400 meter horden
| 400 meter | ||||
| Laatste horde tijdens de 400 meter hordenfinale op het WK van 2007 in Osaka. | ||||
| Algemene gegevens | ||||
| Organisatie | Mondiaal: IAAF |
|||
| Locatie | Atletiekbaan | |||
| Olympische sport | Heren: 1900 Dames: 1984 |
|||
| Competities / Kampioenschappen | ||||
| Kampioenschappen | BK / NK / EK / WK / OS Diamond League World Challenge |
|||
| Kampioenen | ||||
| 49,60 Michaël Bultheel 57,22 Axelle Dauwens |
||||
| 50,97 Thomas Kortbeek 58,73 Bianca Baak |
||||
| 48,26 David Greene 52,47 Lashinda Demus |
||||
| 47,63 Félix Sánchez 52,70 Natalja Antjoech |
||||
| Records | ||||
| 48,91 Marc Dollendorf 54,95 Ann Mercken |
||||
| 48,44 Harry Schulting 54,62 Ester Goossens |
||||
| Europees record | 47,37 Stéphane Diagana 52,34 Joelia Petsjonkina |
|||
| 46,78 Kevin Young 52,34 Joelia Petsjonkina |
||||
| Verwante sporten | ||||
| Disciplines | 60m 80m 100m 110m Steeplechase |
|||
| Verwante sporten | Duatlon Hardlopen Snelwandelen Triatlon Vijfkamp Zevenkamp Tienkamp |
|||
| Laatst bijgewerkt op: 12 december 2012 | ||||
|
||||
De 400 m horden is een olympisch atletiekonderdeel. Op een standaard 400 meter baan in de openlucht is dit de afstand van één compleet rondje in de binnenbaan. De renners blijven de gehele race in hun eigen baan na het starten vanuit de startblokken. De bedoeling is om de 400 meter zo snel mogelijk af te leggen en de 10 horden hierbij te passeren. De eerste horde staat 45 meter na de start, daarna is er een ruimte van 35 meter tussen de opeenvolgende horden. Wanneer een horde met het been stevig geraakt wordt kan de horde voorover vallen, zodat de kans op een blessure bij de atleet niet groot is. Het omvallen van een horde levert geen straftijd of strafpunten op, het aanraken vermindert enkel de snelheid van de atleet.
De beste mannelijke atleten kunnen de 400 m horden afleggen in een tijd rond de 47 seconden (WR: 46,78), wat gelijk staat aan een snelheid van 8,51 meter per seconde of 30,63 kilometer per uur. De beste vrouwelijke atleten kunnen een tijd bereiken van rond de 53 seconden (WR: 52,34), wat gelijk staat aan 7,54 meter per seconde en 27,16 kilometer per uur. Vergeleken met de 400 meter duurt de mannenrace gemiddeld 3 seconden langer en bij de vrouwen 4 seconden langer.
De 400 m horden is een olympische discipline sinds 1900 en 1984 voor respectievelijk mannen en vrouwen.
Er is ook een officieuze indoorvariant, zie onderaan het artikel.
Inhoud |
[bewerken] Geschiedenis
De eerste medailles voor een 400 m hordenrace zijn gegeven in 1860 bij een race in Oxford over een baan van 440 yard (402 meter). Tijdens de wedstrijd moesten de atleten twaalf massieve, meer dan een meter hoge houten horden passeren die op gelijke afstanden geplaatst stonden.
Om de kans op een blessure te verminderen, zijn er in 1895 lichtere horden ontwikkeld, waardoor de atleten de horde beter kunnen wegstoten. Toch werd een atleet tot aan 1935 gediskwalificeerd wanneer er meer dan drie horden werden omgestoten. Een record gold destijds enkel officieel wanneer alle horden waren blijven staan.
Op de Olympische Spelen van 1900 in Parijs werd de 400 m horden een olympisch onderdeel. Doordat in banen werd gelopen waren de wedstrijden virtueel identiek aan elkaar, iedere atleet had op de finish 400 meter afgelegd en het aantal horden was teruggebracht tot tien. De officiële hoogte voor een horde werd vastgelegd op 91,44 cm (36 inch) voor mannen en sinds 1974 76,20 cm (30 inch) voor vrouwen. De horden staan 35 meter uit elkaar, de eerste horde staat 45 meter vanaf de start. Het gedeelte van de laatste horde tot aan de finish heeft een lengte van 40 meter.
De eerste 400 m hordenwedstrijd voor vrouwen stamt uit 1971. De IAAF introduceerde het onderdeel voor vrouwen officieel in 1974. De afstand werd echter niet direct opgenomen in het programma van de Olympische Spelen; bij de Spelen van 1980 in Moskou was het een demonstratie-onderdeel zonder olympische medailles. De eerste vrouwelijke wereldkampioen werd gekroond tijden de wereldkampioenschappen van 1983, de eerste olympisch kampioene tijdens de Olympische Spelen van 1984.
[bewerken] Techniek
De uitdaging van het hordelopen is dat het passeren van de horde zo weinig mogelijk tijdverlies oplevert. Bij de korte hordennummers (110 m voor de mannen en 100 m voor de vrouwen) kan tussen alle horden eenzelfde aantal passen gedaan worden, namelijk drie, maar bij de lange hordennummers is een constant aantal passen meestal onhaalbaar, de invloed van de toenemende vermoeidheid op de paslengte is namelijk groot. Er komt dus de extra uitdaging bij om met zo weinig mogelijk invloed op de loopsnelheid, toch bij elke horde goed uit te komen.
Toplopers maken in het eerste deel van de race 13 (mannen) of 15 (vrouwen) passen tussen de horden. Door vermoeidheid worden de passen normaal gesproken korter, maar de horden blijven op exact dezelfde afstand staan. Wat de lopers doen is gevoelsmatig met steeds iets langere passen gaan lopen, waardoor ze in de praktijk juist precies dezelfde paslengte behouden. Op een gegeven moment gaat dit echter niet langer en moet overgeschakeld worden op een ander aantal passen tussen de horden. Daar komt nog een complicatie aan het licht: de hordenpassage gaat met het ene been meestal een stuk gemakkelijker dan met het andere been, het slechte of 'chocolade'been. Tegenwoordig zijn vrijwel alle toplopers door er veel op te trainen tweebenig, al zullen ze voorkeur voor het goede been blijven houden. Zo kan van 13 op 14 pas overgegaan worden en als ook dat niet meer lukt op 15 pas.
Een enkeling krijgt het voor elkaar om alles in 13-pas ritme te lopen, of 15-pas bij de vrouwen. Maar afhankelijk van de wind, de vorm van de dag en of per ongeluk een horde hard aangeraakt is, kan het ook bij hen voorkomen dat ze aan het eind een pas moeten invoegen. Beenlengte en kracht spelen ook nog een rol en zo moet ieder een eigen ritme ontwikkelen, plus de vaardigheid om het ritme aan te passen aan de omstandigheden. Bij een man komt er dan bijvoorbeeld uit dat tot en met horde zes 13 pas gekozen wordt, dan tweemaal 14 (dat wil zeggen één passage met het verkeerde been) en vervolgens 15. Bij de vrouwen zou het telkens twee passen meer zijn. De kunst is om al lang voor de horde te zien aankomen welke correcties op de paslengte nodig zijn en wanneer er passen ingevoegd zouden moeten worden. Sommige hordelopers vinden het prettig dat onderweg nadenken over deze kwesties afleidt van de hevige vermoeidheid waardoor de 400m gekenmerkt wordt.
[bewerken] Mijlpalen
- Mannen
- Eerste officiële IAAF record: 55,0 seconde, Charles Bacon (USA), 1908
- Eerste onder 54 seconde: 53,8 seconde, Sten Pettersson (SWE), 1925
- Eerste onder 53 seconde: 52,6 seconde, John Gibson (USA), 1927
- Eerste onder 52 seconde: 51,7 seconde, Bob Tisdall (IRL), 1932
- Eerste onder 51 seconde: 50,6 seconde, Glenn Hardin (USA), 1934
- Eerste onder 50 seconde: 49,5 seconde, Glenn Davis (USA), 1956
- Eerste onder 49 seconde: 48,8 seconde, Geoff Vanderstock (USA), 1968
- Eerste onder 48 seconde: 47,82 seconde, John Akii-Bua (UGA), 1972
- Eerste onder 47 seconde: 46,78 seconde, Kevin Young (USA), 1992
- Vrouwen
- Eerste officiële wereldrecord: 56,51 seconde, Krystyna Kacperczyk (POL), 1974
- Eerste onder 56 seconde: 55,74 seconde, Tatjana Storoschewa (USSR), 1977
- Eerste onder 55 seconde: 54,89 seconde, Tatjana Selenzowa (USSR), 1978
- Eerste onder 54 seconde: 53,58 seconde, Margarita Ponomarjowa (USSR), 1984
- Eerste onder 53 seconde: 52,94 seconde, Marina Stepanowa (USSR), 1986
[bewerken] Meest succesvolle atleten
- Tweemalig Olympisch kampioen:
- Glenn Davis (USA), 1956 en 1960
- Edwin Moses (USA), 1976 en 1984 (ook brons in 1988)
- Angelo Taylor (USA), 2000 en 2008
- Félix Sánchez (DOM), 2004 en 2012
- Tweemalig Wereldkampioen:
- Edwin Moses (USA), 1983 en 1987
- Nezha Bidouane (MAR), 1997 en 2001 (ook zilver in 1999)
- Félix Sánchez (DOM), 2001 en 2003
Meest opvallende nieuweling: Glenn Davis (USA), die zijn eerste wedstrijd liep in april 1956 in 54,4. Twee maanden later liep hij een nieuw wereldrecord met 49,5 en later dat jaar won hij de gouden medaille tijdens de Olympische Spelen. Ook was hij de eerste die dat kon herhalen, hij deed dat in 1960.
Atleet die geschiedenis schreef op de 400 m horden: De Amerikaan Edwin Moses won 122 wedstrijden onafgebroken tussen 1977 en 1987 plus twee gouden medailles op de Olympische Zomerspelen 1976 en op de Olympische Zomerspelen 1984. De boycot van de Olympische Spelen in 1980 zorgden ervoor dat hij geen hattrick kon behalen, maar zijn carrière wordt wereldwijd als een fenomeen beschouwd. Hij hield het wereldrecord sinds hij het zelf had gezet in 1976 zijn hele sportleven, totdat het tijdens de Olympische Zomerspelen 1992 in Barcelona werd gebroken.
[bewerken] Olympische medaillewinnaars
[bewerken] Mannen
[bewerken] Vrouwen
[bewerken] Wereldkampioenen
[bewerken] Mannen
| Jaar | Goud | Zilver | Brons |
|---|---|---|---|
| 1983 | Edwin Moses (USA) | Harald Schmid (FRG) | Alexander Karlow (USSR) |
| 1987 | Edwin Moses (USA) | Danny Harris (USA) | Harald Schmid (FRG) |
| 1991 | Samuel Matete (ZAM) | Winthrop Graham (JAM) | Kriss Akabusi (GBR) |
| 1993 | Kevin Young (USA) | Samuel Matete (ZAM) | Winthrop Graham (JAM) |
| 1995 | Derrick Adkins (USA) | Samuel Matete (ZAM) | Stéphane Diagana (FRA) |
| 1997 | Stéphane Diagana (FRA) | Llewellyn Herbert (RSA) | Bryan Bronson (USA) |
| 1999 | Fabrizio Mori (ITA) | Stéphane Diagana (FRA) | Marcel Schelbert (CH) |
| 2001 | Félix Sánchez (DOM) | Fabrizio Mori (ITA) | Dai Tamesue (JPN) |
| 2003 | Félix Sánchez (DOM) | Joey Woody (USA) | Periklís Iakovákis (GRE) |
