Herman Krebbers
| Herman Krebbers | ||||
| Afbeelding gewenst | ||||
| Algemene informatie | ||||
| Land | ||||
|
||||
Herman Krebbers (Hengelo (Overijssel), 18 juni 1923) is een Nederlandse violist.
Krebbers studeerde viool bij Oskar Back. Met zijn medeleerling Theo Olof was hij concertmeester van het Residentie Orkest en het Concertgebouworkest en trad hij als solist op met verschillende orkesten.[1] Onder zijn leerlingen bevinden zich André Rieu, Vera Beths, Emmy Verhey, Saskia Viersen en Rudolf Koelman.
Krebbers geeft nog steeds vioolles aan leerlingen uit binnen- en buitenland. Een amateurconcours voor viool en cello is naar Krebbers vernoemd. In Ede is een theaterzaal naar Krebbers vernoemd.[2] Verder maakte hij samen met cellist Jean Decroos en diens vrouw Danièle Dechenne (piano) deel uit van het Guarneri Trio.
Aan het duo Krebbers - Olof werden diverse composities opgedragen:
- 20 duo's voor twee violen (1951) van Géza Frid
- Concert voor twee violen en orkest, op. 40 (1952) van Géza Frid
- Concert voor twee violen en orkest (1954) van Henk Badings
- Suite voor twee violen nr 1, op. 110 (1955) van Willem Rettich
- Rapsodie van Wolfgang Wijdeveld (ter gelegenheid van hun 20-jarig jubileum als duo).
| Bronnen |