Tilburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nuvola single chevron right.svg Dit artikel gaat over de stad Tilburg. Zie Tilburg (gemeente) voor de gemeente, Tilburg (gemaal) voor een gemaal (en boerderij) ten zuiden van Winsum en Tilburg (borg) een borg bij Hoogezand-Sappemeer
Tilburg
Stad in Nederland Vlag van Nederland
Vlag van Tilburg Wapen van Tilburg
Tilburg
Tilburg
Situering
Provincie Vlag Noord-Brabant Noord-Brabant
Gemeente Vlag Tilburg Tilburg
Coördinaten 51° 33′ NB, 5° 5′ OL
Algemeen
Oppervlakte 88,79 km²
- land 87,01 km²
- water 1,78 km²
Inwoners (1 januari 2013) 189.585[1]
Overig
Postcode 5000-5049
Netnummer 013
Portaal  Portaalicoon   Nederland

Tilburg is een stad in Noord-Brabant en hoofdplaats van de gelijknamige gemeente Tilburg. Tilburg had op 1 januari 2013 189.585 inwoners.

Geschiedenis[bewerken]

Prehistorische sporen van bewoning in het tegenwoordige Tilburg zijn gevonden bij industrieterrein Kraaiven en dateren van 9000 jaar voor Christus. De huidige wetenschap gaat ervan uit dat dat rondtrekkende jager-verzamelaars waren van de Tjongercultuur.

De naam Tilburg komt voor het eerst voor in het Liber Aureus uit 1191. Daarin werd een document uit 709 overgeschreven dat opgemaakt zou zijn in Tilburg (actum publice Tilliburgis).[2] Het huidige Tilburg stond toen bekend als West-Tilburg, terwijl Oost-Tilburg overvleugeld werd door het in 1212 er vlak naast gestichte Oisterwijk. De gehele heerlijkheid, die nog meer plaatsen omvatte, staat wel bekend als Groot-Tilburg. In 1387 werd Tilburg van Oisterwijk gescheiden en ging, samen met Goirle, de heerlijkheid Tilburg en Goirle vormen. Deze maakte deel uit van het Kwartier van Oisterwijk van de Meierij van 's-Hertogenbosch.

In de 15e eeuw liet Jan van Haestrecht, een van de heren van Tilburg, het Kasteel van Tilburg bouwen, dat in 1858 moest wijken voor een fabriek. Het is nog steeds terug te vinden in het wapen en het logo van de stad. De bestuurlijke eenheid Tilburg is ontstaan uit een aantal buurtschappen, zogenaamde herdgangen, die met elkaar in verbinding stonden. De oude dorpskernen zijn nog steeds terug te vinden in de namen van verschillende oude wijken.

Op basis van de al aanwezige schapenteelt groeide Tilburg omstreeks 1600 uit tot de belangrijkste wolstad van Brabant en overvleugelde het midden 18e eeuw de bijna compleet weggevallen Hollandse textielindustrie. Op 18 april 1809 verkreeg Tilburg van Lodewijk Napoleon Bonaparte, toenmalig vorst van het Koninkrijk Holland, stadsrechten. Dit geschiedde tijdens een inspectiereis die de koning van 13 april tot 17 mei 1809 in de departementen Brabant en Zeeland maakte. Tijdens deze reis kwamen tal van problemen van Tilburg en Brabant aan de orde. Voorbeelden zijn de infrastructuur, gezondheidszorg, teruggave van de kerken en de weekmarkten. De stad telde toen 9000 inwoners.

In de jaren daarna kwamen belangrijke verbindingswegen tot stand, zoals de steenweg van Breda via Tilburg naar 's-Hertogenbosch in 1826 en de spoorlijn naar Breda in 1863. Het Wilhelminakanaal, dat Tilburg een haven bezorgde, kwam in 1916 in gebruik maar werd pas in 1923 voltooid. De Piushaven werd in 1921 gegraven.

Tilburg in 1865

Koning Willem II verbleef graag in Tilburg. Over de plaats merkte hij eens op: "Hier adem ik frank en vrij." In zijn opdracht werd in 1847 een paleis gebouwd dat diende tot buitenverblijf. Het ligt tegenwoordig in het centrum van de stad. De koning heeft er echter zelf nooit in kunnen verblijven omdat hij stierf voor het voltooid was. Het paleis werd door de koninklijke familie overgedragen aan de gemeente, op voorwaarde dat er een Hogere Burger School (HBS) in gevestigd zou worden. Deze "Rijks HBS Koning Willem II" bestaat nog steeds als Koning Willem II College, echter in een ander gebouw. De bekendste leerling van deze HBS is Vincent van Gogh, die de school bezocht in de periode 1866-1868. Het paleis maakt tegenwoordig deel uit van het gemeentehuis en is bekend onder de naam: Paleis-Raadhuis.

De stad is eind 19e eeuw groot geworden door de textielindustrie die zich vestigde tussen de herdgangen in. In 1871 telde de stad maar liefst 125 wollenstoffenfabrieken. Tilburg werd dan ook de wolstad genoemd. Eind 19e eeuw werden er ook tal van herenhuizen gebouwd die ook tegenwoordig nog in de stad te vinden zijn. Aldus ontstond geleidelijk aan een stadsstructuur met winkels en arbeiderswoningen.

De ontwikkeling tot stad bracht de noodzaak tot een algemeen uitbreidingsplan met zich mee, dat in 1917 was opgesteld door de stedenbouwkundige Johan Rückert. Hierbij werd ingespeeld op de toekomstige demografische ontwikkeling van de stad en de knelpunten in de verkeersstructuur, waaronder de spoorlijn die de groeiende stad in tweeën deelde. In 1940 telde de stad reeds 93.000 inwoners.

Na de Tweede Wereldoorlog gingen de ontwikkelingen verder. De plannen voor de oost-westboulevard ten zuiden van de spoorlijn, in 1947 voor het eerst geformuleerd, werden in 1953 verder uitgewerkt en in 1958 gerealiseerd. In 1960 telde de stad al 139.000 inwoners.

Gedurende de jaren 60 van de 20e eeuw verdween de textielindustrie. Dit verlies werd gecompenseerd door de vestiging van moderne nijverheid op bedrijventerreinen aan de rand van de stad. Vanaf 1975 werd de binnenstad aangepakt. Dit gebeurde vaak op rigoureuze wijze, waarbij de doorstroming van het verkeer de meeste aandacht kreeg. Veel historisch erfgoed werd gesloopt en de zogeheten Cityring om de binnenstad werd aangelegd. Ook het Koningsplein werd aangelegd, op de plaats van de vroegere wijk Koningswei. Door dit alles kreeg de toenmalige burgemeester Cees Becht, verantwoordelijk voor deze plannen, de bijnaam: Cees de Sloper. Vanaf de jaren 80 van de 20e eeuw vond verdere inbreiding plaats, waarbij meer respect voor het nog aanwezige erfgoed werd getoond.

