Remise (bordspel)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De uitdrukking remise wordt in bordspellen tussen twee spelers gebruikt om de uitslag van een onbesliste partij mee aan te duiden. Het is een ander woord voor gelijkspel. Remise is niet bij alle bordspellen mogelijk.

Bekende bordspellen die relatief vaak in remise eindigen zijn dammen en schaken. Ook go en reversi kunnen onbeslist eindigen (bij go is het zeer zeldzaam). Bij dammen worden meestal twee punten gedeeld en dan is de remise-uitslag 1-1. Bij schaken wordt één punt gedeeld en is de remise-uitslag ½-½.

Remise bij dammen[bewerken]

Een dampartij eindigt in remise als aan één van de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • Als er driemaal dezelfde stelling op het bord is verschenen.
  • Als beide spelers besluiten tot remise.
  • Als er geen redelijke mogelijkheid meer is om te winnen. Als beiden alleen maar 1 dam hebben die niet meteen verloren gaat is het direct remise. Als het 2 dammen tegen 1 dam is, kan na 5 zetten remise geclaimd worden, bij 3 dammen (of schijven) tegen 1 dam na 16 zetten.
  • Als er wederzijds 25 zetten niet is geslagen en er alleen maar met dammen is geschoven.

Op belangrijke toernooien komen regelmatig vooraf afgesproken remises voor, ook wel grootmeesterremises genoemd. Dit kan zijn om de krachten te sparen of (tegen het einde van een toernooi) om zeker te zijn van een plaats of een titelnorm.

Remise bij schaken[bewerken]

Een schaakpartij eindigt in remise indien aan één van de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • Als beide spelers dat overeenkomen (doordat de ene speler onmiddellijk na een zet gedaan te hebben remise aanbiedt, en de andere speler hiermee akkoord gaat).
  • Als de speler die aan zet is pat staat.
  • Als zojuist voor de derde maal (of vaker) dezelfde stelling is ontstaan of op het punt staat te ontstaan met dezelfde speler aan zet, en de speler die aan zet is op grond hiervan remise opeist.
  • Als in de laatste vijftig zetten geen stuk is geslagen en geen pion is verzet (vijftigzettenregel), en de speler die aan zet is op grond hiervan remise opeist, dan wel de speler die aan zet is aankondigt een zet te doen die deze situatie teweegbrengt.
  • Als beide spelers de tegenstander op geen mogelijke wijze mat kunnen zetten (dode stelling).
  • Als van beide spelers de vlag is gevallen en niet meer valt na te gaan wiens vlag het eerst viel.
  • Als van één speler de vlag is gevallen en de ander geen reglementaire mogelijkheid meer heeft om mat te zetten.
  • Als een arbiter een claim volgens artikel 10.2. honoreert; dit komt erop neer dat een speler met minder dan twee minuten op de klok voor de rest van de partij, remise kan claimen als hij vindt dat de tegenstander niet op redelijke wijze de tegenstander schaakmat probeert te zetten maar er slechts op uit is om met tijd te winnen.
8 rd nd bd qd kd bd nd rd
7 pd pd pd pd pd pd pd pd
6 Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png Chess d40.png
5 Chess d40.png Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png
4 Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png pl
3 Chess d40.png Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png Chess d40.png Chess l40.png
2 pl pl pl pl pl pl pl Chess d40.png
1 rl nl bl ql kl bl nl rl
a b c d e f g h

Een aparte vorm van overeengekomen remise is de salonremise. Dit is een snelle, strijdloze remise, doorgaans omdat beide spelers er belang bij hebben, bijvoorbeeld voor een (groot-)meesterresultaat, een hoge klassering of om een extra rustpauze in te lassen.

Dit wordt niet altijd op prijs gesteld. In de 8e ronde van het World Cup-toernooi van Rotterdam, 1989 kwamen de grootmeesters Valeri Salov (wit) en Rafael Vaganian, die beiden ziek waren, na 1. h4 remise overeen (zie diagram). De arbiter gelastte de spelers de partij over te spelen. Na 11 zetten werd het alsnog remise.

Bij enkele toernooien zijn regels ingesteld die tot doel hebben het aantal remises terug te dringen. De bekendste zijn de Sofia-regels, waarbij het niet toegestaan is om remise aan te bieden[1] en de Bilbao-regels waarbij een overwinning met 3 punten wordt gewaardeerd, een remise met 1 punt en een nederlaag met 0.[2]

Remise bij go (jigo)[bewerken]

Bij go is remise (jigo) een zeer zeldzame aangelegenheid. Om het nadeel voor wit te compenseren (zwart mag beginnen bij go), krijgt wit een klein aantal punten extra aan het begin van de partij (de uitslag wordt bepaald door het aantal "veroverde" bordpunten van iedere speler te tellen). Meestal gebruikt men voor deze zogeheten komi een niet-geheel getal (zoals 5½ of 6½ punt), om het onmogelijk te maken dat beide partijen met een gelijk aantal punten eindigen. Alleen in uitzonderlijke gevallen zal dan remise voorkomen (dit hangt af van de gebruikte regels). Ook wanneer men geen half punt gebruikt voor de komi, komt het in amateurkringen zelden voor dat beide spelers een gelijk aantal punten behalen, en het is niet mogelijk remise overeen te komen zoals bij schaken.

Remise in het dagelijks spraakgebruik[bewerken]

Het woord wordt buiten de wereld van sport en spel ook gebruikt om een situatie aan te gegeven waarin voor beide partijen de resultaten in evenwicht zijn.

Dit moet niet worden verward met een patstelling, een term uit het schaakspel om vastgelopen situatie aan te geven, een van de strijdende partijen geen zet meer kan doen, maar niet schaak staat. Het woord patstelling wordt in figuurlijke zin dan ook wel gebruikt voor "impasse".

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties