Rem Koolhaas

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rem Koolhaas
Rem Koolhaas
Rem Koolhaas
Persoonsinformatie
Nationaliteit Nederlands
Geboortedatum 17 november 1944
Geboorteplaats Rotterdam
Werken
Belangrijke gebouwen Nederlands Dans Theater, Prada, CCTV-toren, Kunsthal Rotterdam
Prijzen Pritzker-prize, Royal Gold Medal van het RIBA, European Union Prize for Contemporary Architecture/Mies van der Rohe Award 2005

Rem Koolhaas (Rotterdam, 17 november 1944) is een Nederlandse architect.

Inhoud

Levensloop[bewerken]

Remment Lucas Koolhaas werd geboren als zoon van de schrijver en filmcriticus Anton Koolhaas. Zijn grootvader was de architect Dirk Roosenburg (1887-1962). Tussen 1952 en 1956 woonde het gezin-Koolhaas in Indonesië. In Nederland ging Koolhaas naar de Nederlandse Filmacademie, waar hij zich specialiseerde in scenarioschrijven en samen met Jan de Bont, Frans Bromet, René Daalder, en Samuel Meyering in 1965 de 1,2,3 Groep vormde. Hij schreef onder andere het scenario voor De Blanke Slavin (1969; samen met Daalder). Ook werkte hij als journalist bij de Haagse Post. Van 1968 tot en met 1972 studeerde hij architectuur aan de Architectural Association School (AA) in Londen. Koolhaas verwierf in 1972 een beurs om een tijdlang in de Verenigde Staten te verblijven. Hij studeerde aan de Cornell University en werd daarna visiting fellow aan het Institute for Architecture and Urban Studies in New York.

In 1975 richtte Koolhaas met de architect Elia Zenghelis en hun beider echtgenotes, de beeldend kunstenaars Madelon Vriesendorp en Zoe Zenghelis, het architectenbureau Office for Metropolitan Architecture (OMA) op, dat vanaf dat moment een belangrijke rol zou spelen in het wereldwijde architectuurdebat, zij het in het begin vooral als "papieren architect". Dat wil zeggen dat OMA aanvankelijk bekend was van lezingen, prijsvragen, discussies en publicaties, maar niet van gerealiseerde gebouwen. Vooral het opzienbarende, maar niet uitgevoerde, prijsvraagontwerp voor de uitbreiding van de het Tweede Kamergebouw in Den Haag uit 1978 trok wereldwijd de aandacht.

Een invloedrijk boek van Koolhaas is Delirious New York, a retroactive manifesto, dat in 1978 verscheen en waarin Koolhaas probeerde om met terugwerkende kracht de onderliggende filosofie van Manhattan bloot te leggen. Een filosofie die nooit expliciet geformuleerd is (wie had dat moeten doen?) maar die tot uiting komt in de verschillende ontwikkelingen die Manhattan en New York gevormd hebben; van Coney Island tot Radio City Music Hall en van Central Park tot Rockefeller Center. Op de omslag van het boek staat een schilderij van Vriesendorp afgebeeld. Het verbeeldt het Empire State Building samen met het Chrysler Building in bed nadat ze de liefde hebben bedreven; een prachtig icoon voor de erotiek en de opwinding van "Delirious New York"

Centraal thema van het boek is The Culture of Congestion en wat die aan meerwaarde oplevert. Koolhaas zou gefascineerd blijven door plekken op de aarde waar bijzondere dingen gebeuren doordat veel mensen en menselijke activiteiten op een klein stuk grond worden geconcentreerd, en door het oxymoron, het met elkaar in verbinding brengen van twee onverenigbare grootheden (bijvoorbeeld het drijvende zwembad waarmee Russische Constructivisten de Stille Oceaan overstaken door de andere kant op te zwemmen) en dat bepalend zal zijn voor Koolhaas' niet aflatende pogingen om elk nadeel, elk probleem, elke negativiteit tot haar tegendeel om te vormen. Een houding die telkens weer bijzondere oplossingen genereert voor schier onmogelijke opgaven en een bijzonder (cultuur)positieve en optimistische bijdrage levert aan de internationale discussie over architectuur en stedenbouw.

Nederlandse ambassade, Berlijn.

Als bouwende architect brak Koolhaas in 1992 internationaal door met de bouw van de Kunsthal in Rotterdam. Andere in Nederland gerealiseerde ontwerpen waarmee het bureau zich in die beginjaren profileerde waren het Nederlands Danstheater in Den Haag en de Rotterdamse busterminal (gesloopt in 2004). Meervoudige opdrachten voor het stadhuis in Den Haag (1986) en het Nederlands Architectuurinstituut in Rotterdam (1988), gingen ondanks lovende juryrapporten en handtekeningenacties uit de architectenwereld niet naar Koolhaas. Vanaf de jaren 90 is het bureau vooral internationaal actief.