| 2005 | Bershawn Jackson (USA) | James Carter (USA) | Dai Tamesue (JPN) |
[bewerken] Vrouwen
| Jaar | Goud | Zilver | Brons |
|---|---|---|---|
| 1980 | Bärbel Broschat (DDR) | Ellen Fiedler (DDR) | Petra Pfaff (DDR) |
| 1983 | Jekaterina Fesenko (USSR) | Anna Ambrosiene (USSR) | Ellen Fiedler (DDR) |
| 1987 | Sabine Busch (DDR) | Debbie Flintoff-King (AUS) | Cornelia Ullrich (DDR) |
| 1991 | Tatjana Ledovskaja (USSR) | Sally Gunnell (GBR) | Janeene Vickers (USA) |
| 1993 | Sally Gunnell (GBR) | Sandra Farmer-Patrick (USA) | Margarita Ponomarjowa (RUS) |
| 1995 | Kim Batten (USA) | Tonya Buford (USA) | Deon Hemmings (JAM) |
| 1997 | Nezha Bidouane (MAR) | Deon Hemmings (JAM) | Kim Batten (USA) |
| 1999 | Daimi Pernia (CUB) | Nezha Bidouane (MAR) | Deon Hemmings (JAM) |
| 2001 | Nezha Bidouane (MAR) | Joelia Petsjonkina (RUS) | Daimi Pernia (CUB) |
| 2003 | Jana Pittman (AUS) | Sandra Glover (USA) | Joelia Petsjonkina (RUS) |
| 2005 | Joelia Petsjonkina (RUS) | Lashinda Demus (USA) | Sandra Glover (USA) |
[bewerken] Wereldrecordontwikkeling
[bewerken] Mannen
[bewerken] Vrouwen
| Tijd | Atleet | Land | Datum | Locatie |
|---|---|---|---|---|
| 52,34 | Joelia Petsjonkina | 8 augustus 2003 | Toela | |
| 52,61 | Kim Batten | 11 augustus 1995 | Göteborg | |
| 52,74 | Sally Gunnell | 19 augustus 1993 | Stuttgart | |
| 52,94 | Marina Stepanowa | 19 september 1986 | Tasjkent | |
| 53,32 | Marina Stepanowa | 30 augustus 1986 | Stuttgart | |
| 53,55 | Sabine Busch | 22 september 1985 | Berlijn | |
| 53,58 | Margarita Ponomarewa | 22 juni 1984 | Kiev | |
| 54,02 | Anna Ambrosiene | 11 juni 1983 | Moskou | |
| 54,28 | Karin Roßley | 17 mei 1980 | Jena | |
| 54,78 | Marina Makejewa | 27 juli 1979 | Moskou | |
| 54,89 | Tatjana Zelenzowa | 2 september 1978 | Praag | |
| 55,31 | Tatjana Zelenzowa | 19 augustus 1978 | Podolsk | |
| 55,44 | Krystyna Kacperczyk | 18 augustus 1978 | Berlijn | |
| 55,63 | Karin Roßley | 13 augustus 1977 | Helsinki | |
| 55,74 | Tatjana Storoshewa | 26 juni 1977 | Chemnitz | |
| 56,51 | Krystyna Kacperczyk | 13 juli 1974 | Augsburg |
[bewerken] Eeuwige top-10
[bewerken] Mannen
- 46,78 Kevin Young, USA, Barcelona, 6 augustus 1992
- 47,02 Edwin Moses, USA, Koblenz, 31 augustus 1983
- 47,03 Bryan Bronson, USA, New Orleans, 21 juni 1998
- 47,10 Samuel Matete, ZAM, Zürich, 7 augustus 1991
- 47,19 André Phillips, USA, Seoel, 25 september 1988
- 47,23 Amadou Dia Ba, SEN, Seoel, 25 september 1988
- 47,24 Kerron Clement, USA, Carson, 26 juni 2005
- 47,25 Félix Sánchez, DOM, Parijs, 29 augustus 2003
- 47,25 Angelo Taylor, USA, Peking, 18 augustus 2008
- 47,30 Bershawn Jackson, USA, Helsinki, 9 augustus 2005
[bewerken] Vrouwen
- 52,34 Joelia Petsjonkina, RUS, Toela, 8 augustus 2003
- 52,61 Kim Batten, USA, Göteborg, 11 augustus 1995
- 52,62 Tonja Buford-Bailey, USA, Göteborg, 11 augustus 1995
- 52,74 Sally Gunnell, GBR, Stuttgart, 19 augustus 1993
- 52,77 Faní Chalkiá, GRE, Athene, 22 augustus 2004
- 52,79 Sandra Farmer-Patrick, USA, Stuttgart, 19 augustus 1993
- 52,82 Deon Hemmings, JAM, Atlanta, 31 juli 1996
- 52,89 Daimí Pernía, CUB, Sevilla, 25 augustus 1999
