Juffers

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Juffers
Bosbeekjuffer (Calopteryx virgo)
Bosbeekjuffer (Calopteryx virgo)
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Arthropoda (Geleedpotigen)
Klasse: Insecta (Insecten)
Orde: Odonata (Libellen)
Onderorde
Zygoptera
Sélys, 1854
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Insecten

De waterjuffers of gelijkvleugeligen (Zygoptera) zijn een onderorde van insecten, een van de twee recente onderorden binnen de orde van de libellen (Odonata). Wereldwijd zijn ruim 2700 soorten juffers beschreven, in Europa komen slechts 49 soorten voor (het aantal hangt af van de definitie van Europa). In Nederland zijn 26 soorten aangetroffen waarvan 24 ook in België.

Juffers/gelijkvleugeligen zijn van de Anisoptera (echte libellen of ongelijkvleugeligen) te onderscheiden door een aantal kenmerken (zie ook bij de echte libellen): ze zijn over het algemeen lichter gebouwd; de ogen zijn relatief klein en staan ver uit elkaar; in rust vouwt een juffer de vleugels achter de rug (met uitzondering van de pantserjuffers), terwijl een echte libel ze spreidt.

Zowel ongelijkvleugeligen als gelijkvleugeligen/juffers kennen een onvolledige gedaanteverwisseling: de larve vervelt en wordt pas na de laatste vervelling een gevleugeld insect met vaak felle kleuren. De larve is tamelijk klein, tot ongeveer twee centimeter, met een smal achterlijf waaraan drie veerachtige staartkieuwen zitten (larven van gelijkvleugeligen hebben geen kieuwen en zijn plomper gebouwd). Ze bewegen zich voort door het achterlijf heen en weer te kronkelen (larven van echte libellen hebben 'straalaandrijving').

Taxonomie[bewerken]

De onderorde kent de volgende families:

In Nederland en België[bewerken]

Determinatie van families[bewerken]

De families in Nederland en België zijn vrij eenvoudig te herkennen.

  • 1 Beekjuffers: brede vleugels met een zeer groot aantal cellen; vleugels getint of deels gekleurd (niet als vensterglas); vleugels vanaf de basis breder wordend (bij andere families verbreedt het eerste deel van de vleugels nauwelijks).
  • 2 Pantserjuffers: vrij lang achterlijf (meestal iets korter dan bij bovenstaande, maar altijd langer dan bij onderstaande families); vleugels met grote, langwerpige pterostigma's, meer dan tweemaal zo lang als breed; vleugels in rust meestal half gespreid; mannetjes met vrij lange gekromde achterlijfsaanhangsels.
  • 3 Breedscheenjuffers: brede schenen, vooral bij de achterste poten; twee donkere schoudernaadstrepen (niet één, zoals het geval is bij de waterjuffers); nog bredere kop dan andere juffers.
  • 4 Waterjuffers: overige soorten – het is in Nederland en België de soortenrijkste familie.

Toelichting. Deze determinatietabel geldt voor Nederland en België. Als de kenmerken bij stap 1 niet opgaan ga je naar stap 2. Bij elke stap staat tussen puntkomma's een uniek kenmerk (voor die stap en volgende stappen) of een unieke combinatie van kenmerken (met plusteken). Elk van die unieke dingen is op zich voldoende voor de determinatie, maar het is verstandig ook de overige unieke dingen te bekijken. Tussen haakjes staan kenmerken die juist niet mogen kloppen. Foto's maken vaak meer duidelijk dan woorden, bekijk daarom onderstaande foto's of klik door naar families en soorten.

Afbeeldingen[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  • Frank Bos, Marcel Wasscher en Weia Reinboud (2007): Veldgids Libellen, KNNV Uitgeverij, vijfde volledig herziene druk, ISBN 978-90-5011-264-2
  • Jill Silsby (2001): Dragonflies of the World, Smithsonian, ISBN 1-56098-959-9