In Tilburg is vanaf 1993 een duidelijk hoogbouwbeleid ontwikkeld. Daaruit zijn drie hoge gebouwen voortgekomen die naar Nederlandse begrippen als wolkenkrabbers kunnen worden beschouwd, te weten het hoofdkantoor van Interpolis en de Westpoint-woontoren. Het laatste gebouw is 143,1 meter hoog en was daarmee korte tijd de hoogste woontoren van Nederland, een titel die later werd overgenomen door het Rotterdamse Montevideo. Inmiddels is in Tilburg een tweede woontoren gerealiseerd die 101 meter hoog is en de naam 'De StadsHeer' heeft gekregen. Deze woontoren maakt onderdeel uit van het project 'Het Haestrechtkwartier'. Dit betreft een gebied gelegen in de stationszone, direct ten westen van het Centraal Station, bestaande uit vier kantoren, een parkeergarage en een woontoren. De woontoren heeft, vanwege zijn bekritiseerde uiterlijk met grote aan het gebouw vastgeplakte kubusvormige balkons, de bijnaam 'De Vogelkooikes' gekregen.

Tilburg in de Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Ook voor Tilburg vormde de Tweede Wereldoorlog de grootste ramp die de geschiedenis ooit over de stad gebracht had. De brug over het Wilhelminakanaal werd opgeblazen door het Nederlandse leger. Al in de meidagen van 1940 werd Tilburg doelwit van Duitse bombardementen, waardoor 14 doden vielen. Daarna volgden nog incidentele bombardementen. Uit Tilburg sneuvelden 18 Nederlandse militairen bij de verdediging tegen de Duitse aanval[3].

Verzet[bewerken]

De hogeschool werd al snel gesloten en velen van de studenten gingen in het verzet of doken onder. De bekendste onder hen was Norbert Schmelzer, de KVP-politicus die later minister werd en een kabinet deed vallen. Een tiental van de studenten werd gegrepen en geëxecuteerd of stierf in kampen. Onder hen o.m. Boy Ecury, die ook enige tijd in Tilburg in het verzet werkte.

Het verzet in Tilburg ontwikkelde zich zoals elders in Nederland. Eén van de bekendste personen in het verzet was de schoonmaakster Coba Pulskens. Zij hielp Joodse onderduikers en ook geallieerde piloten. Tilburg was een belangrijke plaats voor de ontsnapping van die piloten, vanwege de ligging dicht bij de Belgische grens. Mevrouw Pulskens werd thuis betrapt met drie piloten, die ter plaatse werden doodgeschoten. Zij verdween naar het concentratiekamp Ravensbrück, waar zij omkwam in de gaskamer, naar verluidt omdat zij de plaats van een moeder met kind innam. Zij ontving postuum van de Amerikanen de hoge Medal of Freedom, maar uit Nederland geen enkele onderscheiding.

Jodenvervolging[bewerken]

Van de Joodse gemeenschap van 400 mensen werden er in totaal 130 vermoord - een relatief klein aantal, gezien het gemiddelde van 75% voor heel Nederland. In dit Tilburgse cijfer zijn niet verwerkt de van buiten Tilburg afkomstige, maar in Tilburg ondergedoken Joodse personen. Een aantal van hen heeft de oorlog in Tilburg kunnen overleven, een aantal echter niet[4].

Politie Compagnie[bewerken]

In april 1943 werd een Politie Compagnie (PC) in Eindhoven geformeerd met 132 voornamelijk jongere politiemensen, die hun opleiding hadden genoten in de pro-Duitse opleiding in Schalkhaar. Deze compagnie werd echter in juli 1943 in de Willem II kazerne te Tilburg gelegerd. In augustus 1943 dook de eerste onderwachtmeester van de PC al onder, gevolgd door twee anderen. Een onderwachtmeester werd ontslagen omdat hij weigerde de Germaanse groet te brengen. Uiteindelijk werd hij overgebracht naar Duitsland. In november 1943 slaagden een aantal manschappen er in om tijdens het lossen van wapens een twintigtal revolvers met munitie te ontvreemden. Dit werd ontdekt en het viertal gearresteerd en via Amersfoort naar een concentratiekamp in Duitsland afgevoerd. Tot begin juni 1944 doken regelmatig leden van de PC onder. Op 15 augustus 1944 moest de voltallige Compagnie op het terrein van de Willem II kazerne op Duits bevel aantreden. Majoor Fürck van de Duitse Ordnungspolizei deelde mede dat de Compagnie naar Amsterdam werd overgeplaatst, als strafmaatregel. Vervolgens werden 30 namen afgeroepen van leden, die apart moesten gaan staan, en vertrok de rest naar Amsterdam, naar de Tulpkazerne. De achtergebleven personen werden overgenomen door de Grüne Polizei en via kamp Amersfoort naar Duitsland gedeporteerd.

Dwangarbeid[bewerken]

Bij de dwangarbeid in Duitsland (Arbeitseinsatz) kwamen 92 Tilburgers om [5].

Eindstrijd en bevrijding[bewerken]

De laatste strijd om Tilburg duurde van 14 tot 27 oktober 1944 en kostte 54 burgers het leven[6]. De Prinses Irene Brigade nam vanaf augustus 1944 deel aan het twee maanden eerder gestarte bevrijdingsoffensief van de geallieerden. Eind oktober van dat jaar was de brigade betrokken bij de strijd rond Tilburg. In de wijk Broekhoven hebben de Nederlandse militairen zeer heftige gevochten tegen de bezetter. Het aantal gewonden bij de brigade was dan ook relatief driemaal zo hoog als bij hun Schotse wapenbroeders. Kort voordat de geallieerden Tilburg zouden binnentrekken, kreeg de brigade het bevel om richting België op te rukken, waardoor ze niet kon deelnemen aan de intocht. De bevrijding van Tilburg volgde op 27 oktober 1944. Op 1 februari 1945 viel in de Minister Talmastraat een neerstortende V1. De gevolgen waren dramatisch: 22 doden. Op vrijdag 2 februari 1945 viel een opnieuw een V1, nu op het pension Huize Mariëngaarde. Er vielen wederom 22 doden.

Gedenktekens[bewerken]

Tilburg telt enkele tientallen gedenktekens van oorlog, verzet en bevrijding. De twee bekendste zijn het Monument Koninklijke Nederlandse Brigade Prinses Irene (Stadhuisplein; 1955) en het Monument van de 15th Scottish Division (Stadhuisplein; 1989), beide herinnerend aan de bevrijders van Tilburg in 1944. Eén van de bekendste Tilburgers die in het verzet actief waren, was pater Ludo Bleijs. Het Britse ereveld in Tilburg herbergt de graven van 76 gesneuvelde militairen.

Kerkelijke geschiedenis[bewerken]

Parochiekerken[bewerken]

De oudste parochiekerk van Tilburg, of eigenlijk West-Tilburg, stond op dezelfde plaats als waar zich nu de Heikese kerk bevindt, het tegenwoordige adres is Stadhuisstraat 6. Ze was gewijd aan de heilige Dionysius. Van de geschiedenis van deze kerk is weinig bekend, behalve dat ze vanaf 1430 werd uitgebreid. De gotische kerk werd in 1483 opnieuw ingewijd. In 1595 brandde de kerk af door krijgshandelingen tijdens de Tachtigjarige Oorlog. Ze werd herbouwd en als zodanig in 1619 opnieuw ingewijd. In 1648 werd de kerk door de hervormden gevorderd en in 1650 betrokken de katholieken een grenskerk te Steenvoort, dat behoorde bij Poppel. Later werd de mis opgedragen in de bijgebouwen van het Kasteel van Tilburg en in 1691 kwam er een schuurkerk in 't Heike en in 1715 kwam er eveneens een schuurkerk in Goirke. Weliswaar kregen de katholieken hun kerk in de Napoleontische tijd terug, maar deze was slecht onderhouden. In 1827 werd er een neoclassicistisch front aangebouwd en enige tijd later werd de kerk gesloopt en herbouwd als neoclassicistische hallenkerk. Het betrof een waterstaatskerk. In 1838 werd deze kerk ingewijd. De toren, nog afkomstig van de gotische kerk, werd in 1895 ingrijpend gerestaureerd en in neogotische stijl ommanteld en lijkt daardoor van veel jongere datum te zijn.

Aan de 19e-eeuwse Tilburgse katholieke geschiedenis zijn onder meer de namen verbonden van Joannes Zwijsen en van Peerke Donders.

Ook hierna werden nog vele kerken gebouwd en parochies gesticht, zoals in 1955 nog de parochie van de heilige Petrus en Paulus. Op het hoogtepunt had Tilburg 31 parochiekerken. Gedurende de jaren 70 van de 20e eeuw kwam er een kentering. De ontkerkelijking leidde ertoe dat diverse kerken werden gesloopt en vele parochies werden samengevoegd, een proces dat nog steeds doorgaat. Tenminste twaalf kerken zijn inmiddels gesloopt, terwijl een aantal andere aan de eredienst werden onttrokken en nu voor andere doeleinden in gebruik is.

Kloosters[bewerken]

Mede door toedoen van Joannes Zwijsen werd Tilburg tot een katholiek bolwerk. Dit uitte zich in de oprichting van katholieke onderwijsinstellingen (Katholieke Leergangen, Katholieke Universiteit Brabant), die in eerste instantie gedragen werden door tal van kloosters. Tot deze kloosters behoren of behoorden:

  • Zusters van Liefde van Onze Lieve Vrouw, Moeder van Barmhartigheid, kortweg Zusters van Liefde van Tilburg genaamd, een door Joannes Zwijsen in 1832 gestichte congregatie die haar moederhuis heeft aan de Oude Dijk in Tilburg en die op haar beurt van daar uit vele kloosters stichtte in de wijde omgeving. In 1902 stichtten zij tevens het latere Sint-Leonardusgesticht aan De Schans 123.
  • Fraters van Tilburg, Gasthuisring 54, opgericht in 1854, met een gasthuis, kweekschool enzovoort. Midden jaren 50 van de 20e eeuw begon men al met de sloop van de gebouwen, waarvan niets meer rest. In 1959 werd een generaliteitsgebouw voor de fraters gebouwd.
  • Capucijnenklooster, Korvelseweg 165-167. Uit 1880-1882 en ontworpen door broeder Valenus van Deurne.
  • Missionarissen van het Heilig Hart, aan Bredaseweg 204. Het klooster werd gebouwd van 1896-1899, oorspronkelijk voor de Franse paters (Missionaires du Sacre Coeur) die ten gevolge van de seculeringspolitiek uit Frankrijk waren uitgewezen.
  • Clarissenklooster, Lange Nieuwstraat 191. Complex uit 1890 in neogotische stijl, ontworpen door A.G. de Beer. In 2007 gerenoveerd, biedt nu woonruimte aan studenten van de Brabant Medical School. De kapel wordt verhuurd.
  • Ursulinenklooster, Elzenhof 139. Dit klooster werd in 1903 gebouwd en in de jaren 80 van de 20e eeuw gesloopt. Een school uit 1907 en een tot woonhuis verbouwde neogotische kapel zijn nog aanwezig.
  • Zusters Onze Lieve Vrouw Visitatie, Zwijsenstraat 7
  • Congregatie van Onze Lieve Vrouw der Afzondering, kapel gebouwd in 1908 bij een retraitehuis voor meisjes, Cenakel 1
  • Klooster Mariahof van de Broeders Penitenten, ingewijd in 1938, met de zorginstelling Piusoord, Bredaseweg 570

Protestantse kerken[bewerken]

De hervormden bouwden intussen de Pauluskerk aan de Heuvelstraat 141, die in 1823 in gebruik werd genomen. In 1910 bouwden de hervormden een tweede kerk, de Immanuëlkerk aan de Gasstraat 30. Deze in neoromaanse stijl gebouwde kerk is tegenwoordig als atelier in gebruik. Een voormalige gereformeerde kerk is de Sionkerk aan het Molenbochtplein. De huidige protestantse kerk is de voormalige gereformeerde Opstandingskerk uit 1965, gebouwd in moderne stijl.

Synagogen[bewerken]

In 1874 werd een synagoge gebouwd aan de huidige Willem II-straat 20. Reeds in 1857 was de Joodse begraafplaats aan de Delmerweg 27 in gebruik genomen. De synagoge werd ontworpen door J. Fremau en is gebouwd in een oriëntaalse bouwstijl.

Moskeeën[bewerken]

Tilburg telt sinds de jaren 70 van de 20e eeuw een aantal moskeeën, waaronder de Turkse Süleymanye-moskee aan de Wandelboslaan uit 2001.

Textielindustrie[bewerken]

Tilburg is tot stad geworden door de opkomst van de textielindustrie, met name de wollenstoffenindustrie. Rijke families die hierachter stonden waren onder andere Mutsaerts, van de Kimmenade, Enneking, Van den Bergh, Mannaerts en Van Thiel. Met name de familie Mutsaerts moet hier worden genoemd. Reeds in 1780 was er sprake van ene Norbertus Mutsaerts die drapenier was te Tilburg. Deze familie ontwikkelde zich later tot een familie van wollenstoffenfabrikanten. De grondstof werd geleverd door de honderdduizenden heideschapen die in Noord-Brabant te vinden waren. Verdere factoren die Tilburg aantrekkelijk maakten voor vestiging waren: (1) de daar aanwezige kennis en (2) de lage lonen.

Nuvola single chevron right.svg Zie voor een uitgebreide geschiedenis: Textielindustrie in Tilburg

Een eerste fabriekachtig gebouw was dat van Van Bommel. Het was eigenlijk een verzamelgebouw voor een aantal productiestappen die niet als huisnijverheid konden worden verricht. In 1782 ging deze fabriek over naar Vreede en Van Marle. Pieter Vreede was een Leidse lakenfabrikant die zich in Tilburg vestigde. Pieter werd opgevolgd door zijn zoons, Paulus en Hendrik Vreede. Aldus ontstond de Wollenstoffenfabriek "Triborgh" aan de huidige Bisschop Zwijsenstraat. Hier werkten 250 mensen, deels in thuisarbeid.

In 1783 werd daarnaast door Martinus van Dooren de wollenstoffenfabriek Van Dooren & Dams opgericht.

In 1827 begon Pieter van Dooren, zoon van Martinus, een wolspinnerij in de buurtschap Broekhoven. Dit was de eerste Tilburgse fabriek die van stoomkracht gebruikmaakte, hetgeen aanvankelijk tot arbeidsonrust leidde. Deze fabriek groeide uit tot een der grootste Tilburgse textielbedrijven en in 1860 werd een villa bij het complex gebouwd. In 1972 ging de fabriek dicht, waarbij de laatste 13 werknemers werden ontslagen. In 1975 werden de gebouwen gesloopt.

In 1830 bestond ook de fabriek Diepen, Jellinghaus & Co., welke onder meer spinmachines, handweverijen en een stoommachine omvatte. In 1839 brandde deze fabriek uit. Ze was gelegen in de buurtschap Korvel.

Pas gedurende de tweede helft van de 19e eeuw verschenen fabrieksgebouwen, meestal met drie à vier verdiepingen. Stoomkracht was nu gebruikelijk en weefmachines werden geïntroduceerd. De hoogbouw maakte de overbrenging met drijfriemen gemakkelijk. Eind 19e eeuw en begin 20e eeuw verschenen de fabrieken in laagbouw met sheddaken. Eerst die van Deen, Swagemakers en Mommers, later die van verscheidene andere fabrikanten. Dit was gerelateerd aan de komst van steeds zwaardere weefmachines. Deze bedrijven namen grote oppervlakten in beslag.

Een der bekendste en langst opengebleven fabrieken was de wollenstoffenfabriek AaBe, opgericht in 1810 door de Leidse textielfabrikant Albert van den Bergh. Deze kwam in 1974 in moeilijkheden en sloot, na een reeks faillissementen en reorganisaties, in 2008 voorgoed de poorten.

Een andere grote fabriek was George Dröge. Deze ging eind jaren 70 van de 20e eeuw failliet en in 1980 werden de gebouwen verkocht aan de gemeente. Hier kwam onder meer de Tilburgse Dans- en Muziekschool. Rogier Dröge begon toen met een aantal ex-werknemers een breierij onder de naam Innofa, waarvan het personeelsbestand toenam van 6 in 1980 tot 26 in 1995. In 1992 kwam ook Rogier's broer Job Dröge in het bedrijf.

Ook een grote werkgever was wollenstoffenfabriek C. Mommers & Co., die naast Dröge gevestigd was. Sedert 1985 is in de gebouwen hiervan het TextielMuseum gevestigd.

Na een laatste bloeiperiode na de Tweede Wereldoorlog begon de neergang. Als algemene oorzaak wordt aangegeven: De concurrentie van binnen en buiten de Europese Economische Gemeenschap, de opkomst van kunstvezels, en de veranderende mode. Voor Tilburg gold bovendien als nadelen: het eenzijdige productiepakket, de structuur van de familiebedrijven waarbij opvolgers niet allen erg toegewijde ondernemers waren maar wél veel geld aan het bedrijf onttrokken en de geringe bereidheid tot onderlinge samenwerking. De eerste fabrieken sloten omstreeks 1960. Het betrof de fabriek van Van Spaendonck aan de Tuinstraat, en de fabriek van Straeter ("De Zomermolen") aan de Zomerstraat. Later werden steeds meer grote complexen gesloopt, zoals Swabo en Brands aan de Hoogvense Straat, en de lakenfabriek van J. Brouwers aan de Korte Schijfstraat, in 1985.

Jan Verschuuren en zijn zoon Jan Karel gingen zich vanaf de jaren 60 van de 20e eeuw specialiseren in het opkopen van de machines van de vele Tilburgse textielfabrieken die toen failliet gingen. Aldus ontstond een nieuw bedrijf dat wereldwijd oude textielmachines opkocht en doorverkocht.

Toeleverende bedrijven waren, onder meer:

  • Kaardenfabriek Nederland, v/h Kaardenfabriek Samuel Law & Zn., v/h Kaardenfabriek Firma A. van Roessel & Zn., te Tilburg., 1884-2002
  • Tilburgse Machinehandel Tima, in- en verkoop van textielmachines, 1937-1945

Een lijst uit 1985 toont nog 16 textielbedrijven met 10 of meer werknemers. De belangrijkste zijn:

  • AaBe fabrieken, Hoevenseweg, 193 werknemers
  • Wollenstoffenfabriek C. Mommers & Co., Kraaivenstraat, 135 werknemers
  • Phoenix Yarns Tilburg BV, Mechtildisstraat, 104 werknemers
  • Textielververij "De Regenboog", Janssen & Bierens BV, Bredaseweg, 88 werknemers
  • Tapijtfabriek Nouwens-Bogaers BV, Ringbaan Noord, 55 werknemers

Van deze fabrieken zijn AaBe en Mommers inmiddels ook verdwenen.

Overige bedrijven en instellingen[bewerken]

Onderstaande lijst geeft slechts een selectie uit de belangrijke niet-textielbedrijven en instellingen weer:

Kazernes[bewerken]

Tilburg heeft drie kazernes gekend: de Lancierskazerne, de Kromhoutkazerne en de Koning Willem II kazerne. Hoewel van alle drie de complexen nog een aantal gebouwen aanwezig zijn, is geen van deze kazernes meer in gebruik bij de krijgsmacht.

Bezienswaardigheden[bewerken]

Beeld Willem II in het centrum
Nuvola single chevron right.svg Zie ook lijst van beelden in Tilburg
Nuvola single chevron right.svg Zie ook Lijst van rijksmonumenten in Tilburg (plaats)

Industriële monumenten[bewerken]

In Tilburg zijn uit het rijke industriële erfdeel de volgende fabrieksgebouwen overgebleven:

  • Het Duvelhok aan de Sint-Josephstraat 133 is de voormalige katoenspinnerij van de Gebr. Deen, met onder meer een vleugel met sheddaken en een fabrieksschoorsteen. Het gebouw is tegenwoordig in gebruik als kunstcentrum. In 1863 werd een schoorsteen gebouwd en een stoommachine geïntroduceerd. De schoorsteen werd gesloopt in 1963 en in 1985 opnieuw opgetrokken.
  • De Lancierskazerne, voormalige BeKa-fabriek.
  • Voormalige AaBe-fabrieken met karakteristieke schoorsteen, gebouwd in 1930 en uitgebreid in 1941, gelegen nabij de Piushaven. Architect was G. Forest. Het voormalige ketelhuis is in Art decostijl uitgevoerd. Dit complex krijgt een winkelbestemming
  • Watertoren uit 1897
  • Voormalige paraplufabriek Guillaume Gimbrère, een gebouw uit 1886 voor een firma die is opgericht in 1853 en die werd opgeheven in 1956
  • Voormalige textielfabriek C. Mommers & Co., tegenwoordig textielmuseum
  • Voormalige textielfabriek G. Dröge, tegenwoordig onder meer dansschool en muziekinstrumentenmuseum Kessels
  • Voormalige stoomketelfabriek Gebroeders Deprez, onderdeel van de Spoorzone ten noorden van het station.
  • Voormalige meelfabriek A.C. van Loon, Piushaven 1, Rijksmonument, ontworpen door Jos Schijvens in 1935.

