Senator van rechtswege

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een senator van rechtswege is, op basis van artikel 72 van de Belgische Grondwet, een lid van de Senaat dat lid wordt van de Senaat doordat hij of zij een kind is van de koning, dat meerderjarig is geworden en de eed heeft afgelegd.

In de Belgische Senaat zitten verschillende soorten senatoren:

De Senatoren van rechtswege zijn de meerderjarige kinderen van de koning, die de eed hebben afgelegd in de Senaat. Oorspronkelijk was dit in de Belgische Grondwet enkel voorzien voor de vermoedelijke troonopvolger. In 1893 werd dit op vraag van Leopold II uitgebreid tot alle mannelijke leden van de tot de troon gerechtigde tak van de koninklijke familie, omdat Leopolds rechtstreekse troonopvolger, zijn broer Filip, afstand zou doen van de troon ten voordele van zijn zoon. Om die zonen (waaronder Albert I), dit voorrecht te laten genieten, werd dit recht op die manier uitgebreid. Met de afschaffing van de Salische Wet werd dit ook opengesteld voor vrouwen.

De Grondwetgever heeft deze categorie ingevoerd omdat men meende dat dit een goede manier was om de toekomstige koning vertrouwd te maken met de werking van het parlement. Ook inhoudelijk kan dit zijn opleiding verbeteren, omdat hij zo toegang heeft tot alle documenten en vergaderingen. Men koos voor de Senaat en niet voor de Kamer van Volksvertegenwoordigers omdat deze oorspronkelijk meer aristocratisch was en vandaag de dag wordt dit onderscheid gerechtvaardigd doordat de regering enkel het vertrouwen moet krijgen van de Kamer.

De senatoren van rechtswege worden niet meegeteld om te bepalen of er voldoende senatoren aanwezig zijn om geldig te kunnen stemmen. Ze beschikken over dezelfde rechten als de andere senatoren: stemrecht, initiatiefrecht ... Het valt echter aan te bevelen dat zij hier geen uitdrukkelijke standpunten innemen, omdat dit hun positie als troonopvolger in gevaar zou kunnen brengen. Bovendien zijn de ministers niet politiek verantwoordelijk voor hun handelingen in de Senaat.

Tot 2013 waren er drie senatoren van rechtswege: prins Filip, prinses Astrid en prins Laurent. Na de abdicatie van koning Albert II verviel immers hun status van meerderjarige kinderen van de koning.

Het Vlinderakkoord van 2011 regelde voor na de verkiezingen van 2014 de afschaffing van deze categorie.[1]

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties