Don Rua
Don Rua (van 1910 tot 1958 Sint-Bonifatiushuis) is een voormalig klooster in 's-Heerenberg, in de Nederlandse provincie Gelderland. Een juvenaat van de Salesianen van Don Bosco in Ugchelen droeg tot 1958 al eerder de naam Don Rua.
Inhoud |
[bewerken] Geschiedenis
Het klooster werd in 1910 gesticht door Duitse jezuïeten die twee decennia eerder als gevolg van de Kulturkampf Pruisen hadden moeten verlaten. Zij noemden het Sint-Bonifatiushuis. In 1937 vertrokken de Duitstalige jezuïeten naar Bad Godesberg in het Duitse Rijk. Van 1937 tot 1958 verbleven de Witte Paters van Kardinaal Lavigerie in het gebouw. Zij hebben een onuitwisbare indruk nagelaten, vooral tijdens de moeilijke oorlogsjaren waren zij grote hulp en steun voor de getroffen lokale bevolking. Een straat in het grensstadje werd daarom te hunner ere van de naam Witte Paters voorzien door de gemeenteraad.
In 1958 betrokken Salesianen van Don Bosco vanuit Ugchelen het klooster om er tot 1971 te blijven. Zij gaven het klooster de naam Don Rua naar Pater Michele Rua S.D.B., die de rechterhand en eerste opvolger van de heilige Don Bosco werd als algemeen overste van de Salesianen. Ook hun juvenaat te Ugchelen had de naam Don Rua gedragen. Na zijn priesterwijding was de latere bisschop van Rotterdam Van Luyn S.D.B. leraar klassieke talen op dit kleinseminarie tussen 1964 tot 1967.
Het klooster functioneerde na 1958 als juvenaat, jongens in de leeftijd van 12 tot 21 jaar oud werden er opgeleid tot kloosterling, maar midden jaren '60 werd het een algemeen internaat van katholieke signatuur met gymnasiumonderwijs. Tot en met medio 1971 woonden er jongens, maar het aantal aanmeldingen en roepingen daalde snel en de paters van Don Bosco verkochten het pand. Nadat de functie van klooster verviel, was jarenlang het creativiteitscentrum Gouden Handen in het gebouw gevestigd.
[bewerken] Seksueel misbruik juvenaat Don Rua
In februari 2010 berichtten verschillende media dat enkele Salesianen van Don Bosco zich op juvenaat Don Rua zouden hebben vergrepen aan minderjarige leerlingen van het mannelijke geslacht. De rechter gaat hier niet meer over beslissen omdat alles uiteraard verjaard is [1] Het was voor het eerst dat zulke beschuldigingen in Nederland (na eerdere beschuldigingen in de Verenigde Staten, Canada, België, Ierland, Duitsland en elders) werden geuit. De Salesianen hebben besloten zelf ook een onderzoek naar de zaak te doen.
[bewerken] eerste publiciteit
NRC Handelsblad heeft naar eigen zeggen, sinds publicatie van verschillende artikelen,[2] ruim 30 meldingen over seksueel misbruik van minderjarige en adolescente jongens door paters en broeders Salesianen op Don Rua ontvangen. De meldingen betreffen de periode 1958-1980 en zowel juvenaat als internaat-gymnasium Don Rua, zowel ten tijde van de vestiging te Ugchelen als te 's-Heerenberg. Volgens NRC Handelsblad hebben drie vermeende daders inmiddels toegegeven zich schuldig te hebben gemaakt aan seksueel misbruik.
Eind november 2010 berichtte NRC Handelsblad[3] dat de congregatie der Salesianen in 2003 een financiële regeling met een misbruikte leerling heeft getroffen. Naar aanleiding van de berichtgeving op 26 november 2010 verklaarde de later afgezette generaal-overste Herman Spronck S.D.B. vanuit Rome het volgende.[4]
[bewerken] Het rapport van de commissie Deetman
In december 2011 verscheen het eindrapport van de commissie Deetman over Seksueel misbruik binnen de rooms-katholieke Kerk. Bevinding 13d in hoofdstuk 6 van dit rapport (pagina's 276 en 277) heeft betrekking op de Salesianen van Don Bosco. Geconstateerd wordt dat in de periode 1945-2000 tussen de 71 en 82 Salesianen kinderen hebben misbruikt. Op een totaal van 450 Salesianen in diezelfde periode, betekent dit dat 15 tot 18 procent van deze paters en broeders zich schuldig heeft gemaakt aan seksueel misbruik van minderjarigen. Hoewel dit moeilijk te documenteren is, is het het erg waarschijnlijk dat er een cultuur van het zwijgen bestond over deze zaken. De normen en voorschriften van de congregatie in gevallen van misbruik waren weliswaar streng, maar werden in de praktijk met grote soepelheid toegepast.
[bewerken] Park en kerkhof
Achter het klooster ligt een klein park dat vroeger tot het klooster behoorde. In het park bevindt zich een kruisweg, bestaande uit kapelletjes met reliëfs, die binnenkort gerestaureerd zullen worden. Ook lag er een kloosterkerkhof waarvan de laatste graven eind jaren '70 verplaatst werden naar de begraafplaats van de Salesianen in Leusden (Dodeweg 6). Na de verkoop van dit klooster werden hun overledenen te ruste gelegd op het katholieke kerkhof aan het einde van de Dodeweg.
Het voormalig klooster is gelegen vlakbij de zogenaamde Oude Grens, de grensovergang met Duitsland (richting Emmerik) nabij het historische centrum van 's-Heerenberg. In het gebied tussen het klooster en de grens is sinds ongeveer 2005 een nieuwbouwwijk verrezen. Het klooster heeft een flink deel van haar terrein moeten prijsgeven, zoals de sportvelden, het minizwembad en de boerderij.
| Bronnen, noten en/of referenties |