Aangetreden 20 januari 1993
Einde termijn 20 januari 2001
Vicepresident(en) Al Gore
Voorganger George H.W. Bush
Opvolger George W. Bush
40e en 42e gouverneur van Arkansas
Aangetreden 11 januari 1983
Einde termijn 12 december 1992
Voorganger Frank White
Opvolger Jim Guy Tucker
Aangetreden 9 januari 1979
Einde termijn 19 januari 1981
Voorganger Joe Purcell
Opvolger Frank White
50e procureur-generaal van Arkansas
Aangetreden 3 januari 1977
Einde termijn 9 januari 1979
Voorganger Jim Guy Tucker
Opvolger Steve Clark
Portaal  Portaalicoon   Politiek

William Jefferson (Bill) Clinton (Hope (Arkansas), 19 augustus 1946) is een Amerikaans politicus van de Democratische Partij. Hij was de 42e president van de Verenigde Staten van 1993 tot 2001.

Clinton was een jurist van beroep. Hij was van 1977 tot 1979 de procureur-generaal van Arkansas en van 1979 tot 1981 en van 1983 tot 1992 de 40e en 42e gouverneur van Arkansas. In 1992 won Clinton, samen met running mate Al Gore, de verkiezing van 1992 en versloeg daarmee de zittende president George H.W. Bush. Tijdens de verkiezingen van 1996 versloeg hij Republikein Bob Dole en werd daarmee verkozen voor een tweede termijn.

Clinton is getrouwd met de voormalige minister van Buitenlandse Zaken en oud-senator Hillary Rodham Clinton. Samen hebben ze één dochter Chelsea.

Biografie[bewerken]

Jeugd[bewerken]

Bill Clinton werd geboren in de staat Arkansas en groeide op in Hot Springs in dezelfde staat. Zijn naam, William Jefferson Blythe III, verwijst naar die van zijn vader, William Jefferson Blythe Jr., die drie maanden voor zijn zoons geboorte overleed als gevolg van een auto-ongeluk. Clinton werd opgevoed door zijn moeder en zijn stiefvader Roger Clinton en ontworstelde zich geleidelijk aan zijn arme milieu. Toen hij in 1963 president John F. Kennedy tijdens een bezoek aan het Witte Huis ontmoette en Martin Luther King zijn historische "I Have a Dream"-toespraak gaf, besloot Clinton te streven naar een carrière in de politiek.

In 1968 studeerde hij af aan de Georgetown University en won de prestigieuze Rhodesbeurs voor de universiteit in het Engelse Oxford. In 1973 ontving hij de graad "Juris Doctor" aan de Yale Law School.

Tijdens zijn tijd aan de Yale Law School ontmoette hij Hillary Diane Rodham. Zij trouwden in 1975. Vijf jaar later, in 1980, werd hun enige kind geboren, dochter Chelsea Victoria.

Vroege carrière[bewerken]

Na enkele jaren als hoogleraar rechten te hebben onderwezen aan de Universiteit van Arkansas, werd Clinton procureur-generaal (Attorney General) van Arkansas.

In 1978 werd Clinton gekozen als de 40e Gouverneur van Arkansas, maar verloor de herverkiezing in 1980 aan zijn Republikeinse uitdager, Frank White. Clinton werkte de volgende twee jaar aan zijn comeback. In 1982 slaagde hij er in om opnieuw gekozen te worden als de 42e Gouverneur. Hij bekleedde in totaal drie termijnen lang (in 1981 beliep één termijn twee jaar; nadien bedroeg deze vier jaar) de positie van Gouverneur van Arkansas, te weten van 1979 tot 1981, en van 1983 tot 1992.

Nieuw gekozen gouverneur van Arkansas Bill Clinton en toenmalig president Jimmy Carter in 1978.

In 1992 stelde Clinton zich verkiesbaar voor de verkiezing van 1992. Door het winnen van de Golfoorlog leek president George H.W. Bush van een herverkiezing verzekerd. Verschillende prominente Democraten stelden zich daarom niet verkiesbaar. In de voorverkiezingen nam Clinton het op tegen Jerry Brown en Paul Tsongas. Clinton won de voorverkiezingen met grote meerderheid en hiermee de nominatie van de Democratische Partij. Hij koos Senator Al Gore van Tennessee als Running mate. Mede dankzij de slechte economie (Clinton: "It's the economy, stupid!" - vert.: "Het gaat om de economie, sukkel!"), een belastingverhoging, en zijn charisma, won Clinton samen met Al Gore de verkiezingen van 1992.

Presidentschap[bewerken]

Clinton was de eerste Democraat sinds Franklin D. Roosevelt die twee volledige ambtstermijnen als president vol maakte. Zijn verkiezing betekende het einde van een tijdperk van dominantie door de Republikeinen, die de president hadden geleverd gedurende de twaalf jaar daarvoor en gedurende 20 van de 24 jaar daarvoor. Deze verkiezing gaf de Democraten, voor het eerst sinds Jimmy Carter, weer de volledige controle over de drie belangrijkste takken van de federale overheid te weten beide kamers van het Congres en het presidentschap.

Meteen na zijn aantreden loste Clinton een verkiezingsbelofte in door de zogeheten "Family and Medical Leave Act" (1993) te tekenen, een wet die bedrijven vanaf een bepaalde omvang verplichtte hun werknemers onbetaald verlof te verlenen in geval van ernstige medische problemen of problemen binnen de familie. Dit deed meer goeds voor zijn populariteit dan zijn aarzeling een andere belofte in te lossen, die om de acceptatie van openlijke homoseksuelen in het leger te vergroten. Van links kwam de kritiek dat zijn aanpak te vrijblijvend was, terwijl rechts meende dat Clinton weinig begreep van het leger. Na een lange discussie besloten Clinton en het Pentagon tot een "Don't ask, don't tell"-beleid ("niet naar vragen, niet zeggen"), wat na een lange discussie op 22 december 2010 werd afgeschaft onder het presidentschap van Barack Obama.

Bill Clinton en Al Gore in 1993.

Onder Clinton was er gedurende de jaren '90 sprake van aanhoudende economische groei (die volgens het Office of Management and Budget al in april 1991 begon), afnemende werkloosheid en toenemende welvaart als gevolg van de hausse op Wall Street. In hoeverre dit te danken is aan Clinton is een veelbesproken kwestie. Veel positieve invloed ging ook uit van het Congres en van Alan Greenspan, het door Clinton herbenoemde hoofd van de Federal Reserve. Tevens speelde de combinatie van positieve technologische ontwikkelingen en de gunstige toestand van de wereldeconomie een rol, zaken waar Clinton weinig invloed op had.

Tussen 1992 en 1994 konden de Democraten een grote invloed uitoefenen, maar de zogeheten "mid-term" verkiezingen van 1994 werden een drama voor de partij. Ze verloren hun meerderheid in Huis en Senaat voor de eerste keer in 40 jaar. Dit kwam in belangrijke mate door de mislukte poging van zijn partner, Hillary Clinton, om een veelomvattend volksgezondsheidssysteem te creëren.

Na de verkiezingen van 1994 verschoof de aandacht vooral naar het "Contract with America" ("Contract met Amerika") gepropageerd door "Speaker of the House" (voorzitter) Newt Gingrich. Het in meerderheid Republikeinse Congres vocht met Clinton over de begroting. Clinton werd tijdens de verkiezingen van 1996 met een ruime marge herkozen ten koste van de

Republikeinse kandidaat Bob Dole. De Republikeinen hielden hun meerderheid in het Congres, maar verloren wel enkele zetels.

Het Huis van Afgevaardigden begon op 19 december 1998 een zogeheten "impeachment"-procedure tegen Clinton op grond van verdenkingen van meineed en tegenwerking van de rechtsgang. De Senaat besloot echter op 12 februari 1999, in een rechtszaak die begon op 7 januari, om Clinton niet te veroordelen, waardoor hij zijn tweede termijn kon afmaken. De procedure draaide om de verdenking van machtsmisbruik en meineed. Clinton zou gelogen hebben over zijn affaire met Monica Lewinsky, iets wat ontdekt werd tijdens het onderzoek naar het verder ongerelateerde Whitewaterschandaal.

Hij zou dit gedaan hebben vanwege een andere zaak, een klacht van Paula Jones over aanranding. Deze zaak werd later geschikt voor $850.000. Een federale rechter veroordeelde Clinton vanwege minachting van het hof (het liegen in een verklaring) tot het betalen van een boete van $90.000. Om de procedures te vermijden om hem zijn recht tot uitoefenen van het vak van advocaat te ontnemen, leverde hij dit recht zelf in.

Bill Clinton en Paus Johannes Paulus II in 1993.

Een groot deel van Clintons presidentschap werd overschaduwd door schandalen of nep-schandalen, waaronder het al genoemde Whitewater-schandaal. Oorspronkelijk ging dit door Kenneth Starr geleide onderzoek over een mislukte gronddeal van jaren eerder, maar het breidde zich uit naar de zelfmoord van Clintons vriend Vince Foster, de affaires Paula Jones en Monica Lewinsky, en "Troopergate", een zaak die draaide om een "Trooper" van de staat Arkansas die beweerde seksuele ontmoetingen te hebben geregeld voor Clinton, destijds gouverneur. Later trok de Trooper die beweringen in en beweerde hij geld te hebben gekregen van het conservatieve blad "American Spectator". Iets dergelijks gold voor Jones, die toegaf geld te hebben ontvangen van conservatieve politieke groeperingen. Starrs opvolger, Robert Ray, stelde voor geen van de aanklachten vervolging in.

Clinton ontwikkelde een nauwe werkrelatie met Tony Blair, die in 1997 tot Britse premier was gekozen. Hij toonde persoonlijke belangstelling voor de Noord-Ierse problematiek en bezocht het gebied drie keer om de vrede te bevorderen. Dit leidde tot gesprekken tussen beide kampen, die uitmondden in de belofte van het Ierse Republikeinse Leger, op 23 oktober 2001, om zich te ontwapenen.

In 1999 slaagde Clinton er samen met het door de Republikeinen gedomineerde Congres in om voor het eerst sinds 1969 de begroting in evenwicht te brengen. Het echtpaar Clinton heeft één dochter, Chelsea Clinton. Op 6 september 2004 onderging Clinton een vierdubbele bypass-operatie. Nadien moest hij nog een lichte operatie ondergaan om littekenweefsel te verwijderen. Sindsdien toont Clinton zich een fervent anti-roker. Hij is bovendien veganistisch gaan eten.[1]

Yitzchak Rabin, Bill Clinton en Yasser Arafat in 1993.

Door Clinton getekende belangrijke wetgeving[bewerken]

  • Instelling van het vrijwilligersprogramma Americorps.
  • De "Crime Bill Expansion" uit 1994, onderdeel van meer omvattende misdaadwetgeving. De federale doodstraf werd hierin uitgebreid tot ongeveer zestig misdrijven.
  • Op 14 maart 1996 gaf Clinton zijn toestemming aan een 100 miljoen dollar kostende overeenkomst met Israël, die als doel had terroristen op te sporen en uit te schakelen.
  • "Brady-wet", dat onder andere een wachttijd verplicht bij aanschaf van wapens.
  • Telecommunicatiewetgeving die belangrijke eigendomsrechtenbeperkingen van radio- en televisiezenders ophief.
  • Communications Decency Act, een wet die er voor zorgt dat iemand die onzedelijk materiaal over het internet aan minderjarigen verspreidt, bestraft zou kunnen worden. De wet is omstreden bij groepen die de vrijheid van meningsuiting hoog in het vaandel hebben.
  • Hervorming van de bijstand. Clinton tekende dit na twee keer eerder een veto te hebben gegeven.
  • NAFTA, Noord-Amerikaanse Vrijhandelsovereenkomst.
  • Verhoging van het minimumloon.
  • Digital Millennium Copyright Act, een wet die muziekpiraterij tegen moet gaan.
  • Wetgeving die het staten onder andere mogelijk maakt om een in een andere staat gesloten huwelijk tussen mensen van hetzelfde geslacht niet te erkennen.
  • Iraq Liberation Act, waarmee het verdrijven van Saddam Hoessein officieel beleid werd.
Bill Clinton en toenmalig Russische president Boris Jeltsin in 1995.

Belangrijkste veto's[bewerken]

  • Begroting voor 1996. Clintons veto leidde tot een tijdelijke "sluiting" van de overheid.
  • H.R. 1833, gedeeltelijk abortusverbod.
  • Hervorming van de bijstand. Zie hierboven.

Benoemingen Oppergerechtshof[bewerken]

Belangrijkste door Congres geblokkeerde wetgeving[bewerken]

  • Hervorming van het volksgezondheidssysteem. (Zie ook hierboven.) Het plan, uitgedacht door een commissie onder leiding van Hillary Clinton, voor een universeel gezondsheidszorgprogramma liep stuk door zijn complexiteit en tegenstand van verzekeraars en de medische wereld. Het kreeg geen enkele stem voor.

Initiatieven[bewerken]

  • Hervorming van de sociale zekerheid. Clinton benoemde hiervoor een commissie, maar onderschreef haar bevindingen niet en initieerde geen wetgeving.
  • Probeerde Ehud Barak van Israël en Yasser Arafat, leider van de PLO ertoe te bewegen om een akkoord te sluiten over de Joodse nederzettingen.
  • Schiep het "Don't ask, don't tell"-beleid (zie hierboven) ten aanzien van homoseksuelen in het leger.
Bill Clinton en toenmalig premier van het Verenigd koninkrijk Tony Blair in 1998

Belangrijke data[bewerken]

  • 26 februari 1993 - Bij een terroristische aanslag op het World Trade Center komen 6 mensen om, en raken 1000 mensen gewond. Clinton reageert door op 26 juni van dat jaar bombardementen uit te voeren op Afghanistan.[bron?]
  • 19 april 1993 - De belegering door de FBI van een gebouw van de religieuze sekte Branch Davidians in Waco in de staat Texas vanwege vermeend illegaal wapenbezit leidt tot de dood van 80 mensen.
  • 20 juli 1993 - Clintons vriend en vertrouweling Vince Foster pleegt zelfmoord gedurende het onderzoek naar het Whitewater-schandaal, waarin Clinton van fraude beschuldigd werd.
  • 3 oktober 1993 - Vele US Rangers komen om tijdens de Slag om Mogadishu in Somalië. Het leger is woedend omdat het de apparatuur die het cruciaal achtte voor de operatie niet kreeg.
  • 1994 - Clinton zendt troepen naar Haïti om president Aristide weer aan de macht te helpen.
  • 14 januari 1995 - Clinton en de Russische president Boris Jeltsin tekenen de Kremlinakkoorden. Nucleaire raketten worden niet meer permanent gericht op strategische doelen. Tevens wordt Ruslands nucleaire arsenaal in Oekraïne ontmanteld.
  • 19 april 1995 - Een bom in een auto geplaatst voor een gebouw van de federale overheid in Oklahoma City in de staat Oklahoma doodt 168 mensen. Degene die de bom had geplaatst is de geboren Amerikaan Timothy McVeigh.
  • 14 november 1995 - Vanwege het vastlopen van begrotingsonderhandelingen tussen het Congres en de president moeten grote delen van het federale-overheidspersoneel tijdelijk naar huis. Deze situatie duurt tot januari 1996.
  • december 1995 - Clinton organiseert besprekingen op de Wright-Patterson Air Force Base in de staat Ohio, die uitmonden in de Dayton-vredesakkoorden, die leiden tot een tijdelijke wapenstilstand op de Balkan.
  • december 1995 - Clintons bezoek aan Ierland leidt tot de instelling van een internationale commissie voorgezeten door voormalig senator George Mitchell.
  • 6 november 1996 - Clinton wordt herkozen ten koste van de Republikeinse uitdager Bob Dole.
  • oktober 1997 - De Chinese premier Jiang Zemin bezoekt het Witte Huis.
  • augustus 1998 - Clinton beveelt aanvallen met kruisraketten op Afghanistan en op een fabriek in Soedan waarvan hij dacht dat er chemische wapens gemaakt werden. Het bleek een medicijnfabriek te zijn.
  • 16 december 1998 - Clinton en Blair bombarderen drie dagen lang Irak in de Operatie Desert Fox zonder toestemming van de VN. Volgens Clinton en Blair zou Irak massavernietigingswapens hebben.
  • 19 december 1998 - Impeachment (afzettingsprocedure) tegen Clinton begint.
  • voorjaar 1999 - Van 24 maart tot 10 juni bombardeert de NAVO Kosovo en Servië (de Kosovo-oorlog). Op 7 mei raken Amerikaanse bommen de Chinese ambassade in Belgrado. Daardoor komen er even problemen tussen de NAVO en China, want een ambassade van een land bombarderen is een aanval op dat land. De problemen worden snel opgelost. In juni capituleert Servië; en neemt de VN het bestuur van Kosovo op zich.
  • 5 oktober 2000 - De nederlaag van president Slobodan Milošević bij eerdere verkiezingen leidt tot massademonstraties in Belgrado en uiteindelijk tot het ineenstorten van het regime. Oppositieleider Vojislav Koštunica wordt op 6 oktober de nieuwe president.

