De mammoetboom of reuzensequoia (Sequoiadendron giganteum) is een boom uit de cipresfamilie (Cupressaceae). Het is de zwaarste boom in de wereld. De soort komt van nature voor in Californië waar ze groeit op de westelijke hellingen van de Sierra Nevada. Voor de ijstijden kwam de boom algemeen voor op het noordelijk halfrond. In bijvoorbeeld Europa is de boom bekend als fossiel in bruinkoollagen.
De grootste mammoetboom is de General Sherman Tree. Deze boom is te vinden in het Sequoia National Park in Californië, heeft een hoogte van ruim 83 meter, een omtrek van 31 meter bij de bodem en 26 meter op borsthoogte.
Als sierboom worden mammoetbomen aangeplant in Europa, maar daar zijn ze voorlopig aanmerkelijk kleiner. De dikste mammoetboom in België is een boom in het Waalse Esneux, die een stamomtrek van 8,9 m heeft op 1,5 m hoogte. In Nederland zijn de dikste exemplaren te vinden in Brummen in Gelderland, met stamomtrekken van 7,9 en 7,8 meter (op 1,3 m hoogte). Om zo groot te worden als in Amerika zijn duizenden jaren nodig. De planten zijn in Europa pas in de tweede helft van de 19e eeuw voor het eerst ingevoerd. De leeftijd van de oudste reuzensequoia wordt na jaarringenonderzoek op 3200 jaar geschat.
De kroon is smal en kegelvormig. De uiteinden van de takken buigen naar voren. De boomschors is net als die van de kustmammoetboom (Sequoia sempervirens) roodachtig bruin, dik, zacht en vezelig. Later wordt de schors donkerder en gegroefd. De richels steken soms ver uit. De schors is heel zacht en kan gemakkelijk ingeduwd worden. Men kan ertegen stompen zonder de vuist te verwonden. De boom heeft blauwgroene of donkergroene schubbladeren van 4-7 mm lang. De kegels zijn bruin en eivormig, 5-8 cm lang en hangen aan lange steeltjes aan de hoofdtwijgen.
De mammoetboom heeft een zeer dikke bast en een hoge kruin, zodat bij een bosbrand het vuur de belangrijkste delen van de boom niet kan aantasten. Voor de voortplanting is het zelfs noodzakelijk dat de zaden deels verbrand worden. Het snel blussen en voorkomen van bosbranden in het verspreidingsgebied schijnt er toe geleid te hebben dat er vrijwel geen nieuwe Sequoia's meer opgroeien. Overigens zijn de zeer sterke bosbranden die af en toe toch oplaaien wel in staat om oude exemplaren dodelijk te beschadigen.
De mammoetboom levert zacht en duurzaam hout. Het is echter te zacht om als constructiemateriaal gebruikt te worden. Reuzenbomen die worden geveld versplinteren niet zelden in ernstige mate als ze omvallen, waardoor een groot deel van het hout onbruikbaar wordt.
De tien grootste bomen uit het geslacht van de S. giganteum zijn:
| Naam |
Locatie |
Hoogte
(meter) |
Omtrek
(meter) |
Volume
(kubieke meter) |
| General Sherman |
Giant Forest |
83,79 |
31,27 |
1486,9 |
| General Grant[2] |
Grant Grove |
81,72 |
32,77 |
1319,8 |
| President |
Giant Forest |
73,43 |
28,35 |
1278,4 |
| Lincoln |
Giant Forest |
77,97 |
29,96 |
1259,3 |
| Stagg |
Alder Creek |
74,07 |
33,22 |
1205,0 |
| Boole |
Converse Basin |
81,93 |
34,44 |
1202,7 |
| Genesis |
Mountain Home |
77,11 |
26,00 |
1186,4 |
| Franklin |
Giant Forest |
68,21 |
28,90 |
1168,9 |
| King Arthur |
Garfield Grove |
82,39 |
31,76 |
1151,2 |
| Monroe |
Giant Forest |
75,5 |
27,8 |
1135,6 |
|
|
|
Vergelijking met een auto
|
|
| Bronnen, noten en/of referenties
|