Bahrein

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Koninkrijk Bahrein
مملكة البحرين
Vlag van Bahrein (Details) Emblem of Bahrain.svg
(Details)
Bahrein
Basisgegevens
Officiële landstaal Arabisch
Hoofdstad Manama
Regeringsvorm Constitutionele monarchie
Staatshoofd Hamad bin Isa Al Khalifa
Democratie-index 2,53 (autoritair regime)
Religie islam 82 % (58 % sjiieten, 24 % soennieten)
christendom 8 %
boeddhisme , hindoeïsme, jodendom en bahai (totaal overige 10 %)
Oppervlakte 758 km² [1] (-% water)
Inwoners 1.234.571 (2010)[2]
1.281.332 (2013)[3] (1.690,4/km² (2013))
Overige
Volkslied Bahrainona
Munteenheid Bahreinse dinar (BHD)
UTC +3
Nationale feestdag 16 december
Web | Code | Tel. .bh | BHR | 973
Voorgaande staten
Verenigd Koninkrijk Verenigd Koninkrijk 16 december 1971 Onafhankelijk van het Verenigd Koninkrijk
Topografie
Bahrein
Portaal  Portaalicoon   Landen & Volken

Bahrein, officieel het Koninkrijk Bahrein (Arabisch: مملكة البحرين Mamlakat al-Bahrayn), is een eilandstaatje in de Perzische Golf. Het is een archipel met 33 eilandjes, waarvan het grootste zo'n 55 km lang en 18 km breed is, gelegen voor de kust van Saoedi-Arabië waarmee het is verbonden via de Koning Fahddijk. In het zuidoosten ligt het schiereiland Qatar. Deze 40 km lange verbinding is in aanbouw. 200 Kilometer aan de overkant van de Golf ligt buurland Iran. Als centraal gelegen golfstaatje vervult Bahrein een belangrijke economische en financiële positie binnen de oliewereld.

De naam Bahrein betekent letterlijk twee zeeën in het Arabisch. Bahrein werd op 16 december 1971 onafhankelijk van het Verenigd Koninkrijk. Het koninkrijk is militair zeer belangrijk als standplaats en steunpunt van de Amerikaanse vijfde vloot in Perzische Golf. De hoofdstad Manama fungeert als centrum van de United States Navy in de regio, de marine van de Verenigde Staten van welke Bahrein een belangrijke bondgenoot is.

Het land behoort tot de Arabische Liga.

Geografie[bewerken]

Bahrein bestaat uit een groep van 33 eilanden in de Perzische Golf, onderling verbonden door een netwerk van bruggen. Er is ook een brugverbinding met Saoedi-Arabië: de King Fahd Causeway. Bahrein betekent letterlijk "twee zeeën", doelend op de laag zoet water die vroeger onder de zoute laag zeewater rond de eilanden lag. Deze laag zoet water is verdwenen. Door het huidige klimaat in de Golf is Bahrein grotendeels woestijn. Andere noemenswaardige eilanden zijn Umm Nasaneiland, Muharraq, Nabih Saliheiland en de Hawareilanden voor de kust van Qatar.

Bahrein is een rotsachtig eiland, met onder andere zoutmoerassen aan de zuidwestust.

Klimaat[bewerken]

De eilanden hebben een droog klimaat met koele winters en hete, drukkende zomers (mei tot oktober).

Bestuurlijke indeling[bewerken]

Bestuurlijk gezien is het land opgedeeld in vijf gouvernementen (muhafazat).

Geschiedenis[bewerken]

Bahrein stond waarschijnlijk al vroeg in verbinding met de cultuur van het oude Soemerië. Het is vrijwel zeker dat het land in die dagen Dilmun genoemd werd.

Een belangrijke historische plek is de tell Qal'at al-Bahrein, waarvan de eerste vondsten van bewoning terug gaan tot 2300 v.Chr. Tot 700 n. Chr. was Bahrein een belangrijk centrum van de Nestorianen, een christelijke afsplitsing na het Eerste Concilie van Efeze.