Gratieverleningen[bewerken]

Aan het einde van zijn tweede termijn gaven peilingen aan dat meer dan 60% van de bevolking achter Clinton stond, ondanks een aantal controversiële gratieverleningen die hij vlak voor het einde van zijn presidentschap pleegde. Het is voor Amerikaanse presidenten namelijk gebruikelijk om aan het einde van hun ambtstermijn gratie te verlenen, maar in Clintons geval (140 op zijn laatste dag als president, waaronder aan mensen die zijn campagne hadden gefinancierd en aan een drugshandelaar) leidde dit - tijdelijk - tot een grote daling in populariteit.

Na het presidentschap[bewerken]

Presidentieel staatsieportret van Bill Clinton.

De eerste jaren na zijn presidentschap besteedde Clinton aan het verzilveren van zijn populariteit. Hij reisde de wereld rond om tegen royale vergoeding lezingen te houden, en kon zo zijn torenhoge advocatenrekeningen betalen. Eind 2004 werd in Little Rock, Arkansas, de Bill Clinton Presidential Library geopend. Belangrijkste spreker was George H.W. Bush (senior), die zijn opvolger veel lof toezwaaide. De voormalige president George W. Bush heeft zijn twee voorgangers samen op belangrijke missies gestuurd. Zo reisde het duo begin 2005 naar Azië om de Amerikaanse hulpverlening na de tsunami te coördineren, en vertegenwoordigden ze de VS bij de begrafenis in april 2005 van de paus. Na de orkaan Katrina, die in 2005 New Orleans en het zuiden van de Golf van Mexico-staten verwoestte, werden de twee oud-presidenten als "most distinguished citizens" belast met het inzamelen van giften voor de getroffen inwoners. Op 4 augustus 2009 wist Clinton, tijdens een bezoek aan de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-Il, de vrijlating van twee Amerikaanse journalistes te bewerkstelligen die enkele maanden eerder tot 12 jaar dwangarbeid waren veroordeeld wegens het illegaal oversteken van de grens.[2].

Amerikaanse presidentsverkiezingen 2008[bewerken]

Tijdens de Democratische voorverkiezingen voor het presidentschap in 2008 stond Clinton zijn vrouw Hillary bij in haar campagne. Zijn rol was dusdanig prominent dat Obama opmerkte dat hij soms niet wist "tegen welke Clinton" hij streed.

Bill Clinton samen met oud-president George W. Bush op bezoek bij president Barack Obama in 2010.

Clinton dreigde zijn hand te overspelen toen hij na de overwinning van Obama in South Carolina stelde dat (de zwarte) Jesse Jackson in 1984 tijdens de voorverkiezingen daar ook gewonnen had, maar uiteindelijk niet de Democratische kandidaat zou worden. Ook stelde hij dat Obama te weinig ervaring had voor het presidentsambt.[3] Een aantal Democratische prominenten vroegen Clinton zijn toon te matigen.[4] Uiteindelijk had de kritiek van Clinton niet het gewenste effect en verloor zijn vrouw na een spannende strijd de voorverkiezingen van Obama. Na enige tijd schaarden zij en haar man zich achter hem. Op de Democratische conventie in Denver sprak Bill Clinton zijn steun uit voor Obama en stelde hij dat Obama "klaar voor het presidentschap" was.[5]

Sleutelroman over Clinton[bewerken]

  • Anonymous (journalist Joe Klein): Primary colors: a novel of politics (1996), over de eerste campagne van Clinton in de Democratische voorronde (primary) van de presidentsverkiezing in 1992. Clinton heet hier Jack Stanton. Verfilmd in 1998 met John Travolta als Bill en Emma Thompson als Hillary.

Kabinet[bewerken]

Ministerie Naam Termijn
President Bill Clinton 1993–2001
Vicepresident Al Gore 1993–2001
Buitenlandse zaken Warren Christopher 1993–1997
Madeleine Albright 1997–2001
Defensie Les Aspin 1993–1994
William Perry 1994–1997
William Cohen 1997–2001
Financiën Lloyd Bentsen 1993–1994
Robert Rubin 1994–1999
Lawrence Summers 1999–2001
Justitie Janet Reno 1993–2001
Binnenlandse Zaken Bruce Babbitt 1993–2001
Landbouw Mike Espy 1993–1994
Daniel Glickman 1994–2001
Handel Ron Brown 1993–1996
Mickey Kantor 1996–1997
William Daley 1997–2000
Norman Mineta 2000–2001
Arbeid Robert Reich 1993–1997
Alexis Herman 1997–2001
Volksgezondheid en Sociale Zaken Donna Shalala 1993–2001
Volkshuisvesting en Stedelijke Ontwikkeling Henry Cisneros 1993–1997
Andrew Cuomo 1997–2001
Transport Federico Peña 1993–1997
Rodney Slater 1997–2001
Energie Hazel O'Leary 1993–1997
Federico Peña 1997–1998
Bill Richardson 1998–2001
Onderwijs Richard Riley 1993–2001
Veteranenzaken Jesse Brown 1993–1997
Togo West 1997–2000
Hershel Gober 2000–2001

Externe links[bewerken]

Voorganger:
Jim Guy Tucker
Procureur-generaal van Arkansas
1977-1979
Opvolger:
Steve Clark
Voorganger:
Joe Purcell
Gouverneur van Arkansas
1979-1981
Opvolger:
Frank White
Voorganger:
Frank White
Gouverneur van Arkansas
1983-1992
Opvolger:
Jim Guy Tucker
Voorganger:
George H.W. Bush
President van de Verenigde Staten
1993-2001
Opvolger:
George W. Bush
Wikiquote Wikiquote heeft een of meer citaten gerelateerd aan Bill Clinton.
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Joe Conason - Bill Clinton explains why he became a vegan. AARP the magazine. august/september 2013. URL: http://www.aarp.org/health/healthy-living/info-08-2013/bill-clinton-vegan.html
  2. Noord-Korea laat Amerikaanse journalisten vrij, NRC Handelsblad, 4 augustus 2009
  3. Onvermoeibaar blok aan het been, de Volkskrant, 5 juni 2008
  4. Emoties lopen hoog op in Democratisch moddergevecht, de Volkskrant, 28 maart 2008
  5. Bill Clinton spreekt steun uit voor Obama, de Volkskrant, 28 augustus 2008