Elvis Costello

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Elvis Costello
Costello tijdens een optreden in 2006.
Costello tijdens een optreden in 2006.
Achtergrondinformatie
Volledige naam Declan Patrick Aloysius McManus
Geboren 25 augustus 1954 te Londen
Land Verenigd Koninkrijk
Beroep(en) zanger, songwriter, muzikant
Invloed(en) o.a. Dusty Springfield[1]
Portaal  Portaalicoon   Muziek
Elvis Costello, 1979

Declan Patrick Aloysius McManus (Londen, 25 augustus 1954), beter bekend als Elvis Costello, is een Brits muzikant, zanger en liedjesschrijver van Ierse afkomst.

Costello werkte midden zeventiger jaren als computerprogrammeur en trad in folkclubs op als D.P. Costello en was daarmee een vroeg lid van de pubrockscene in Londen. Zijn voornaam is afkomstig van Elvis Presley; zijn achternaam is die van zijn moeder.

In 1977 verscheen zijn eerste album, My Aim Is True, dat nog werd opgenomen met muzikanten van de Amerikaanse band Clover (voorloper van Huey Lewis and the News). Daarna kreeg Costello een vaste begeleidingsband. The Attractions, bestaande uit bassist Bruce Thomas, toetsenist Steve Nieve en drummer Pete Thomas. Op de albums This Year's Model (1978) en Armed Forces (1979) veranderde zijn stijl veranderde naar punkrock en new wave; Chelsea, Radio Radio, Oliver's Army en Accidents Will Happen werden hits.

Met het soulgetinte Get Happy (1980) begon een zoektocht naar een eigen geluid; dit album werd voorafgegaan door de Sam & Dave-cover I Can't Stand Up For Falling Down die oorspronkelijk op het 2 Tone-label van zijn favoriete skaband The Specials zou verschijnen, maar Warner wist dat via juridische stappen te voorkomen.

In 1981 toog Costello naar Nashville om het met covers gevulde country-album Almost Blue op te nemen; John McFee, oud-Clover-gitarist en inmiddels lid van de Doobie Brothers, verleende zijn medewerking. What A Good Year For The Roses werd een hit.

In 1982 verscheen het lovend ontvangen Imperial Bedroom en schreef Costello voor Robert Wyatt Shipbuilding, een aanklacht tegen de Falklandoorlog. Op dit nummer speelde ook Madness-bassist Mark Bedford mee. Als tegenprestatie ging Costello begin 1983 de studio in met de nutty boys om een nieuwe versie op te nemen van hun hit Tomorrow's Just Another Day. Clive Langer en Alan Winstnaley, de vaste producers van Madness, werden vervolgens ingeschakeld voor Punch the Clock en Goodbye Cruel World; deze albums lieten een voller, gepolijster geluid horen en werden door de critici (maar ook door Costello zelf) afgedaan als de slechtste in zijn algehele oeuvre.

Later volgden ook experimenten met klassieke muziek, zoals samenwerking met het Brodsky Quartet en Anne Sofie von Otter en met jazz, zoals een optreden in 2004 op het North Sea Jazz Festival met het Metropole Orkest en het schrijven van nummers en optreden met Burt Bacharach. Zijn affiniteit met klassieke muziek komt ook tot uiting in het feit dat hij sinds kort albums uitbrengt op het befaamde klassieke platenlabel Deutsche Grammophon. Het nummer She dat als titelsong werd gebruikt voor de film Notting Hill bereikte een hoge notering in de hitlijsten. In 2005 schreef Costello een opera over het leven van de Deense sprookjesschrijver Hans Christian Andersen in opdracht van de Royal Danish Opera in Kopenhagen.

Veel van Costello's albums werden geproduceerd door Nick Lowe. Zelf treedt Costello ook regelmatig op als producer, onder andere voor The Pogues. Costello hertrouwde in 1986 met de bassiste van die laatste band, Caitlin O'Riordan. Dit huwelijk duurde tot begin 21e eeuw. Inmiddels is Costello voor de derde keer getrouwd, nu met jazz-zangeres Diana Krall. Zij is in december 2006 bevallen van een tweeling.

In 2007 werd Costello tijdens een benefietconcert met Clover herenigd om nummers van My Aim Is True te spelen.

[bewerken] Discografie

  • My Aim Is True, 1977
  • This Year's Model, 1978
  • Armed Forces, 1979
  • Get Happy!!, 1980
  • Trust, 1981
  • Almost Blue, 1981
  • Imperial Bedroom, 1982
  • Punch the Clock, 1983
  • Goodbye Cruel World, 1984
  • King of America, 1986
  • Blood and Chocolate, 1986
  • Spike, 1989
  • Mighty Like a Rose, 1991
  • The Juliet Letters, met Brodsky Quartet, 1993
  • Brutal Youth, 1994
  • Kojak Variety, 1995
  • All This Useless Beauty, 1996
  • Costello & Nieve, 1996
  • Painted from Memory, met Burt Bacharach, 1998
  • For the Stars, met Anne Sofie von Otter,2001
  • When I Was Cruel, 2002
  • North, 2003
  • The Delivery Man, 2004
  • My flame burns burns blue, 2006
  • The River in Reverse, met Allen Toussaint, 2006
  • Momofuku' met The Imposters, 2008

[bewerken] Radio 2 Top 2000

Nummer(s) met noteringen
in de Radio 2 Top 2000
1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011
Good year for the roses 1002 750 776 791 739 827 878 821 1021 830 1235 964 1328
I want you 148 200 289 140 161 154 160 181 239 168 285 220 297
Oliver's army - - - - - - 1628 1882 1727 1947 1700 1773 1923
She - - - - 313 283 244 275 276 307 304 231 293

[bewerken] Externe links

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Sexton, Paul (13 maart 1999). "Springfield Remembered", p. 12. Billboard.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten
Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen