Daytona 500

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Flag of Florida.svg Daytona 500
Daytona International Speedway, Florida
Daytona International Speedway, Florida
Portaal  Portaalicoon   Autosport
Daytona 500 in 2008.

De Daytona 500 is een race die elk jaar in februari gehouden wordt op de Daytona International Speedway in Daytona Beach, Florida. De race maakt deel uit van de NASCAR Sprint Cup en wordt als de belangrijkste race van het jaar gezien in de NASCAR en tevens als een van de twee belangrijkste races in de Verenigde Staten naast de Indianapolis 500.

Oorsprong[bewerken]

Al bij het ontstaan van de autosport aan het begin van de twintigste eeuw werd er geracet op het strand van Daytona Beach. Rond de jaren dertig werd het racen met stock-cars, toen gewone personenwagens die "aangepast" werden, populair in de Verenigde Staten. Bill France, een autocoureur en mecanicien begon in 1947 gesprekken met andere coureurs, mecaniciens en teameigenaren om een nieuwe raceklasse op te richten. In 1948 werd de NASCAR opgericht. Dat jaar en devolgende jaren werd er een NASCAR race gehouden die gedeeltelijk op het strand van Daytona en gedeeltelijk op de openbare weg gereden werd. In 1955 maakte Bill France plannen bekend om een circuit te bouwen in Daytona Beach. Er werd met de bouw begonnen in 1957 en op 22 februari 1959 werd de eerste Daytona 500 gehouden op de Daytona International Speedway.

Kwalificaties[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Gatorade Duel voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Race[bewerken]

Vanaf 1959 wordt de race jaarlijks in februari gehouden op de Daytona International Speedway over een afstand van 500 mijl (804,7 km) en 200 ronden, met uitzondering van de race van 1974, die ingekort werd wegens de oliecrisis, de races die ingekort werden door het regenweer en de races die enkele ronden langer duurden omdat er na 200 ronden een gele-vlag situatie bestond en er nog twee extra rondes onder groen moest gereden worden.[1]

Coureurs[bewerken]

Richard Petty is met zeven overwinningen recordhouder van de race. Hij in won de eerste keer in 1964 en de laatste keer in 1981. Zijn vader Lee Petty won de allereerste Daytona 500 in 1959 nadat hij met drie dagen vertraging tot winnaar werd uitgeroepen nadat er op de fotofinish geen duidelijkheid was toen drie wagens zij aan zij over de eindmeet reden. Wereldkampioen Formule 1 uit 1968 Mario Andretti won de race in 1967. Viervoudig Indianapolis 500-winnaar A.J. Foyt won de race in 1972. Zevenvoudig Nascar kampioen Dale Earnhardt die de race won in 1998, kwam om het leven tijdens de race in 2001. Zijn zoon Dale Earnhardt Jr. won de race in 2004.

Winnaars[bewerken]

Jaar Winnaar Nr. Auto Start Ronden a/d leiding Prijzengeld Gem. snelheid (mph)
1959 Lee Petty 42 Oldsmobile 15e 38 $19 050 135,521
1960 Junior Johnson 27 Chevrolet 9e 67 $19 600 124,740
1961 Marvin Panch 20 Pontiac 4e 13 $21 050 149,601
1962 Fireball Roberts 22 Pontiac 1e 144 $24 190 152,529
1963 Tiny Lund 21 Ford 12e 127 $24 550 151,566
1964 Richard Petty 43 Plymouth 2e 184 $33 300 154,334
1965 Fred Lorenzen 28 Ford 4e 25 (op 129)[2] $27 100 141,539
1966 Richard Petty 43 Plymouth 1e 108 (op 198)[2] $28 150 160,927
1967 Mario Andretti 11 Ford 12e 112 $48 900 146,926
1968 Cale Yarborough 21 Mercury 1e 76 $47 250 143,251
1969 LeeRoy Yarbrough 98 Ford 19e 18 $38 950 157,950
1970 Pete Hamilton 40 Plymouth 9e 13 $44 850 149,601
1971 Richard Petty 43 Plymouth 5e 70 $45 450 144,462
1972 A.J. Foyt 21 Mercury 2e 167 $44 600 161,550
1973 Richard Petty 43 Dodge 7e 17 $36 100 157,205
1974 Richard Petty 43 Dodge 2e 73 (op 180)[3] $39 650 140,894
1975 Benny Parsons 72 Chevrolet 32e 4 $43 905 153,649
1976 David Pearson 21 Mercury 7e 37 $46 800 152,181
1977 Cale Yarborough 11 Chevrolet 4e 137 $63 700 153,218
1978 Bobby Allison 15 Ford 33e 28 $56 300 159,730
1979 Richard Petty 43 Oldsmobile 13e 12 $73 900 143,977
1980 Buddy Baker 28 Oldsmobile 1e 143 $102 175 177,602
1981 Richard Petty 43 Buick 8e 26 $90 575 169,651
1982 Bobby Allison 88 Buick 7e 147 $120 360 153,991
1983 Cale Yarborough 28 Pontiac 8e 23 $119 600 155,979
1984 Cale Yarborough 28 Chevrolet 1e 89 $160 300 150,994
1985 Bill Elliott 9 Ford 1e 136 $185 500 172,265
1986 Geoff Bodine 5 Chevrolet 2e 101 $192 715 148,124
1987 Bill Elliott 9 Ford 1e 104 $204 150 176,263
1988 Bobby Allison 12 Buick 3e 70 $202 940 137,531
1989 Darrell Waltrip 17 Chevrolet 2e 25 $184 900 148,466
1990 Derrike Cope 10 Chevrolet 12e 5 $188 150 165,761
1991 Ernie Irvan 4 Chevrolet 2e 29 $233 000 148,148
1992 Davey Allison 28 Ford 6e 127 $244 050 160,256
1993 Dale Jarrett 18 Chevrolet 2e 8 $238 200 154,972
1994 Sterling Marlin 4 Chevrolet 4e 30 $258 275 156,931
1995 Sterling Marlin 4 Chevrolet 3e 105 $300 460 141,710
1996 Dale Jarrett 88 Ford 7e 40 $360 775 154,308
1997 Jeff Gordon 24 Chevrolet 6e 40 $377 410 148,295
1998 Dale Earnhardt 3 Chevrolet 4e 105 $1 059 805 172,712
1999 Jeff Gordon 24 Chevrolet 1e 15 $1 172 246 161,551
2000 Dale Jarrett 88 Ford 1e 87 $1 277 975 155,669
2001 Michael Waltrip 15 Chevrolet 19e 23 $1 331 185 161,783
2002 Ward Burton 22 Dodge 19e 5 $1 409 017 130,810
2003 Michael Waltrip 15 Chevrolet 4e 68 (op 109)[2] $1 419 406 133,870
2004 Dale Earnhardt Jr. 8 Chevrolet 3e 59 $1 495 070 156,341
2005 Jeff Gordon 24 Chevrolet 15e 28 (op 203)[1] $1 497 150 135,173
2006 Jimmie Johnson 48 Chevrolet 9e 24 (op 203)[1] $1 505 120 142,734
2007 Kevin Harvick 29 Chevrolet 34e 4 (op 202)[1] $1 510 469 149,333
2008 Ryan Newman 12 Dodge 7e 8 $1 506 045 152,672
2009 Matt Kenseth 17 Ford 39e[4] 7 (op 152)[2] $1 536 388 132,816
2010 Jamie McMurray 1 Chevrolet 13e 2 (op 208)[1] $1 514 649 137,284
2011 Trevor Bayne 21 Ford 32e 6 (op 208)[1] $1 463 810 130,326
2012 Matt Kenseth 17 Ford 4e 50 (op 202)[1] $1 589 387 140,256
2013 Jimmie Johnson 18 Chevrolet Impala 9e 10 (op 200)[1] $1 525 275 159,250

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b c d e f g h De races van 2005, 2006, 2007, 2010, 2011 en 2012 duurde iets langer wegens de green-white-checker finish regel, waarbij de race niet gestopt wordt wanneer op het moment dat de volledige race afstand is afgelegd er gele vlag situatie is. Dan wordt de race verdergezet en vanaf het moment dat er een groene vlag situatie is nog twee ronden geracet.
  2. a b c d De races van 1965, 1966, 2003 en 2009 werden vroegtijdig beëindigd wegens regenweer.
  3. De race van 1974 werd ingekort als een reactie op de oliecrisis.
  4. Vertrok vanaf plaats 43 nadat hij was gestart in de reservewagen.