In 1995 verscheen OMA: S,M,L,XL een vuistdikke 'architectuurroman' waarin Koolhaas samen met grafisch vormgever Bruce Mau in een autobiografische/encyclopedische stijl zijn werken en denken tot op dat moment uiteen zette.

Toen het bureau in 1995 op de rand van een faillissement verkeerde werd samenwerking gezocht met de "De Weger"-adviesgroep te Rotterdam, die in 1997 opging in de Royal Haskoning-groep te Nijmegen. De samenwerking werd in 2002 beëindigd.

Eind jaren 90 besloot Koolhaas AMO op te zetten, een eigen researchinstituut dat een aantal samenwerkingsverbanden van het bureau (vooral die met Harvard Design School in Massachusetts) formaliseerde en een eigen continuïteit gaf. AMO werkt aan thema's als identiteit, cultuur, organisatie en programma en was onder andere betrokken bij de opdrachten voor Prada, het onderzoek naar de verplaatsing van Schiphol en de visuele communicatie rond de Europese Unie.

Als resultaat van langdurig onderzoek aan de Harvard-universiteit verschenen in 2001 The Harvard Design Guide to Shopping (over de opkomst van de shopping mall, de rol van de roltrap en de manier waarop 'shopping' in alle lagen van onze cultuur is doorgedrongen) en The Great Leap Forward (geschiedenis van China, met name gericht op de ultrasnelle groei van stedelijke agglomeraties als de Pearl River Delta). Publicaties over Lagos en De Romeinse Stad zijn in voorbereiding.

Gelijktijdig met de grote overzichtstentoonstelling 'Content' (Berlijn, Rotterdam 2003-2004) verscheen Content, een als tijdschrift vormgegeven vervolg op S,M,L,XL.

Werken[bewerken]

Pas in de jaren tachtig werden Koolhaas' eerste projecten gerealiseerd. Deze bevonden zich in Nederlandse steden: Amsterdam (het IJplein in Amsterdam-Noord; stedenbouwkundig plan en woongebouw); Den Haag (gebouw voor het Nederlands Dans Theater); en Groningen (een tweetal woongebouwen). Later volgden de Kunsthal in Rotterdam en het Educatorium in Utrecht. Vanaf de jaren 90 volgde het buitenland en werden plannen gerealiseerd in Frankrijk, de Verenigde Staten en Japan. In Nederland was het bureau verantwoordelijk voor masterplannen in o.a. Utrecht (Universiteitscomplex De Uithof), Groningen (Verbindingskanaalzone), Breda (Chassé-terrein) en Almere Centrum. Binnen dat laatste plan werd in 2006 de bioscoop Blok 6 naar ontwerp van OMA opgeleverd.

Den Haag heeft een relatief grote concentratie Koolhaas-gebouwen. Naast het genoemde Danstheater ontwierp Koolhaas ook de nieuwbouw van poppodium Paard van Troje en het Souterrain (een tramtunnel met twee stations en een ondergrondse parkeergarage). Voor de zomer van 2010 werd een begin gemaakt met het bouwrijp maken van bouwgrond voor station Den Haag Centraal. Hier had een 93 meter hoog kantoor/woongebouw naar ontwerp van OMA moeten komen. Door onenigheid tussen de gemeente en de projectontwikkelaar is dit prestigieuze project, dat in het voorjaar van 2010 door de Haagse gemeenteraad werd goedgekeurd, enkele maanden later afgeblazen.

In Peking heeft OMA de gebouwen van de CCTV en de daarnaast gelegen TVCC gebouwd. Met name het CCTV-gebouw (in de volksmond "de broek") is opzienbarend. Het bestaat uit twee benen met een vrijzwevende verbinding. Het TVCC-gebouw is tijdens de viering van Chinees nieuwjaar van 2009 (2 februari 2009) door een vuurwerkbrand zwaar beschadigd en wordt herbouwd.

'Generic City' in Nederland[bewerken]

Naast zijn spraakmakende architectuur heeft Rem Koolhaas ook het begrip 'Generic City' geïntroduceerd. Over dit stedenbouwkundig fenomeen is al veel gediscussieerd en geschreven, wat op internet tot uiting komt. De volgende korte citaten geven hiervan enigszins een beeld: De Generic City is niet gepland, maar gebeurt zomaar (Generic city is not planned, it just happens). - Begrippen als stad, straat, identiteit en architectuur zijn dingen van het verleden. - Het verleden is te klein om erin te wonen (The past is too small to inhabit). - De Generic City is de cultuur van onze tijd. - enz. Als voorbeelden van de Generic City worden vaak Aziatische steden genoemd zoals Kuala Lumpur, of steden in het Nabije Oosten zoals Dubai. Over voorbeelden in Europa is tot nu toe nog weinig bekend. En toch heeft Rem Koolhaas een kans gekregen om met dit concept in Nederland te werken, namelijk in de stad Den Haag. Voorwaarde voor deze ontwikkeling was de meegaandheid van de stadsstedenbouwer (Maarten Schmitt, van 1998-2009) en de voor de stedenbouw verantwoordelijke wethouder (Marnix Norder, van 2004-nu).

Voor veel Hagenaren kwam het verschijnsel Generic City in het centrum onverwacht, opvallend en in zo korte tijd, dat velen zich afvragen, welke gedachtengang of ontwerp-filosofie erachter zit. Dankzij een publicatie uit 2009 met de titel Den Haag - Maarten Schmitt, laat zich de stedenbouwkundige ontwikkeling van het Nieuwe Centrum in Den Haag nauwkeurig reconstrueren. In een interview tussen hoogleraar Ed Taverne (samen met Michelle Provoost, directrice van een stedenbouwinstituut) aan de ene kant en de stadsstedenbouwer Maarten Schmitt (ook lid van de Raad voor Cultuur en vroegere SAR-medewerker) aan de andere kant werden de volgende statements gepubliceerd:

Maarten Schmitt op pagina 71 van bovengenoemde publicatie: "Rem Koolhaas heeft, in de aanloop tot de bouw van het nieuwe Haagse stadhuis, het Spuikwartier getypeerd als een uniek gebied waarin het model van een soort dorp wordt ingevuld met gigantische bouwblokken op een schaal zoals zelden vertoond is in Nederland. Eigenlijk geldt die paradoxale combinatie ook voor de stad als geheel, in ieder geval voor het stadscentrum."

Maarten Schmitt op pagina 72: "De paradox van de programmatische noodzaak tot het realiseren van concentraties van gigantische hoogbouw in een stad waar hoogbouw in principe niet gewenst is, hebben we geprobeerd voor de praktijk beheersbaar te maken in de onder mijn leiding geschreven gemeentelijke Hoogbouwvisie Den Haag uit 2001."

De interviewers Ed Taverne en Michelle Provoost op pagina 76: "Maar de betekenis van met name ook Rem Koolhaas voor Den Haag is groter dan wat er op dit moment in de stad te zien is. En ook voor jouzelf als stedenbouwer, lijkt de persoonlijkheid van Koolhaas een bron van inspiratie te zijn, groter dan je op je website en in interviews geneigd bent toe te geven. Hoe zit dat precies?"

Als antwoord op deze vraag schrijft Maarten Schmitt op pagina 76: "Ik voel me vakinhoudelijk erg verwant, ...(Maarten loopt naar de boekenkast en haalt een overdrukje van "Generic City" te voorschijn). HET HIERIN AANGEKONDIGDE 'EINDE VAN DE HISTORISCHE STAD' LIJKT HELEMAAL TE ZIJN TOEGESNEDEN OP EEN STAD ALS DEN HAAG..."

Voor het Nieuwe Centrum van Den Haag werd dit het uitgangspunt van de stadsstedenbouwer Maarten Schmitt. Ook de Haagse wethouder Marnix Norder ondersteunde de ontwikkeling van de Generic City. In 2010 organiseerde hij zelfs een studiereis naar Dubai om verdere inspiraties te verzamelen voor de nieuwe wolkenkrabbers in Den Haag. Deze reis heeft later veel aandacht gekregen vanwege een rel over de reiskostenvergoeding. Na een bouwfase van enkele jaren is het resultaat van de Generic City in Den Haag pas sinds 2012 volledig te zien.

Het stedenbouwkundig concept van het Nieuwe Centrum van Den Haag is vrij uniek binnen de Europese stedenbouw. Op verschillende buitenlandse architectuurscholen wordt nu al over dit project gesproken. Daarbij komt de essentiele vraag naar voren: Hoe staat het concept Den Haag (menging van een belangrijke historische stad met de Generic City) ten opzichte van andere Europese steden zoals Amsterdam, Parijs, München of Bern, waar de historische centra "Generic-City-vrij" gebleven zijn.

Prijzen[bewerken]

Het McCormick Tribune Campus Center in Chicago. De verhoogde spoorlijn die door het gebied loopt is ingepakt in een aluminium buis. Onder de lijn is het nieuwe campusgebouw geplaatst.

Gerealiseerde gebouwen[bewerken]

Gesloopte gebouwen[bewerken]

Een chronologisch overzicht van alle studies, prijsvragen et cetera is te vinden op de website van OMA/AMO.

Wetenswaardigheden[bewerken]

  • Zijn neef Teun Koolhaas, die in 2007 overleed, was eveneens een bekende architect en stedenbouwkundige.
  • In het spel Star Trek Online is er een planetenstelsel naar Koolhaas vernoemd.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]