- 52,90 Nezha Bidouane, MAR, Sevilla, 25 augustus 1999
- 52,94 Marina Stepanowa, RUS, Tasjkent, 17 september 1986
[bewerken] Indoor
Er bestaat sinds 2006 een officieuze variant van dit onderdeel voor de indoorbanen, bedacht door Jean-Georges Sarkadi. Er wordt in lanen gestart, maar op het tweede rechte stuk mag men naar de binnenbaan gaan. De horden staan op de rechte einden van een 200-meterbaan op een afstand van 30 meter, waarbij de horde minimaal 6 meter na de bocht moet staan. In totaal wordt achtmaal een horde genomen (tegen tien op de buitenbaan). Er staat een rijtje horden over de volle breedte van de baan, wordt een horde omvergelopen dat moet een achteropkomende loper de horde ernaast nemen. Zit laatstgenoemde atleet er te dicht op dan volgt geen diskwalificatie, maar de tijd telt niet als record. Juryleden zetten de in de eerste omloop omgevallen horden direct recht voor de tweede ronde. De lanen op een indoorbaan zijn over het algemeen smaller dan op de buitenbaan, dan passen ongeveer 4 gewone horden naast elkaar in de 6 lanen van een indoorbaan.
Het wereldrecord bij de mannen staat op naam van Félix Sánchez, die 48,78 liep in Val-de-Reuil op 18 februari 2012. Bij de vrouwen staat het record met 56,41 op naam van Sheena Tosta uit de Verenigde Staten, eveneens in Val-de-Reuil gelopen, maar een jaar eerder: 12 februari 2011.
[bewerken] Externe links
- (en) Lijst met toptijden bij de mannen op de IAAF-website
- (en) Lijst met toptijden bij de vrouwen op de IAAF-website
| Olympisch kampioen | |
|---|---|
|
Atletiek: 400m horden vrouwen
1984: Nawal El Moutawakel · 1988: Debbie Flintoff-King · 1992: Sally Gunnell · 1996: Deon Hemmings · 2000: Irina Privalova · 2004: Fani Chalkia · 2008: Melaine Walker · 2012: Natalja Antjoech Atletiek: 400m horden mannen
1900: John Tewksbury · 1904: Harry Hillman · 1908: Charles Bacon · 1920: Frank Loomis · 1924: Morgan Taylor · 1928: David Burghley · 1932: Bob Tisdall · 1936: Glenn Hardin · 1948: Roy Cochran · 1952: Charles Moore · 1956: Glenn Davis · 1960: Glenn Davis · 1964: Rex Cawley · 1968: David Hemery · 1972: John Akii-Bua · 1976: Edwin Moses · 1980: Volker Beck · 1984: Edwin Moses · 1988: André Phillips · 1992: Kevin Young · 1996: Derrick Adkins · 2000: Angelo Taylor · 2004: Félix Sánchez · 2008: Angelo Taylor · 2012: Félix Sánchez |
|
| Wereldkampioen |
|---|
|
Atletiek: 400 m horden vrouwen
1980 Bärbel Broschat · 1983 Jekaterina Fesenko · 1987 Sabine Busch · 1991 Tatjana Ledovskaja · 1993 Sally Gunnell · 1995 Kim Batten · 1997 Nezha Bidouane · 1999 Daimí Pernía · 2001 Nezha Bidouane · 2003 Jana Pittman · 2005 Joelia Petsjonkina · 2007 Jana Rawlinson · 2009 Melaine Walker · 2011 Lashinda Demus Atletiek: 400 m horden mannen
1983 Edwin Moses · 1987 Edwin Moses · 1991 Samuel Matete · 1993 Kevin Young · 1995 Derrick Adkins · 1997 Stéphane Diagana · 1999 Fabrizio Mori · 2001 Félix Sánchez · 2003 Félix Sánchez · 2005 Bershawn Jackson · 2007 Kerron Clement · 2009 Kerron Clement · 2011 David Greene |
| Zie de categorie 400 m hurdles van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |