Lijst van Nederlandse spreekwoorden A-E
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
a
-
- Wie a zegt moet ook b zeggen.
- Als je eenmaal ergens aan begonnen bent, moet je het ook afmaken.
aanhouder
-
- De aanhouder wint.
- Wie blijft proberen zijn doel te bereiken, heeft uiteindelijk succes. je moet volhouden.
aanval
-
- De aanval is de beste verdediging.
- Je kunt in een strijd of ruzie beter zelf actie ondernemen dan afwachten.
aap
-
- Al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding.
- Wie zich mooi aankleedt wordt daarmee zelf nog niet mooi.
- Of: Wie zich kleedt als iemand van aanzien wordt daarmee nog niet aanzienlijk.
- Of: Fraaie kleding en sieraden maken een lelijk mens niet mooi.
- De spreuk is een navolging van het Latijnse Simia est simia et si aurea gestet insignia. Die spreuk was voor Jacob Cats de aanleiding voor het volgende gedicht (1632):
-
- Al draagt de aap een gouden ring
- zo is het toch een lelijk ding
- Al heeft de sim een gulden rok,
- Zo is 'et toch maar enkel jok;
- Want schoon zij met een grote pracht,
- Wordt deftig in het spel gebracht,
- En dat ze voor de eerste maal
- Komt prachtig treden op de zaal,
|
- Komt wonder moedig aan de dag:
- Zij is een aap, gelijk ze plach';
- Want eer men nog de rolle sluit,
- Zo kijken hare grillen uit,
- Want zijde, goud, fluweel, satijn,
- En geven niet als enkel schijn.
- De vors die huppelt naar de poel,
- Al zat hij op een gouden stoel.
|
-
- Als apen hoger klimmen willen, ziet men gauw hun blote billen.
- Iemand die meer wil dan hij kan, maakt zich snel belachelijk.
adel
-
- Adel verplicht. (Uit het Frans: noblesse oblige.)
- Wie in aanzien bij het volk staat, moet ook aan de verwachtingen van het volk voldoen.
-
- Arbeid adelt.
- Met werken kom je vooruit.
angst
-
- Angst is een slechte raadgever.
- Laat je niet leiden door angst.
- Emoties zijn gevaarlijk.
appel
-
- De appel valt niet ver van de boom/stam.
- Kinderen aarden meestal naar hun ouders.
-
- Wie appelen vaart, die appelen eet.
- Als je handelt in bepaalde goederen, dan zul je deze zelf waarschijnlijk ook gebruiken.
- Iemand die bepaalde werkzaamheden voor een ander moet verrichten, geniet daar doorgaans zelf ook van.
-
- Eén rotte appel in de mand, maakt al het gave fruit te schand.
- Als één persoon uit een groep zich misdraagt, wordt de hele groep erop aangekeken.
- Of: een negatieve beïnvloeding van één persoon kan vele anderen op het slechte pad brengen.
-
- Wie zichzelf bewaart, bewaart geen rotte appel.
- Je moet voorzichtig omgaan met jezelf, want het is niet vervangbaar.
april
-
- April doet wat ie wil.
- Het weer in april is niet te voorspellen.
- Aprilletje zoet, heeft nog wel eens een witte hoed.
- In het begin (de hoed) van april kan het nog wel eens sneeuwen.
anker
-
- Om de kracht van het anker te voelen moet men de storm trotseren.
- Pas als men iets ernstig meemaakt, weet men op wie men kan vertrouwen.
arbeid
-
- Arbeid adelt.
- Met werken kom je vooruit.
bang
-
- Wie bang leeft, gaat ook bang dood.
- Je gaat zoals je geleefd hebt.
balk
-
- Aan een balk, die uit het bos gehaald wordt, moet veel gehakt worden, voor hij in het huis past.
- In een religieuze groep, vereniging, etc.: je kunt leden uit een gemeenschap winnen, maar hen moet wel geleerd worden zich aan te passen.
-
- Wel de splinter in het oog van de ander zien, maar niet de balk in het eigen oog. (Mattheüs 7:3-5.)
- Iemand anders wel bekritiseren, maar eigen gebreken niet opmerken.
baten
-
- Wat baten kaars en bril, als de uil niet zien (en) wil.
- Al zijn de condities nog zo goed, als de wil ontbreekt kan er niets gebeuren.
-
- Baat het niet, het schaadt ook niet.
- Ook: Baat het niet, dan schaadt het niet.
- Misschien helpt datgene wat je doet of gebruikt niet, maar je zult er ook geen nadeel van ondervinden.
-
- De kosten gaan voor de baten.
- Ook: De kost gaat voor de baat (uit).
- Om geld te verdienen zul je eerst moeten investeren.
bed
-
- Men moet zijn bed maken zoals men slapen wil.
- Iedereen is verantwoordelijk voor zijn eigen daden.
been
-
- Het zijn sterke benen die de weelde kunnen dragen.
- Voor sommige mensen is het moeilijk om aardig te blijven als ze veel succes en geld hebben.
beer
-
- Je moet de huid niet verkopen voor de beer geschoten is.
- Men moet zich niet beroemen op zijn succes voor men het behaald heeft.
- Ook: Je moet geen dingen toezeggen (beloven) die nog niet van jou zijn.
begin, beginnen
-
- Een goed begin is het halve werk.
- Een goed voorbereid begin is van doorslaggevende betekenis voor de kans op succes.
-
- (Goed) begonnen is half gewonnen.
- Wat niet aangevangen wordt komt ook nooit af.
- Wanneer het begin van iets goed is, is de kans groter dat het goed eindigt.
belofte
-
- Belofte maakt schuld.
- Als men iets heeft beloofd, dan heeft men ook de plicht dit vervolgens ook uit te voeren.
beloven
-
- Veel beloven en weinig geven, doet de zotten in vreugde leven.
- Je kunt normale mensen niet aan het lijntje houden door hun voortdurend iets te beloven en de belofte nooit daadwerkelijk in te lossen; uiteindelijk zullen alleen gekken je beloftes nog voor waar aannemen.
berg
-
- Als de berg niet naar Mohammed komt dan moet Mohammed naar de berg komen.
- Als iemand niet naar jou komt dan zul jij naar de ander moeten gaan; als een ander geen initiatief neemt, moet je het zelf maar doen.
bewaren
-
- Wie wat bewaart, die heeft wat.
- Het bewaren van zaken kan op lange termijn voordelig blijken te zijn.
bezem
-
- Nieuwe bezems vegen schoon.
- Nieuwe medewerkers (of: nieuwe leiders) pakken de zaken grondig aan.
-
- Nieuwe bezems vegen schoon, maar oude bezems kennen alle hoeken en gaten.
- Nieuwe medewerkers (of: nieuwe leiders) pakken de zaken grondig aan, maar oude medewerkers (of: oude leiders) weten hoe het moet op grond van ervaring.
bezinnen
-
- Bezint eer ge begint.
- Denk goed na voor je ergens aan begint.
bezoek
-
- Bezoek brengt altijd vreugde aan, zo 't niet bij het komen is, dan bij het gaan.
- Nicolaas Beets.
-
- Bezoek en vis blijven drie dagen fris.
- Als je ergens gaat logeren, moet je maar een paar dagen blijven.
blind
-
- In het land der blinden is eenoog koning.
- Iemand die weinig kan, wordt toch als deskundig beschouwd, als de overigen nog minder kunnen.
- (Vaak toegeschreven aan Erasmus, maar komt iets anders al voor in de Griekse klassieken.)
bloed
-
- Het bloed kruipt waar het niet gaan kan.
- Wat iemand graag wil of wat goed bij iemand past, zal die persoon inderdaad ooit gaan doen.
- Of: Familie krijgt meer aandacht of hulp.
blood
-
- Beter blo(de) Jan dan do(de) Jan.
- Het is beter zich laf blood te gedragen, dan te sterven, dood te zijn.
- (Zie ook: Liever Turks dan paaps.)
boer
-
- Wat de boer niet kent, dat vreet hij niet.
- Hij wenst uitsluitend gerechten te nuttigen die hij reeds kent.
- Ook: Hij heeft weinig ondernemingszin. Schrik hebben voor het onbekende.
-
- Als de vos de passie preekt, boer pas op je ganzen/kippen.
- Waarschuwing tegen een mooipratende bedrieger.
-
- Boeren en varkens worden knorrend vet.
- Een boer die klaagt heeft daar wellicht geen reden toe.
-
- Een boer met kiespijn lacht niet.
- Mensen met pijn kunnen moeilijker ontspannen.
- Ook: Wie meelacht met anderen, zonder zelf een reden tot lachen te hebben. Lachen als een boer met kiespijn (herkomst).
-
- Wanneer de boeren niet meer klagen, nadert het einde der dagen.
- Boeren klagen altijd.
-
- Als een boer niet zwemmen kan, ligt het aan het water.
- Hij heeft altijd wel een verklaring waarom hem iets niet lukt.
bok
-
- Een oude bok lust nog wel een jong/groen blaadje.
- Een oude man is nog wel seksueel geïnteresseerd in een jong meisje.
boom
-
- Hoge bomen vangen veel wind.
- Mensen in een hoge positie krijgen veel commentaar op hun doen en laten.
-
- De appel valt niet ver van de boom.
- Het kind lijkt qua gedrag op zijn/haar ouder.
-
- Aan een boom zo vol geladen, mist men een twee pruimpjes niet. (Naar Hieronymus van Alphen.)
- Als er van iets grote hoeveelheden zijn, kan er wel wat gemist worden.
-
- Waar de boom gevallen is, blijft hij liggen.
- Gedane zaken nemen geen keer.
-
- Boompje groot, plantertje dood.
- Sommige dingen hebben effecten die je niet kunt voorzien.
-
- Bomen ontmoeten mekaar niet, mensen wel.
- De kans dat je iemand toevallig tegenkomt is groot.
boon
-
- Boontje komt om zijn loontje.
- Iemand die iets slechts gedaan heeft zal daarvoor uiteindelijk zijn verdiende straf krijgen. (Wordt meestal gebruikt op het moment dat deze straf zich voltrekt.)
- (Een afgeleide van Zijn verdiende loon krijgen. Voortgekomen uit het sprookje Strohalm, kooltje vuur en boontje.)
bord
-
- Van een mooi bord kun je niet eten.
- Aan uiterlijk alleen heb je niets.
boter
-
- Je doet de boter in de pan, maar bakt er niks van.
- Denken dat je iets begrijpt, terwijl je dat niet doet.
-
- Wie boter op het hoofd heeft, moet uit de zon blijven.
- Je moet anderen niet iets verwijten, als je het zelf niet goed doet.
-
- Boter bij de vis.
- Bij een aankoop moeten geld en goederen tegelijk overgestoken worden.
-
- Vuile boter, vuile vis.
- Zonder goed gereedschap bereik je geen goede resultaten.
-
- Men kan niet boteren wanneer men wil.
- Men moet zijn tijd afwachten.
- (Historisch: Om te karnen moet men uiteraard voldoende melk of room hebben en moet men ook laten zuren. Men kan dus niet altijd boteren, d.i. boter maken, wanneer men wil.)
-
- Boter aan de galg smeren.
- Tevergeefse moeite doen, iets zal niet helpen.
breed
-
- Wie het breed heeft, laat het breed hangen.
- Wie rijk is, zal veel geld uitgeven.
breien
-
- Zelfs de beste breister laat wel eens een steekje vallen.
- Ook al kan iemand iets heel goed, hij (of zij) zal ooit wel eens een fout maken; dat is vergeeflijk.
bril
-
- Wat baten kaars en bril als de uil niet zien en wil.
- Het is vruchteloos iemand te willen voorlichten als die niet luisteren wil.
brood
-
- Wiens brood men eet, diens woord men spreekt.
- Men spreekt degene niet tegen van wie men voor zijn broodwinning afhankelijk is.
-
- De een zijn dood is een ander zijn brood.
- Sommigen hebben voordeel van het ongeluk van een ander.
-
- Een kruimeltje is ook brood.
- Wees gelukkig met wat je hebt.
-
- Liever brood in de zak, dan een pluim op de hoed.
- Van eer kan men niet leven.
branden
-
- Wie zijn billen brandt, moet op de blaren zitten.
- Ook: Wie zijn gat verbrandt, moet op de blaren zitten.
- Wie een misstap doet, moet de gevolgen ervaren.
brug
-
- Je moet geen 'hei' roepen voordat je de brug over bent.
- Vreugde over een goede afloop is pas toepasselijk als er niets meer verkeerd kan gaan.
buur
-
- Bij de buren is het gras altijd groener.
- Ook: Buurmans gras is altijd groener.
