Hordelopen
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
De hordelopen is een discipline binnen de atletiek, waarbij gerend moet worden over een parcours waarop op regelmatige afstanden hindernissen zijn geplaatst, de zogenaamde horden.
De vrouwen lopen standaard over de 100- en de 400 meter, en de mannen over 110 en 400 meter. Voor elke afstand zijn 10 horden geplaatst.
De horden zijn maximaal 1,2 m breed en zo gebouwd dat ze bij een druk groter dan 3,6 kg omkantelen. Wanneer een atleet over een horde springt, mag zijn/haar voet niet naast de horde bewegen. De atleet mag wel elke horde omlopen, dit levert tenslotte geen tijdwinst op.
| Onderdeel | Hoogte | Tussenafstand |
|---|---|---|
| 100 m dames | 84,0 cm | 8,50 m |
| 110 m heren | 106,7 cm | 9,14 m |
| 400 m dames | 76,2 cm | 35,00 m |
| 400 m heren | 91,4 cm | 35,00 m |
Het hordelopen ontstond, net als veel moderne atletiekonderdelen, in de negentiende eeuw in Engeland. De ongewone maten komen voort uit het Engelse meetsysteem.
De maten van de horden blijken te zijn afgeleid van de maat van een schapenafrastering in Engeland: 3,5 voet, dus 1,067 meter.
de aanloop naar de eerste horde is 13,72 meter, de afstand tussen de horden 9,14 meter en de uitloop naar de finish 14,02 bedraagt meter.
Het gewicht van een horde is aan een maximum gebonden. Op elke afstand geldt dat het hekje bij een druk van 3,6 kilogram moet gaan kantelen.
De eerste hordeloop werd, voor zover bekend, gehouden in 1837 op Eton College in Oxford, over 100 yards. De hindernissen weken nogal af van de huidige hekken; het bovenste deel bestond uit takken en riet zodat bij aanraking van de horde blessures uitbleven.
Voor vrouwen stamt het hordelopen uit de jaren twintig. Officieel werd in 1932 een afstand van 80 meter vastgesteld, met een tussenafstand van acht meter met een hordenhoogte van 76,2 centimeter. Na de Olympische Spelen in Mexico (1968) besloot de internationale atletiekfederatie IAAF wijzigingen aan te brengen, omdat ‘een nieuwe afstand en maatvoering beter overeenkomt met de prestatieontwikkeling van de vrouwen’. Sinds 1969 lopen de vrouwen 100 meter, met een aanloop van 13 meter, een tussenafstand van 8,50 meter en een uitloop van 10,50 meter.