De Bahrein Eilanden waren vroeger bekend onder de naam Aval Eilanden. De Portugezen bestuurden Bahrein van 1507 tot 1602. In 1602 namen de sjiitische Arabieren uit Perzië onder sjah Abbas de macht over. In 1783 greep de soennitische familie Khalifa, die uit Koeweit afkomstig is, de macht na een langdurige strijd tussen Perzen en Arabieren. Deze familie regeert het land tot op heden. In 1805 werden relaties met de Engelsen aangeknoopt, die in 1820 in een verdrag en in 1867 in Brits protectoraat uitmondden. Van 1861 tot 1971 bestuurden de Britten het gehele eiland, maar in naam bleef Bahrein onafhankelijk. Sjeik Isa bin Salman al-Khalifa werd emir van het land in 1961. Isa's bewind werd gekenmerkt door de onafhankelijkheid van het land in 1971. Terwijl de regering in eerste instantie de toetreding tot de Verenigde Arabische Emiraten had overwogen, besliste Isa, net zoals Qatar, niet toe te treden, uit onvrede met de voorgestelde grondwet. Hij probeerde een gematigde vorm van parlementaire democratie in te voeren, en de mannelijke bevolking had de mogelijkheid deel te nemen aan parlementsverkiezingen in 1973. In 1975 ontbond hij echter het ​​parlement, omdat dit in 1974 geweigerd had een wet over de staatsveiligheid goed te keuren.

In 2001 werd een referendum gehouden en de uitkomst hiervan bepaalde dat het parlement de macht in handen zou krijgen, waarmee het land een constitutionele monarchie werd.

Sjiitische protesten in 2011[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Protesten in Bahrein (2011) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In februari 2011 braken, net als in andere Arabische landen protesten uit tijdens de Arabische Lente. De demonstranten wilden meer rechten voor de sjiitische bevolking. Op verzoek van de koning Bahrein vielen troepen uit Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten op 14 maart Bahrein binnen. Zij sloegen de demonstraties bloedig neer, met vele doden tot gevolg. Een officieel rapport oordeelde later dat de politie "excessief geweld" gebruikte en dat arrestanten gemarteld werden.[4] Ook werden de artsen die de gewonde betogers behandelden, veroordeeld tot lange gevangenisstraffen. Artsen zonder grenzen mocht het land niet betreden en mensenrechtenactivisten uit het Westen werden aan de grens geweigerd. Op 1 juni 2011 werd de noodtoestand opgeheven.

In maart 2012 vond een demonstratie van merendeels sjiitische burgers plaats met 100.000 deelnemers, maar de regering lijkt vooralsnog weinig toe te willen geven aan de eisen van de betogers; harde repressie volgde waarbij wederom talrijke doden gevallen zijn. De sjiitische sjeik Isa Qassim riep de soennitische koning op tot troonsafstand en democratische verkiezingen.[5]

Bevolking[bewerken]

De bevolking is overwegend Arabisch met een tot de soennitische islam behorend heersend stedelijk element. Vandaag is slechts 70 procent van de inwoners nog Bahreiners. 30 procent zijn Omanieten, Indiërs, Pakistanen, Iraniërs en westerlingen. 80 procent van de bevolking woont in de steden. Bahrein is een dichtbevolkt land. Bijna de gehele bevolking woont op de noordelijke helft van het eiland, dat in één grote agglomeratie is veranderd. Het zuidelijk deel is grotendeels onbewoond.

De stad Manama is sinds 1932 de hoofdstad. Daarvoor waren dit Riffa (tot 1869) en Muharraq (1869-1932). De grootste steden volgens de volkstelling van 2001 zijn Manama (143.035 inwoners), Muharraq (91.307), Riffa (79.550), Madinat Hamad (52.718) en A'ali (47.529).

De bevolking is in de laatste decennia sterk gegroeid: 160 000 (1963), 182 000 (1965), 217 000 (1971), 650 604 (2001), 1 248 348 (2012).

Talen[bewerken]

Het Arabisch is de officiële taal, maar ook Engels wordt er veel gebruikt en is een verplichte tweede taal in alle scholen. Er wordt ook Perzisch gesproken, maar voornamelijk binnenshuis. Een aantal andere talen worden gesproken onder de expats, waaronder Urdu, Hindi en Tagalog.

Religie[bewerken]

De bevolking is voor het grootste deel islamitisch (ongeveer 82 procent; daarvan zijn 60 procent sjiieten en 40 procent soennieten). De regerende familie en veel van de rijkere en meer invloedrijke Bahreini zijn soennieten. Dit verschil is een onderliggende oorzaak van spanning, vooral tijdens en na de Iran-Irak oorlog (1980-88). Consumptie en/of invoeren van alcohol en varkensvlees is strafbaar. Verkoop en consumptie van alcohol en varkensvlees worden echter in luxehotels getolereerd.

8 procent van de bevolking is christen. Tot 700 n. Chr. was Bahrein een belangrijk centrum van de Nestorianen. De katholieken van Bahrein ressorteren onder het Apostolisch Vicariaat Noord-Arabië (Apostolicus Vicariatus Arabiae Settentrionale) met zetel in Bahrein, dat ook het grondgebied van Qatar, Koeweit en Saoedi-Arabië omvat[6]. Bisschop Camillo Ballin, mccj van de missiecongregatie der Combonianen is de huidige apostolisch vicaris. In 2013 werd de bouw van een kerk aangekondigd die zal toegewijd worden aan Onze-Lieve-Vrouw van Arabië.

Voorts zijn er kleine groepen joden, hindoes en bahai in Bahrein.

Internationale betrekkingen[bewerken]

Alhoewel Bahrein een klein land is, speelt het land sinds de opkomst van de olieindustrie een relatief belangrijke rol in de internationale politiek. Het land is een van de zes leden van de Samenwerkingsraad van de Arabische Golfstaten en heeft aan Saoedi-Arabië een belangrijke bondgenoot. De Amerikaanse vijfde vloot heeft haar thuishaven in Bahrein. De Amerikanen leveren ook wapens aan het Bahreinse regime. Het land was een van de sponsors van de internationale luchtaanvallen tijdens de Opstand in Libië in 2011[bron?].

Economie[bewerken]

Door middel van irrigatie, gevoed door artesische bronnen, is langs de noordkust landbouw mogelijk (o.a. productie van dadels en lucerne).

De traditionele middelen van bestaan waren botenbouw, weven, het maken van rieten matten en de parelvisserij, waarom Bahrein befaamd is. De parelvisserij is echter sterk achteruitgegaan. 17 bouwwerken in Muharraq werden in 2012 op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO geplaatst en getuigen nog van deze visserij.

Na mislukte pogingen van de Engelsen slaagden de Amerikanen erin in 1932 olie aan te boren. Er werd een grote olieraffinaderij gebouwd, die ook de uit Saoedi-Arabië via een pijpleiding aangevoerde olie verwerkt. De olieconcessies zijn in handen van de Bahrein Petroleum Company (BAPCO). De royalty's op de oliewinning zijn een van de belangrijkste inkomstenbronnen van de regering.

Sport[bewerken]

Formule 1[bewerken]

Bahrein is het op één na kleinste land dat een race herbergt in het Formule-1-circus, na Monaco. Deze race wordt sinds 2004 gereden op het nieuwe, door Hermann Tilke ontworpen circuit Sakhir, ongeveer 35 kilometer ten zuidwesten van Manama. De race van 13 maart 2011 werd afgelast omwille van politieke onrust in Bahrein, die ontstond na de volksopstanden in Tunesië en Egypte, die elk leidden tot het aftreden van de respectieve dictators Ben Ali en Mubarak.

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • A. Faroughy, The Bahrain Islands (1951)
  • M. Tweedy, Bahrein and the Persian Gulf (1952)
  • C. Belgrave, Personal Column (1960)
  • J.H.D. Belgrave, Welcome to Bahrein (1975, 9e ed.)
  • J. Whelan (ed.), Bahrain (1983)
  • A. Clarke, The Islands of Bahrain: An Illustrated Guide to Their Heritage (1981)
Bronnen, noten en/of referenties