Herman Krebbers

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Herman Krebbers
Herman Krebbers (1974)
Herman Krebbers (1974)
Algemene informatie
Land Vlag van Nederland Nederland
Portaal  Portaalicoon   Muziek
Herman Krebbers en Theo Olof spelen samen met het Residentie Orkest onder leiding van Willem van Otterloo de vioolpartij in het coda van een wals van Johann Strauss jr.. De uitvoering vindt plaats in de Houtrusthallen te Den Haag op 7 juli 1951 in het kader van het Holland Festival. Herman Krebbers is zichtbaar vanaf 0:55.

Herman Krebbers (Hengelo (Overijssel), 18 juni 1923) is een Nederlandse violist.

Krebbers studeerde viool bij Oskar Back aan het Amsterdamse Conservatorium van de Vereniging Muzieklyceum (opgericht in 1920) aan welk instituut hij zijn diploma behaalde in de zomer van 1940. In de examencommissie zaten Oskar Back, violist en mede-docent aan het Muzieklyceum Ferdinand Helman en directeur Eugène Calkoen. Op 15 april 1943 soleerde Krebbers in het vioolconcert opus 77 van Johannes Brahms met het Concertgebouworkest onder leiding van Willem Mengelberg. Gedurende de Tweede Wereldoorlog was Krebbers lid van de Nederlandsche Kultuurkamer. Na de oorlog kreeg hij hierdoor een speelverbod voor de duur van twee jaren.

Samen met zijn vriend en collega-violist Theo Olof was hij concertmeester van het Residentie Orkest en het Concertgebouworkest en trad hij als solist op met verschillende orkesten.[1] Onder zijn leerlingen bevinden zich bekende violisten als Jeanne Lamon, Peter Tanfield, Szymon Krzeszowiec, André Rieu, Vera Beths, Emmy Verhey, Saskia Viersen, Jeroen de Groot, Liza Ferschtman en Rudolf Koelman.

Veel van Krebbers' leerlingen wonnen prijzen op belangrijke concoursen in binnen- en buitenland. Ook had Krebbers zitting in de jury van concoursen over heel de wereld.

Tegenwoordig woont Krebbers in Tilburg en geeft thuis nog steeds vioolles. Een amateurconcours voor viool en cello in Kampen is naar Krebbers vernoemd. In Ede is een theaterzaal naar Krebbers vernoemd. Verder maakte hij samen met cellist Jean Decroos en diens vrouw Danièle Dechenne (piano) lange tijd deel uit van het Guarneri Trio. In 1958 ontving Herman Krebbers samen met zijn collega Theo Olof de onderscheiding Ridder in de Orde van Oranje Nassau.

Aan het duo Krebbers - Olof werden diverse composities opgedragen:

  • 20 duo's voor twee violen (1951) van Géza Frid
  • Concert voor twee violen en orkest, op. 40 (1952) van Géza Frid
  • Concert voor twee violen en orkest (1954) van Henk Badings
  • Suite voor twee violen nr 1, op. 110 (1955) van Willem Rettich
  • Rapsodie van Wolfgang Wijdeveld (ter gelegenheid van hun 20-jarig jubileum als duo).
Bronnen