Mariakapellen[bewerken]

Naast de Hasseltse kapel kent Tilburg nog vier andere Mariakapellen en -kapelletjes, en wel:

  • Aan de Delmerweg bevindt zich een zeshoekig Mariakapelletje uit 1950, met leien gedekt en in het midden een torentje, gebouwd door een particulier uit dankbaarheid dat hij gespaard werd tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ontworpen door Jos. Bedaux.
  • Aan de Professor van Buchemlaan een gedachteniskapel, ingewijd op 27 oktober 1945, een jaar na de bevrijding. Het is een gedenkmuur die een Maria-icoon en de namen van de bij de gevechten omgekomen buurtbewoners bevat.
  • Aan de Kruisvaardersstraat een kleine Mariakapel uit 1937, Onze Lieve Vrouw ter Baan. Gebouwd ter gelegenheid van een 40-jarig priesterjubileum.
  • Aan de Kapelhof 6 de kapel Onze Lieve Vrouwe ter Nood, uit 1964, ontworpen door Jos Schijvens. Deze gedenkt de gevallenen uit de Tweede Wereldoorlog en is gebouwd in moderne materialen.

Moderne architectuur[bewerken]

  • het Kunstkluster (Kunstacademie, Stadsschouwburg, Concertzaal)
  • Westpoint
  • het Interpolisgebouw met de Interpolistuin
  • het hoofdgebouw van de Universiteit van Tilburg
  • het Centraal Station
  • het Cenakel
  • De StadsHeer
  • Enkele nieuwere delen van de Reeshof, vooral die rondom natuurgebied de Dongevallei

Musea[bewerken]

De volgende musea zijn in Tilburg te vinden:

Evenementen[bewerken]

Jaarlijks[bewerken]

Overig[bewerken]

Topografie[bewerken]

Bestand:Tilburg-stad-OpenTopo.jpg

Topografisch kaartbeeld van de stad Tilburg, september 2014. Klik op de kaart voor een vergroting.

Indeling[bewerken]

De gemeente Tilburg opgedeeld in wijken, buurten en industriegebieden. De bebouwde kom is rood en de buiten- en uitbreidingsgebieden zijn roze gekleurd.

Tilburg is onder te verdelen in de stadsdelen:

  1. Heuvel
  2. Katterug
  3. Noordhoek
  4. Oude Dijk
  5. Schouwburg(ring)
  6. Tivoli
  7. Veemarktkwartier
  1. Broekhoven
  2. Fatima
  3. Groenewoud
  4. Korvel
  5. Leypark
  6. Oerle
  7. Trouwlaan
  8. Sint Anna
  9. Stappegoor
  1. Armhoef
  2. Jeruzalem
  3. Hoogvenne
  1. Besterd
  2. Goirke
  3. Groeseind
  4. Hoefstraat
  5. Bouwmeesterbuurt
  6. Hasselt
  7. Loven
  8. Kanaalzone industriegebied
  1. Heikant
  2. Lijnse Hoek
  3. Stokhasselt
  4. Quirijnstok
  5. Hazenest
  6. Rugdijk
  7. Moerenburg
  8. Loven industriegebied
  1. Blaak
  2. De Reit
  3. Wandelbos
  4. het Zand
  5. Zorgvlied
  6. Kraaiven industriegebied
  1. Campenhoef
  2. Huibeven
  3. Heerevelden
  4. Langendijk
  5. Leeuwerik
  6. Tuindorp De Kievit
  7. Bijstervelden
  8. Dalem-Noord
  9. Dalem-Oost
  10. Dalem-Zuid
  11. Gesworen Hoek
  12. Dongewijk
  13. Koolhoven-Oost
  14. Koolhoven-West
  15. Witbrant-Oost
  16. Witbrant-West
  • Overige wijken en buurtschappen:
  1. Bomenbuurt
  2. Katsbogten
  3. De Schans
  4. Het Laar
  5. Vogeltjesbuurt
  6. Vredeburcht
  • Natuur- en recreatiegebieden:
  1. Reeshofpark
  2. Wilhelminapark
  3. Oude Warande
  4. Reeshofdijk
  5. Het Wandelbos
  6. De Sijsten
  7. Donge
  8. Quirijnstokpark
  9. Stappegoor
  10. Lobelia
  • Dorpen, behorend tot gemeente Tilburg:
  1. Berkel-Enschot
  2. Udenhout

Natuur en landschap[bewerken]

Van de wateren moet worden genoemd het Wilhelminakanaal met de Piushaven. Ten westen van Tilburg bevindt zich de Oude Leij die over gaat in de bovenloop van de Donge. Ten oosten van Tilburg stroomt de Nieuwe Leij die overgaat in de Voorste Stroom. Door de grote bebouwde oppervlakte van Tilburg is de oorspronkelijke geografie sterk veranderd en niet altijd meer herkenbaar.

Parken[bewerken]

De bekendste stadsparken van Tilburg zijn alle drie ontworpen door landschapsarchitect Leonard Springer: het Wilhelminapark uit 1895 (5 ha), het Wandelbos uit 1920 (32 ha) en het Leijpark uit 1935 (30 ha). In de oorspronkelijke opzet kenmerken ze zich door een romantische, laat-19e-eeuwse sfeer die bij Wilhelminapark en Wandelbos goed bewaard is gebleven.

Veel strakker is het Kromhoutpark uit 1991. dat internationale prijzen heeft gekregen voor het ontwerp. Andere parken zijn Stadspark Oude Dijk, Muzentuin, Tivolipark, Reeshofpark, Quirijnstokpark en Midden Brabant Park.

De Oude Warande is een landgoedpark in Tilburg-West en een van de best bewaard gebleven sterrenbossen van Nederland. De gemeente heeft in 2008 een ruim twintig jaar durend restauratieproject grotendeels afgerond.

Groene wijken[bewerken]

Enkele Tilburgse buurten uit de jaren 60 van de 20e eeuw zijn bijzonder ruim opgezet met brede groenstroken langs bebouwing en hoofdwegen. Met name geldt dit voor Quirijnstok in Noord, verder ook voor Groenewoud en Wandelbos.

Natuurgebieden[bewerken]

Op het grondgebied van Tilburg liggen enkele kleinere natuurgebieden die op hun beurt weer aansluiten op grote natuurgebieden in Midden-Brabant. Het betreft:

  • Landschap Moerenburg, een restant van een kleinschalig landbouwgebied ten oosten van Tilburg.
  • Het natuurgebied Dongevallei, ten westen van Tilburg, lopend door de nieuwbouwwijk Reeshof, is een herstelde bedding van het beekje de Donge waar een bijzondere moerasvegetatie ontstaat uit zaden die onder een dikke laag landbouwgrond bijna een eeuw op ontkieming gewacht hebben. Dit gebied sluit aan op de Oude Warande en op de volgende landgoederen:
  • Landgoed Heidepark-Vredelust
  • Kaaistoep, bij het Bels Lijntje, vroeger een productiebos, sedert 1994 een natuurontwikkelingsgebied, eveneens gelegen ten westen van Tilburg.
  • Het Reeshofbos, een grovedennenbos van 45 ha, eigendom van de gemeente Tilburg. Het wordt doorsneden door lanen die met Amerikaanse eik zijn beplant. Broedvogels zijn: bosuil, sperwer en groene specht.
  • Lange Rekken, ten noordwesten van Tilburg, deels op het grondgebied van Rijen.
  • Het Noorderbos, aangelegd in de voormalige vloeivelden ten noorden van Tilburg.

Economie[bewerken]

Bedrijven[bewerken]

De eenzijdige nadruk op de wollenstoffenindustrie zoals die in Tilburg bestond leidde tot grote moeilijkheden toen omstreeks 1960 deze industrie in problemen kwam en de één na de andere fabriek haar poorten sloot. Hoewel een aantal aan de textielindustrie toeleverende bedrijven bijtijds het roer konden omgooien, diende de stad nieuwe economische activiteiten aan te trekken. Dit werd deels bereikt door oriëntatie op de dienstensector en het onderwijs en deels door een veelzijdiger industriële bedrijvigheid te stimuleren en nieuwe bedrijven aan te trekken. De industrie is tegenwoordig niet meer afhankelijk van een enkele industrietak, maar ze is modern en veelzijdig. Allerlei ondernemingen, waaronder diverse uit het buitenland, hebben hier hun hoofdkantoor gevestigd. Vooral de chemische industrie, voedingsmiddelenindustrie, medische technologie en fijnmetaal spelen een belangrijke rol. Een belangrijk bedrijf was Fujifilm, dat in 1982 een productievestiging en een hoofdkantoor opende. Het was de eerste vestiging van Fuji buiten Japan en biedt momenteel werk aan 1000 werknemers. Een ander bekend bedrijf is Bosch Transmission Technology, tot 1995 Van Doorne's Transmissie BV (VDT). Hier worden sinds 1972 de schakelbanden voor de Transmatic, een continu variabel transmissiesysteem voor auto's, ontwikkeld en vervaardigd. Er werken 900 mensen. Ook is Tilburg een belangrijke transportstad. Hoewel er in Tilburg een aantal grote dienstverleners gevestigd zijn, speelt deze sector een geringere rol dan in vergelijkbare steden. Tot de dienstverleners behoort Interpolis, een uit de Coöperatieve boerenorganisaties voortgekomen verzekeringsmaatschappij die in Tilburg haar hoofdkantoor heeft.

Tilburg is een van de belangrijkste industriecentra van Nederland. In de gemeente Tilburg liggen 10 grotere industrieterreinen:

Deze terreinen bieden plaats voor in totaal 7600 bedrijven en bijna 100.000 werknemers. Door het Wilhelminakanaal te verbreden wil Tilburg zich als transportstad nog duidelijker profileren. Er zijn vergevorderde plannen om ten westen van de stad (nabij vliegbasis Gilze-Rijen) een bedrijventerrein te ontwikkelen dat ruimte gaat bieden voor bedrijven die zich richten op vliegtuigonderhoud en defensie-industrie.

In 2007 bleek uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat de wijk Jeruzalem op dat moment de "armste wijk" van Brabant was.

Winkelen en markten[bewerken]

De Heuvelstraat is de belangrijkste winkelstraat van Tilburg. Hier bevinden zich vestigingen van bekende winkelketens als Vroom & Dreesmann, C&A en H&M. Direct nabij de Heuvelstraat liggen de winkelgebieden "Heuvelpoort" en "Emmapassage". Daarnaast behoren ook de Schouwburgpromenade en de Juliana van Stolbergstraat tot het kernwinkelgebied. In maart 2008 is een nieuw winkelgebied geopend, het Pieter Vreedeplein, voorheen vooral een gebied met parkeerplaatsen en fietsenstallingen. In het nieuwe winkelgebied bevindt zich onder andere de derde (Nederlandse) vestiging van mediaketen Saturn. Ook is er een grote ondergrondse Men at Work en een Zara. Het Pieter Vreedeplein ligt parallel aan de Heuvelstraat. De Heuvelstraat is via de Pieter Vreedestraat verbonden met het Pieter Vreedeplein.

Op donderdagavond is het koopavond in het centrum van Tilburg. In winkelcentra buiten de ringbanen: bijvoorbeeld Westermarkt (West) en Buurmalsenplein en Heyhoef (Reeshof), Wagnerplein (Noord) is dat op vrijdagavond. De laatste zondag van de maand is het meestal koopzondag.

Er zijn diverse weekmarkten in Tilburg:

  • Dinsdagochtend Zuidwest: Burg. van de Mortelplein van 09.00 - 12.00 uur
  • Dinsdagochtend Udenhout: Tongerloplein van 09.00 - 12.00 uur
  • Dinsdagmiddag Noord: Verdiplein van 13.00 - 17.00 uur
  • Dinsdagmiddag Zuid: Pater van den Elsenplein van 13.00 - 16.00 uur
  • Woensdagochtend Oud-Noord: Besterdplein van 09.00 - 12.00 uur
  • Donderdagochtend West: Westermarkt van 09.00 - 12.00 uur
  • Donderdagmiddag Reeshof: Heijhoef / Campenhoefdreef van 13.00 - 17.00 uur
  • Vrijdagochtend/middag Noord: Wagnerplein van 11.00 - 17.00 uur
  • Vrijdagochtend Centrum: Koningsplein van 09.00 - 12.00 uur
  • Zaterdagochtend/middag Centrum: Koningsplein van 10.00 - 16.30 uur

Media[bewerken]

De volgende media zijn in Tilburg te vinden:

Het Goirles Belang wordt in sommige delen van Tilburg-Zuid verspreid.

Concertzaal

Cultuur[bewerken]

Op het gebied van kunst en cultuur zijn te noemen

Tilburg heeft ook een eigen volkslied, geschreven door Piet Heerkens.

Uitgaan en recreatie[bewerken]

Uitgaansgebieden

  • Heuvel en Heuvelring
  • 'Korte Heuvel' (tussen Heuvel en popcentrum 013)
  • Piusplein en Paleisring
  • Stadhuisplein, Stadhuisstraat en Oude Markt
  • Pieter Vreedeplein
  • Piushaven
  • Spoorzone

Recreatiegebieden

Bibliotheken[bewerken]

Bibliotheek Tilburg

De volgende bibliotheken zijn in Tilburg te vinden:

  • Bibliotheek Midden-Brabant (overkoepelende naam)
  • Bibliotheek Berkel-Enschot (dorp)
  • Bibliotheek Heyhoef (Reeshof-centrum)
  • Bibliotheek Tilburg Centrum (Koningsplein)
  • Bibliotheek 't Sant (West)
  • Bibliotheek Udenhout (dorp)
  • Bibliotheek Universiteit van Tilburg
  • Bibliotheek Wagnerplein (Noord)
  • Cubiss
  • Mediatheek Moller, Fontys Hogescholen (Stappegoor)
  • Wijkbibliotheek Groenewoud (Zuid / opgeheven)
  • Wijkbibliotheek Hasselt (Oud-Noord / opgeheven)
  • Wijkbibliotheek Grote Beemd (Reeshof-Dalem / opgeheven)

Sport[bewerken]

Tilburgse sportclubs zijn:

  • Met de Tilburg Ten Miles (zie ook 'evenementen'), een wegwedstrijd over zestien kilometer voor de mannen en tien kilometer bij de vrouwen en de Warandeloop heeft Tilburg twee jaarlijkse atletiekevenementen van internationale allure. De Warandeloop beslaat twee dagen met uiteenlopende loopevenementen, culminerend in het veldlopen.

Gezondheidszorg[bewerken]

De stad Tilburg heeft twee algemene ziekenhuizen, namelijk het bovenregionale St.Elisabeth Ziekenhuis (aan de Hilvarenbeekse Weg) en het TweeSteden ziekenhuis (aan de Dr. Deelenlaan), dat ook een vestiging in Waalwijk heeft. Bij de Tilburgse vestiging ligt ook het Instituut Verbeeten. Dit is een landelijk bekend radiologisch centrum, maar weinigen weten dat dit een zelfstandig specialistisch ziekenhuis is.

In het St.Elisabeth Ziekenhuis (opgericht in 1827) huizen ook de onderdelen Fertiliteit, Gamma Knife Centrum Tilburg, Neurochirurgen EZ, het Oncologisch Centrum, het Ronald McDonaldhuis Tilburg en het Traumacentrum Brabant. Het belangrijkste specialisme van de medische instelling is de afdeling neurochirurgie, maar met 28 specialismen is bijna elk in Nederland erkend medisch specialisme aanwezig.

Onderwijs[bewerken]

De stad biedt ook onderdak aan veel onderwijsinstellingen, zoals

havo/vwo:

Speciaal onderwijs:

Verkeer en vervoer[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie ook: Openbaar vervoer in Tilburg

Het vervoer toen[bewerken]

Sinds de 14e eeuw kwam het goederenvervoer met vrachtkarren op gang. "Rond 1800 had Tilburg al geregeld vrachtkarren op Den Bosch, Breda, Heusden, Turnhout alsook op Antwerpen en Amsterdam."[7] Ook de plaatsen dichterbij werden vlijtig bediend. Deze vrachtdiensten kwamen bekend te staan onder Diligence-Dienst.[7]

Vanaf 27 juni 1781 komt de wagendienst voor personenvervoer ook in Tilburg op gang. De verbinding van Breda naar Den Bosch bestond reeds in 1774 maar liep via Loon op Zand, maar door nieuwe wetgeving, werd vanaf 1781 ook Tilburg aangedaan. Het betrof hier zespersoons postwagens, waarmee vier maal per week via Tilburg werd gereden[7]

Op 1 oktober 1863 werd de allereerste Staatsspoorlijn in Nederland geopend. Deze reed vanaf 5 oktober drie maal per dag retour tussen Breda en Tilburg. Vanaf 1866 en 1867 werd de lijn doorgetrokken naar Eindhoven en Venlo. In 1867 werd de lijn Tilburg - Turnhout in gebruik genomen. Vanaf 1872 kon men tot Rotterdam komen, maar het duurde nog tot 1881 voordat er een verbinding naar Den Bosch in gebruik kwam.[7]

Tussen 1881 en 1935 beschikte Tilburg over tramlijnen naar Poppel/Turnhout, Waalwijk en Dongen/Oosterhout. Maar met de komst van bussen, reeds vanaf 1922, had Tilburg busverbindingen naar omliggende plaatsen. Daarmee waren de hoogtijdagen gedaan. In 1934 werd de N.V. Brabantsche Buurtspoorwegen en Autodiensten (BBA) opgericht. Dat was het definitieve einde van de tramdienst. Zes regionale bedrijven fuseerden samen en groeiden uit tot een maatschappij die verbindingen onderhield op het eiland Tholen, en nagenoeg heel Noord-Brabant, waarbij ook een enkele lijn die provinciegrens overschreed. De BBA is later overgegaan in Veolia.

Het vervoer nu[bewerken]

Tilburg heeft drie stations: Tilburg, Tilburg Universiteit en Tilburg Reeshof. Het laatstgenoemde station werd in 2003 voltooid om het Stadsdeel Reeshof te ontsluiten. Tegenwoordig woont één kwart van de Tilburgers in dit stadsdeel. Intercitytreinen stoppen alleen op station Tilburg CS. Vanaf 1970 tot en met begin december 2010 heette Station Universiteit: Station Tilburg West; deze naam klopte niet meer in de praktijk, want Station Reeshof ligt nog westelijker. Tevens zijn er plannen voor een 4e station bij Berkel-Enschot, aan de spoorlijn Tilburg-'s-Hertogenbosch-Utrecht. Vroeger was er een spoorlijn naar Turnhout; het talud ervan doet nu dienst als lange-afstandsfietspad naar Turnhout: het Bels Lijntje, via de dorpen Riel, Alphen, Baarle-Nassau en de Belgische enclave Baarle-Hertog. Tilburg ligt ook aan de spoorlijn Tilburg-Eindhoven-Venlo.

Het Tilburgse stadsbus- en buurtbusnet wordt geëxploiteerd door Veolia. De stad experimenteerde met gratis openbaar vervoer voor kinderen en 55+'ers. De BBA reed de Tilburgse bussen, voordat Veolia het overnam. In verband met de Tilburgse Kermis rijden de stads- en streekbusdiensten tussen het Centraal Station en Stappegoor/Elisabeth Ziekenhuis Busstation niet via het Centrum, maar via de Ringbaan West en Ringbaan Zuid. Meerdere buslijnen rijden in het Centrum dan ook een aangepaste route. Een busmaatschappij verzorgt dan pendeldiensten naar parkeerterrein Stappegoor, aan de zuidrand van de stad.

Tilburg heeft een uitstekend netwerk van fietspaden: de zogenaamde 'Sternet-routes'. Al in 1975 lag de eerste lange-afstandsfietsroute door de stad tussen het Centrum en de Universiteit: de zogenaamde TOF-route. Vanaf 1996 zijn er meerdere routes door de stad veilig en comfortabel gemaakt. Vanaf 2009 is Tilburg druk doende om Sternet-tegelfietspaden te vervangen door asfaltfietspaden, hetgeen het fietscomfort verbetert. Sinds eind 2012 heeft de 'Blaak-route' een fietstunnel onder de spoorlijn Tilburg-Breda-Rotterdam, ten oosten van Station Universiteit, waardoor het Onderwijsgebied De Reit en de wijk Wandelbos met elkaar werden verbonden. In 2014 wordt een comfortabele fietstunnel aangelegd tussen Tilburgse dorp Berkel-Enschot en Stadsdeel Tilburg Noord, onder het spoor Tilburg-'s-Hertogenbosch. Als alternatief is een fietspad aangelegd tussen de spoorwegovergang De Kraan en de Rauwbrakenweg.

In tegenstelling tot veel andere steden van vergelijkbare grootte ligt Tilburg slechts aan één belangrijke snelweg. Dat is de A58 (VlissingenBredaEindhoven). Er is echter hard gewerkt om Tilburg over de weg beter bereikbaar te maken. Inmiddels is de ringweg ten noorden en oosten van Stadsdeel Noord (Burgemeester Bechtweg) en de ringweg ten noorden en westen van Stadsdeel Reeshof op 16 mei 2012 voltooid met de opening van de kanaalbrug over het Wilhelminakanaal. Waarna de verbreding van de Burgemeester Bechtweg nog werd afgerond in 2013, waardoor vrachtverkeer beter de noordelijke industrieterreinen kon bereiken. Aansluitend zal worden begonnen met de opwaardering van de route Tilburg-West - Dongen - Oosterhout waardoor een directe verbinding zal ontstaan met de A27 richting Utrecht. Vanaf 2013 is begonnen met het ombouwen van de N261 (Tilburg Noord-Waalwijk) tot volwaardige autoweg. Onder meer om de Veolia-streekbussen en het toeristisch verkeer rond Attractiepark De Efteling beter te laten doorstromen. Ook plannen zijn er ook voor de N65 (Vught-Tilburg zuidoost).

Band met Tilburg[bewerken]

Bekende Tilburgers[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Lijst van Tilburgers

Bekende muziekbands[bewerken]

Specifieke banden[bewerken]

Van de onderstaande ondernemingen en instellingen is het hoofdkantoor gevestigd in Tilburg:

Trivia[bewerken]

De Tilburgse Linde die in 1994 werd verwijderd van de Heuvel was een van de oudste linden uit de stad. Deze ansichtkaart dateert uit 1923
  • In de volksmond worden Tilburgers Kruikezeikers genoemd. (De carnavalsnaam van Tilburg, Kruikestad, is hiervan afgeleid). Dit omdat de inwoners vroeger in kruiken urineerden. De kruiken met urine werden, vanaf de 17e eeuw, verkocht aan de textielfabrieken, die de urine (vanwege de daarin aanwezige ammoniak) nodig hadden voor het bewerken van wol. Sinds de 19e eeuw worden chemicaliën ingezet voor de bewerking van textiel. Het "Kruikenzeiken" duurde echter voort tot laat in de 19e eeuw.[8]
  • De Tilburgse Linde die in 1994 werd verwijderd van de Heuvel was een van de oudste linden uit de stad. Naar schatting werd deze tussen de 300 en 500 jaar oud. Het had een omtrek van 565 cm, en was daarmee de vijfde monumentale linde van '(noord)-Brabant'. De boom werd Tilja x vulgaris genoemd. [9]
    • Op woensdag 27 april 1994 werd van gemeentewege de linde verwijderd. Niet zonder protesten van de lokale bevolking. Eerst werd de kroon van de linde gezaagd, waarna de boomstronk omhoog gehesen werd. Tot ieders verbazing had er zich binnen in de stronk een nieuwe linde ontpopt. Opnieuw hevige protesten die de gemeente sommeerden om deze nakomeling te laten staan. Het mocht echter niet baten, en ook deze jonge linde werd afgevoerd.[9]
    • In de jaren van 2009-2011 zijn er weer verschillende pogingen gedaan tot het opnieuw plaatsen van een nazaat van de Heuvellinde. Mede vanwege het feit dat de linde in een plantenbak stond (vanwege de fietskelder) overleefden drie van de nazaten het niet. Een nazaat leefde aanvankelijk nog, maar die ging ook dood. In oktober 2011 zou er weer een nieuwe poging worden ondernomen een nazaat te plaatsen, welke op veel kritiek stuit, en de gemeenteraad wordt verweten aan uitroeiing van de nazaten te doen. Gepleit wordt dan voor het sluiten van de fietskelder en een 'gewone' linde in de grond te planten. [10] De fietskelder is er echter nog, er is op 23 november 2011 een 'gewone' koningslinde geplant, die (in mei 2012) nog altijd leeft.
  • De televisieserie Smeris speelt in Tilburg en is daar ook opgenomen.

Externe links[bewerken]

Ligging[bewerken]

   Aangrenzende plaatsen en gemeenten   
 Dongen, Oosterhout   Loon op Zand, De Moer,
Kaatsheuvel, Efteling, Waalwijk 
 Berkel-Enschot, Udenhout,
Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen,
's-Hertogenbosch 
 Hulten, Rijen, Gilze, Breda  Brosen windrose nl.svg  Oisterwijk, Moergestel,
Haaren, Boxtel 
 Riel, Alphen, Chaam,
Baarle (Baarle-Nassau, Baarle-Hertog
 Goirle, België, Poppel, Turnhout   De Beekse Bergen, Hilvarenbeek,
Oirschot, Eindhoven 


Bronnen, noten en/of referenties
  1. Gemeente Tilburg, inwoners per 1-1-2013
  2. Ach Lieve Tijd. De boeiende historie van Tilburg en de Tilburgers - Deel 1 - (1993) Uitgave Waanders Uitgevers Zwolle in samenwerking met het Gemeentearchief van Tilburg. ISBN 90-400-0206-1
  3. Militairen gesneuveld mei 1940
  4. Joden in Tilburg
  5. Doden door dwangarbeid
  6. Beschieting
  7. a b c d Ach Lieve Tijd. De boeiende historie van Tilburg en de Tilburgers - Deel 2 - (1993) Uitgave Waanders Uitgevers Zwolle in samenwerking met het Gemeentearchief van Tilburg. ISBN 90-400-0206-1 (compleet)
  8. Er wordt beweerd dat de urine op maandag niet gekocht werd, omdat er te veel alcohol in zou ztten. Deze fabel wordt nog steeds op souvenirs verkocht. - VVV Tilburg
  9. a b Spapens, Paul. De Oudste Tilburger (1994) Uitgegeven door Brabant Pers. Drukkerij H. Gianotten BV, Tilburg. - Geraadpleegd op 25 maart 2011
  10. http://bd.nl/nieuws/tilburg-stad/plaats-nazaat-vrijheidsboom-in-stadshart-ingezonden-brief-1.115549