- Ook: Het gras lijkt altijd groener aan de overkant.
- Bij anderen lijkt het altijd beter (omdat men daar de interne problemen niet van kent).
-
- Een goede buur is beter dan een verre vriend.
- Ook: Beter een goede buur dan een verre vriend.
- Een behulpzame buurman is van groter nut dan een vriend die niet aanwezig kan zijn.
daad
-
- Een goede daad is goud waard.
- Iemand helpen is goed.
daalder
-
- De eerste klap is een daalder waard.
- De initiatiefnemer heeft een voordeeltje.
- (Het herinnert aan het bieden en loven op de veemarkt vergezeld van een handklap.)
dag
-
- Pluk de dag. (Carpe diem.)
- Geniet van vandaag.
-
- Men moet de dag niet prijzen voor het avond is.
- Men moet er niet van uitgaan dat de loop van een onderneming onveranderd goed blijft.
dansen
-
- Je kunt wel dansen, ook al is het niet met de bruid.
- Je kunt je best amuseren ook al is het niet altijd precies wat je zou willen.
denken
-
- Denkt aleer gij doende zijt en doende denkt dan nog (Guido Gezelle).
- Maak een plan alvorens ergens aan te beginnen, en stel tijdens de activiteit het plan bij indien nodig.
doen
-
- Al doende leert men.
- Door iets vaak te doen, leert men hoe het moet.
- (Deze zegswijze komt al sinds de 16e eeuw voor. Dit is een aansporing om ergens aan te beginnen, al heeft men de techniek nog niet (volledig) onder de knie.)
donker
-
- In het donker zijn alle katten grijs.
- Ook: In de nacht zijn alle katjes grauw.
- Als de situatie niet duidelijk is, zijn de zaken niet goed te beoordelen.
-
- Een kat in het donker maakt rare sprongen.
- Ook: Een kat in het nauw maakt rare sprongen.
- In een benarde situatie doet men vreemde dingen.
dood
-
- De een zijn dood is een ander zijn brood.
- Sommigen hebben voordeel van het ongeluk van een ander.
doof
-
- Vroeger, toen kraaiden de hanen nog. Tegenwoordig gapen ze alleen nog maar, zei de dove.
- Veranderingen in een situatie zijn vaak niet feitelijk, maar een subjectieve beleving.
dubbeltje
-
- Als je alles van tevoren wist, dan kwam je met een dubbeltje de wereld rond.
- Het heeft geen zin zich na afloop te beklagen over gebrek aan voorkennis. (Meestal in antwoord op klachten als "Als ik dat van tevoren geweten had.")
-
- Als je voor een dubbeltje geboren bent, word je nooit een kwartje.
- Wat je ook doet, als je in de lage stand geboren bent zul jij nooit van de hoge stand worden.
duivel
-
- Twee geloven op een kussen, daar slaapt de duivel tussen.
- Een huwelijk tussen twee mensen die een verschillend geloof aanhangen is tot mislukken gedoemd.
-
- Er is geen kap zo heilig, of de duivel krijgt er wel zijn hoofd in.
- Ook geestelijken kunnen misdadigers zijn. (Oudnederlands spreekwoord.)
-
- Als je over de duivel praat, trap je op zijn staart.
- Het onderwerp van gesprek blijkt zich onverwachts in de directe nabijheid te bevinden.
eerlijk
-
- Eerlijk(heid) duurt het langst.
- Het voordeel dat men denkt te behalen door te liegen houdt niet lang stand.
eerst
-
- Wie het eerst komt, die het eerst maalt.
- Het (product of iets anders) wordt gegeven aan de eerste die er om vraagt.
Egyptenaren
-
- De Hebreeërs bouwden het, maar de Egyptenaren hebben het (Exodus 1:11-14).
- Het vuile werk door anderen opknappen en het resultaat zelf pakken
ei
-
- Beter een half ei, dan een lege dop.
- Iets is beter dan niets.
-
- Van die boer, geen eieren.
- Dit is een oplossing die men niet wenst.
-
- Men kan geen omelet maken zonder eieren te breken.
- Soms moet men iets verliezen om een hoger doel te bereiken.
ezel
-
- Een ezel stoot zich in het (al)gemeen niet tweemaal aan dezelfde steen.
- Het is erg dom om twee keer dezelfde fout te maken.