Koningin van Sheba

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

De Koningin van Sheba, naar wie verwezen wordt in de Bijbelboeken I Koningen en II Kronieken, de Koran en de geschiedenis van Ethiopië, was heerseres over het koninkrijk Sheba, dat door moderne archeologen geplaatst wordt in Ethiopië of Jemen of beide. In de Bijbel wordt haar naam niet genoemd, maar in Ethiopië heet ze Makeda en in de Koran Bilqis.

[bewerk] De Bijbel en de Koran

In de Bijbel reist de koningin van Sheba naar koning Salomo van Israël, nadat zij van diens grote wijsheid had gehoord, met goud, specerijen en edelstenen als geschenken voor hem. Ze was zo onder de indruk van Salomo's wijsheid en rijkdom dat ze zijn God zegende, waarop Salomo haar "alles gaf wat zij verlangde". De joodse historicus Flavius Josephus interpreteerde dit in de 1e eeuw na Christus als een seksuele relatie. In de Koran staat een vergelijkbaar verhaal, waarin Salomo hoort van een heerseres die de zon aanbidt. Hij stuurt haar een boodschap met daarin de dreiging van een invasie; hierna worden de in de Bijbel genoemde geschenken uitgewisseld, en accepteert Bilqis de monotheïstische godsdienst van Solomon. De koningin speelt ook een rol in de evangelies van Matteüs en Lucas, waarin Jezus zegt dat zij en de inwoners van Ninive de joden die Jezus afwezen zullen veroordelen.

[bewerk] Ethiopische mythologie

In Ethiopië beweert de keizerlijke familie dat zij afstamt van de koningin van Sheba, Makeda genoemd, en Salomo; hun zoon Menelik zou de eerste Ethiopische keizer zijn geweest. Dit is waarschijnlijk een mythologische vertaling van de migratie van mensen uit Arabië naar Ethiopië in de eerste eeuwen na Christus. Het koninkrijk Aksum strekte zich tot de opkomst van de islam in de 7e eeuw uit tot aan het huidige Jemen, en de inheemse Ethiopische taal is nauw verwant aan het Zuid-Arabisch.

[bewerk] Externe links

 
Persoonlijke instellingen