Universiteit Utrecht

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Universiteit Utrecht
Latijnse naam Universitas Rheno-Traiectina of Universitas Ultraiectina
Motto Sol Iustitiae Illustra Nos (Zonne der gerechtigheid verlicht ons)
Locatie Utrecht, Nederland
Opgericht 1634 Illustere School, 1636 verheven
Type Vrij onderwijs
Rector Prof. dr. Bert van der Zwaan
Studenten 30.152 (2014) [1]
Staf 5.295 excl. Geneeskunde (2012) [1]
Lid van EUA, Utrecht Network, LERU, SAE
Website
Portaal  Portaalicoon   Onderwijs
Detail van het Academiegebouw van de Universiteit Utrecht.

De Universiteit Utrecht (UU) is een Nederlandse universiteit die gevestigd is in de stad Utrecht. Tot halverwege de jaren 1990 heette ze Rijksuniversiteit Utrecht (RUU). Met meer dan 30.000 studenten (en een jaarlijkse instroom van 6.500 nieuwe studenten) is de UU de op een na grootste universiteit van Nederland. Aan de universiteit zijn ongeveer 8.000 medewerkers verbonden, waarvan 640 hoogleraren. De universiteit biedt bacheloropleidingen, minors en masteropleidingen aan, alsmede promotietrajecten. De UU heeft zeven faculteiten, en heeft een totaal jaarbudget van circa 761 miljoen euro.

Geschiedenis[bewerken]

In 1634 ontstond de Utrechtse illustere school waar, na de Latijnse school, een vervolgopleiding kon worden gevolgd. De illustere school werd verbonden aan de Hiëronymusschool en twee jaar later verheven tot universiteit. De opening van de Universiteit Utrecht vond plaats op 26 maart 1636. De inaugurale rede werd gehouden door de invloedrijke hoogleraar theologie Gisbertus Voetius; de eerste rector magnificus was hoogleraar rechten en wiskunde Bernardus Schotanus.[2] De universiteit telde bij de opening enkele tientallen studenten en er werkten zeven hoogleraren aan vier faculteiten: de filosofische, die een propedeutische opleiding aan alle studenten bood, en de drie hogere faculteiten, de theologische, de juridische en de medische.

Utrecht bloeide in de zeventiende eeuw op, ondanks de concurrentie van de oudere universiteiten van Leiden (1575), Franeker (1585) en Groningen (1614) en van de illustere scholen van Harderwijk (1599, universiteit vanaf 1648) en Amsterdam (1632). Vooral Leiden was een geduchte concurrent van Utrecht. Daarom moesten er de nodige investeringen worden gedaan. De stadsbibliotheek in de Janskerk kreeg de functie van universiteitsbibliotheek. Het Catharijnegasthuis werd voor de medische faculteit in 1636 een academisch ziekenhuis. Een medische kruidentuin kon in 1639 worden aangelegd op bolwerk Sonnenborgh. Drie jaar daarna richtte men op de Smeetoren een sterrenwacht in, die later ook gebruikt werd voor weerkundige waarnemingen. In deze beginjaren werd tevens de Maliebaan geopend waar het maliespel gespeeld kon worden.

De universiteit trok vele studenten uit het buitenland aan, met name Duitsers, Engelsen en Schotten. Zij waren getuigen van de intellectuele en theologische strijd die de aanhangers van de nieuwe filosofie (René Descartes woonde een tijdlang in Utrecht) leverden met de aanhangers van de orthodoxe theoloog Voetius, de eerste hoogleraar van de universiteit.

De Franse bezetter degradeerde in 1810 de Utrechtse universiteit tot 'école secondaire' (middelbare school), maar na de oprichting van het Koninkrijk der Nederlanden in 1813 kreeg de universiteit haar oude rechten terug. In 1817 werden Leiden, Groningen en Utrecht de drie Rijksuniversiteiten (zgn. 'hoge scholen') van het Noordelijke deel van de nieuwe staat. Leiden kreeg de titel van 'eerste' hoge school. Utrecht speelde een prominente rol in de opbloei van de Nederlandse natuurwetenschap. Rond 1850 vormde zich de zogenaamde 'Utrechtse school' in de natuurwetenschappen, met als kopstukken de hoogleraren Harting, Mulder, Buys Ballot en Donders. Zij introduceerden in Nederland het onderwijslaboratorium als oefenplaats voor hun studenten. De Rijks Veeartsenijschool werd in 1918 een hogeschool en vanaf 1925 de faculteit Diergeneeskunde van de universiteit.

Met het begin van de Tweede Wereldoorlog bleef de universiteit geopend. Joodse hoogleraren werden al in het eerste oorlogsjaar geschorst. Ook Joodse studenten werden buiten de universiteit gezet. Eind 1942 eiste de Duitse bezetter de naamregisters op in verband met tewerkstellingen. De universiteit weigerde deze te overhandigen. Een aantal studenten ging er vervolgens toe over om de studentenadministratie in brand te steken. Sommige studenten verzorgden onderdak voor kinderen uit joodse families via het Kindercomité en Kindjeshaven. Truus van Lier ging over tot gewapend verzet en schoot in 1943 de Utrechtse NSB-hoofdcommissaris van politie G.J. Kerlen dood.

De Universiteit Utrecht is vertegenwoordigd in de Stichting Academisch Erfgoed, een stichting die als doel heeft om universitaire collecties en cultuurschatten in stand te houden.

Faculteiten[bewerken]

Het Willem C. van Unnikgebouw (voorheen Transitorium II)
Universiteit Utrecht aan de Leuvenlaan 19 in De Uithof

De gebouwen van de Universiteit Utrecht zijn over de stad verspreid. De meeste faculteiten zijn gevestigd in de Uithof, een gebied dat net ten oosten van de stad ligt en ten zuiden van De Bilt. Een grote faculteit (Recht, Economie, Bestuur en Organisatie) en een grote subfaculteit (Letteren) zijn gevestigd in de binnenstad.

De zeven faculteiten van de UU zijn:

Naast de faculteiten zijn er binnen de UU nog drie onderwijsorganisaties:

Faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie[bewerken]

De faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie (afgekort REBO) bestaat uit de volgende departementen:

De faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie kent drie studieverenigingen, die opkomen voor de belangen van studenten, maar vooral ook studie-inhoudelijke en sociale activiteiten organiseren:

  • JSVU (rechtsgeleerdheid)
  • ECU '92 (economie en bedrijfseconomie)
  • Perikles (bestuurs- en organisatiewetenschap)

Faculteit Bètawetenschappen[bewerken]

De faculteit Bètawetenschappen is in november 2004 ontstaan als fusie en bestaat uit de volgende departementen:

Departement Studies
Farmaceutische wetenschappen Farmacie
Biologie Biologie
Scheikunde Scheikunde
Natuur- en sterrenkunde Natuur- en sterrenkunde
Wiskunde Wiskunde; Wiskunde en toepassingen
Informatica Informatica; Informatiekunde

Voorheen waren dit zelfstandige faculteiten, behalve de laatste twee, die samen een faculteit vormden.

De faculteit wordt geleid door een decaan (momenteel Gerrit van Meer) en twee vice-decanen. Het onderwijs van de faculteit is ook ondergebracht in scholen, namelijk:

  • Undergraduate School Bètawetenschappen (bacheloropleidingen)
  • Graduate School of Natural Sciences (masteropleidingen in richtingen wiskunde, natuurkunde, informatica, scheikunde, wijsbegeerte en toepassingen)
  • Graduate School of Life Sciences (masteropleidingen in richtingen biologie, farmacie, scheikunde, diergeneeskunde, geneeskunde en biomedische wetenschappen)
  • Utrecht School of Pharmacy (masterprogramma dat opleidt tot apotheker)

De faculteit Bètawetenschappen kent vijf studieverenigingen, die opkomen voor de belangen van studenten, maar vooral ook studie-inhoudelijke en sociale activiteiten organiseren:

  • A-Eskwadraat (natuurkunde, wiskunde, informatica en informatiekunde)
  • Proton (scheikunde)
  • Sticky (informatica en informatiekunde)
  • UBV (biologie)
  • UP (farmacie)

Faculteit Geowetenschappen[bewerken]

De faculteit Geowetenschappen is met 5 bacheloropleidingen en 13 masteropleidingen het grootste opleidingscentrum op het terrein van geowetenschappen met ongeveer 2200 studenten. Deze faculteit bestaat uit de volgende departementen:

  • Aardwetenschappen
  • Milieu-maatschappijwetenschappen
  • Milieu-natuurwetenschappen
  • Natuurwetenschap en innovatiemanagement
  • Sociale geografie en planologie

Faculteit Diergeneeskunde[bewerken]

Faculteit Diergeneeskunde in het Polygoonjournaal (1962)

De faculteit Diergeneeskunde is de enige instelling in Nederland waar dierenartsen worden opgeleid, met ongeveer 1500 studenten en 1000 medewerkers. Deze faculteit bestaat uit de volgende departementen:

  • Biochemie en Celbiologie
  • Dier in Wetenschap en Maatschappij
  • Geneeskunde van Gezelschapsdieren
  • Gezondheidszorg Landbouwhuisdieren
  • Gezondheidszorg Paard
  • Infectieziekten en Immunologie
  • Institute for Risk Assessment Sciences (IRAS)
  • Pathobiologie

Om het onderwijs en onderzoek te faciliteren, beschikt de faculteit Diergeneeskunde over drie universiteitsklinieken:

  • Universiteitskliniek voor Gezelschapsdieren
  • Universiteitskliniek voor Paarden
  • Universitaire Landbouwhuisdierenpraktijk

Hier kunnen verschillende diersoorten op (meestal) doorverwijzing specialistische zorg krijgen, waarbij gelijktijdig studenten worden opgeleid. Gezamenlijk vormen de drie klinieken een academisch dierenziekenhuis, het grootste dierenziekenhuis buiten de Verenigde Staten.

Campus[bewerken]

De Universiteit heeft er voor gekozen een flink deel van haar budget in moderne architectuur op De Uithof te investeren. Zodoende staan er nu onder andere het Educatorium van Rem Koolhaas, een studentencomplex van Rudy Uytenhaak en een bibliotheek van Wiel Arets. De campus trekt daardoor veel bezoekende architectuurstudenten. In 2011 is het David de Wiedgebouw (vernoemd naar David de Wied) in gebruik genomen, ontworpen door Herman Hertzberger en Laurens Jan ten Kate.

Studentenleven[bewerken]

Het studentenleven speelt zich af bij studie- en studenten(sport)verenigingen. Zie voor een opsomming:

Enkele bekende alumni en medewerkers[bewerken]

Een aantal bekende personen is alumnus en/of (voormalig) medewerker van de UU, onder wie enkele winnaars van de Nobelprijs. Onder de eredoctores van de Universiteit Utrecht geniet vooral Winnie Mandela bekendheid (1986).

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

V

W

Z

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b Cijfers en feiten Geraadpleegd op 30 september 2014
  2. Jamin, Hervé (2001), Kennis als opdracht: De Universiteit Utrecht 1636-2001, Uitgeverij Matrijs, Utrecht