Het wonderlijke verhaal van Hendrik Meier

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het wonderlijke verhaal van Hendrik Meier
Oorspronkelijke titel The wonderful story of Henry Sugar
Auteur(s) Roald Dahl
Vertaler Harriët Freezer
Illustrator Quentin Blake
Land Engeland
Taal Engels
Genre Fantasie
Uitgever Fontein
Uitgegeven 1977
Pagina's 204
ISBN-code 9789047605492
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

Het wonderlijke verhaal van Hendrik Meier is een boek, geschreven door Roald Dahl en geïllustreerd door Quentin Blake.

In 1979 heeft Roald Dahl de zilveren griffel gewonnen, door de vertaling van Harriët Freezer.

Het verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Hendrik Meier is een man die rijk is omdat zijn vader veel geld had. 's Zomers woont hij in Londen, maar wanneer het kouder wordt, gaat hij naar Zuid-Frankrijk.

Op een dag gaat hij naar zijn vrienden om canasta te spelen. Maar omdat ze met zijn vijven zijn en je canasta met zijn vieren speelt, kan hij niet mee doen. Daarom besluit hij om eens rond te lopen in de bibliotheek van zijn vriend. Daar vindt hij een soort dagboek van Dokter John F. Cartwright. Het verhaal speelt zich af in Bombay. Op een dag komt er een Indiër bij de dokter, die zegt dat de dokter zijn ogen zo goed mogelijk moet bedekken. Als de dokter dit gedaan heeft, fietst de Indiër zonder te twijfelen over straat. De dokter vraagt hoe het komt, en hij zegt dat hij les heeft gehad van een yogi. De yogi heeft hem geleerd om overal door heen te kijken.

Hendrik Meier denkt dat hij hiermee ook erg veel geld kan verdienen met pokeren, want als je door de kaarten heen kan kijken, ben je de baas over het spel. Hij begint thuis te oefenen en na 3 jaar en 3 maanden kan Hendrik door alles heen kijken. Hij gaat naar het casino en komt met een enorme winst thuis. Maar hij vindt het eigenlijk helemaal niet leuk om zoveel geld te hebben. Daarom besluit hij om met een vriend kindertehuizen te gaan bouwen. Alleen de bazen van de casino's zijn niet blij met Hendrik, omdat ze veel geld aan hem verliezen. Daarom proberen ze hem te vermoorden, maar wanneer Hendrik daarachter komt, gaat hij vanaf dan alleen nog maar verkleed naar casino's. Als Hendrik Meier 63 is sterft hij een natuurlijke dood. Hij heeft dan in totaal fl 504.000.000,- verdiend, en heeft 21 kindertehuizen gesticht.

Na zijn dood zijn Max Engelman en John Winston naar Roald Dahl gegaan, en ze hebben hem gevraagd om hij de goede daden van Hendrik Meier wilde opschrijven in een boek. Dat is volgens het verhaal dit boek geworden, alleen is alles bedacht want het is onmogelijk om door dingen heen te kijken.

Hoofdpersonen[bewerken]

Deze mensen hebben allemaal een belangrijke rol in het verhaal:

  • Hendrik Meier

Door zijn ogen is het boek geschreven, je kan je dus erg goed in hem inleven en je komt ook zijn gedachten en gevoelens te weten. Eigenlijk is hij dé hoofdpersoon.

  • John Winston

Hij was de man die alle geldzaken van Hendrik Meier regelde, nadat hij door alles heen kon zien. Voordat hij dit kon deed hij alle geldzaken zelf. John Winston zorgde er ook voor dat er geen mensen achter kwamen wáár het geld was en van wie hij het geld had gekregen. Ook gaf hij het aan de kindertehuizen.

  • Max Engelman

Hij zorgde ervoor dat niemand Hendrik Meier herkende, nadat Hendrik bijna was vermoord in een hotel. Hij zorgde altijd voor pruiken,nepsnorren, valse paspoorten, etc.

  • Imhrat Kahn

Deze man wordt beschreven in het dagboek van Dokter F. Cartwright. Imhrat Kahn was dus de man die met zijn ogen bedekt kon fietsen.

Moraal[bewerken]

De boodschap van het verhaal over Hendrik Meier is ten eerste dat geld niet altijd gelukkig maakt, ook al lijkt het geweldig om zoveel geld te hebben. Want in het begin van het boek is Hendrik een erg chagrijnige, norse man en in de loop van het verhaal wordt hij steeds vrolijker en gelukkiger. Ten tweede wil het boek zeggen dat het goed is om ook eens wat weg te geven en om anderen te helpen.

Externe link[bewerken]