Slag bij Minden

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Slag bij Minden
Onderdeel van de Zevenjarige oorlog
Colored Print Battle of Minden 1785.jpeg
Datum 1 augustus 1759
Locatie Minden, in Minden-Ravensberg
Resultaat Geallieerde overwinning
Strijdende partijen
Union flag 1606 (Kings Colors).svg Groot-Brittannië

Flag of Hanover (1692).svg Hannover
Coat of Arms of Brunswick-Lüneburg.svg Brunswijk-Wolfenbüttel
Hessen KS flag.svg Hessen-Kassel
Flag of the Kingdom of Prussia (1750-1801).svg Pruisen
Flagge Fürstentum Schaumburg-Lippe.svg Schaumburg-Lippe

Pavillon royal de France.svg Frankrijk

Flag of Electoral Saxony.svg Saksen

Commandanten
Ferdinand, hertog van Brunswijk-Lüneburg Louis-Georges-Erasme de Contades
Troepensterkte
40.000 man,
107 kanonnen[1]
55.000 man,
86 kanonnen[1]
Verliezen
618 doden
2179 gewonden[2]
4278 doden
3963 gevangenen
22 kanonnen[2]
Zevenjarige oorlog

Lobositz · Reichenberg · Praag · Kolin · Hastenbeck · Groß-Jagersdorf · Moys · Rossbach · Breslau · Leuthen · Zorndorff · Lutterberg (1758) · Hochkirch · Bergen · Kay · Minden · Kunersdorf · Hoyerswerda · Maxen · Landshut · Warburg · Liegnitz · Torgau · Vellinghausen · Burkersdorf · Lutterberg (1762)

De Slag bij Minden was een veldslag die werd uitgevochten op 1 augustus 1759, tijdens de Zevenjarige Oorlog. Een gecombineerd leger bestaande uit soldaten uit Pruisen, Hannover en Groot-Brittannië aangevoerd door prins Ferdinand, Hertog van Brunswijk-Lüneburg, nam het bij Minden in Noordrijn-Westfalen op tegen een Frans leger onder Louis-Georges-Erasme de Contades.

Voorgeschiedenis[bewerken]

De vrede van Aken van 18 Oktober 1748 maakte een einde aan de meer dan achtjarige Oostenrijkse successieoorlog (1740–1748). Het maakte een einde aan de strijd tussen Groot-Brittannië en Frankrijk zowel in Noord-Amerika als ook in de Indische koloniën. De in Europa omstreden voormalige Oostenrijkse provincie Silezië werd hierbij aan het koninkrijk Pruisen toegewezen. Maar de eigenlijke tegenstellingen werden niet opgelost en de situatie verergerde weer vanaf het jaar 1755. In het dal van de rivier de Ohio raakten Groot-Brittannië en Frankrijk opnieuw met elkaar in gevecht en op initiatief van de oostenrijkse staatskanselier Graf Kaunitz (1711–1794) verbonden zich vervolgens Oostenrijk, Frankrijk en Rusland tegen Pruisen.

In mei 1756 brak de oorlog tussen Frankrijk en Engeland uit, waarop in augustus 1756 ook de midden europese oorlog werkelijk uitbraak door het oprukken van de Pruisen tegen het Keurvorstendom Saksen. Sinds het verdrag van Westminster van 16 Januari 1756 waren Groot-Brittannië en Pruisen bondgenoten. Dit verdrag hield in dat Groot-Brittannië het economisch zwakke Pruisen met geld ondersteunde, waarvoor deze als tegenprestatie de militaire bescherming van Hannover garandeerde. Hannover was het stamland van de Britse koning George II (1683–1760), die in een personele unie ook Kurfürst van Hannover was. Dit was de belangrijkste reden dat Pruisen oorlog kam met Frankrijk. De Franse strategie voor de oorlog tegen Groot-Brittannië was namelijk om het keurvorstendom Hannover te bezetten en als onderpand later bij de vredesonderhandelingen tegen koloniale bezittingen te kunnen omruilen.[3]

Ter bescherming van zijn west Duitse bezittingen en Hannover stelde Pruisen een leger op, samengesteld uit het keurvorstendom Hannover, het landgraafschap Hessen-Kassel, het vorstendom Brunswijk-Wolfenbüttel en enkele kleinere koninkrijkjes. Dit alles onder bevel van de Duke of Cumberland (1721–1765), de zoon van de Britse Koning. Dit leger werd in de slag bij Hastenbeck op 26 juli 1757 door de Franse troepen verslagen. De Duke of Cumberland sloot daarna op 10 september het verdrag van Klooster Zeven, waarna de Fransen het gehele keurvorstendom Hannover bezetten.

Dit verdrag werd echter niet erkend door de Britse regering. Op persoonlijke wens van de Britse koning werd de Pruisise Generaal Hertog Ferdinand von Braunschweig-Wolfenbüttel (1721–1792) benoemd als aanvoerder van de geallieerde troepen. Deze viel nog in de winter van 1757/58 de Franse troepen aan in hun winterverblijf en verdreef ze tot aan de Rijn. In het voorjaar van 1758 trok hij zelfs over de Rijn en versloeg de Fransen op 23 juni 1758 in de Slag van Krefeld. Weliswaar moest hij zich in het verdere verloop van de veldslag weer terugtrekken, maar na de komst van 10.000 man Britse soldaten lukte het hem toch om stand te houden. De Franse troepen onder bevel van Maarschalk de Condates sloegen hun winterkampen op aan de Rijn en vooral ook de Main in de buurt van de vesting Frankfurt.

Voor 1759 plande de Contades, versterkt door troepen van Keurvorstendom Saksen, weer het initiatief te grijpen om Hannover opnieuw te bezetten.[4]

Het verloop van de slag[bewerken]

Contades plaatste zijn artillerie in het centrum, met alleen de cavalerie als bescherming. Zijn infanterie nam posities in op de beide flanken, een uitzonderlijke tactiek in een tijd waarin de cavalerie doorgaans op de flanken werd geplaatst en de infanterie in het centrum.

De slag begon op de Franse rechterflank, waar maarschalk De Broglie, die het bevel voerde over de reserve, een aanval begon op de geallieerde linkerflank. Als gevolg van verkeerd begrepen orders trok in het centrum een brigade Britse infanterie, ondersteund door de Hannoveraanse gardetroepen, op om de Franse cavalerie aan te vallen. Gedecimeerd door Franse beschietingen met kartets en hagel, wist deze onverschrokken infanterie zelfs meerdere Franse cavaleriecharges af te slaan, waarbij ze de ruiters van Contades zware verliezen toebrachten.

De hele geallieerde linie trok ten slotte op tegen het Franse leger en wist het op de vlucht te jagen, ondersteund door de professionele Engelse en Hannoveraanse artillerie. De troepen onder De Broglie waren de enige Fransen die substantieel weerstand wisten te bieden. Ze vormden een vechtende achterhoede voor het terugtrekkende Franse leger.

Het enige wat deze klinkende overwinning voor de geallieerden overschaduwde, was het gedrag van Sir George Sackville, die Ferdinands cavalerie aanvoerde. Sackville negeerde herhaaldelijk expliciete bevelen om zijn troepen op te laten trekken en de vijand te chargeren, totdat het te laat was om nog iets uit te maken. Hij kwam later voor zijn gedrag bij de slag voor de krijgsraad, die verklaarde dat hij "...ongeschikt om Zijne Majesteit op enige manier te dienen" was.

Desondanks wist het leger van Ferdinand de overwinning te behalen, ten koste van 2800 doden. De Fransen verloren tussen de 10.000 en 11.000 manschappen.

De vader van de Marquis de La Fayette kwam bij deze slag om het leven. Maarschalk De Contades werd na de slag uit zijn functie gezet en vervangen door De Broglie, die zoals boven vermeld het bevel voerde over de reserve op de Franse rechterflank.

Literatuur[bewerken]

  • (de) Martin Steffen (Bewerker): Die Schlacht bei Minden. Weltpolitik und Lokalgeschichte. J.C.C.Bruns' Verlag, 2008, ISBN 978-3-00-026211-1. 268 blz. (16 verhalen over de slag en de wereldwijde en plaatselijke gevolgen).

Externe links[bewerken]

Noten
  1. a b Kriegsgeschichtliche Abteilung: Der Siebenjährige Krieg, Bd.11, Berlin 1912, S.24f
  2. a b Kriegsgeschichtliche Abteilung: Der Siebenjährige Krieg, Bd.11, Berlin 1912, S.42
  3. Een samenvatting bevindt zich in: Olaf Groehler: Die Kriege Friedrichs II., Berlin (Ost), S.63–73
  4. lees ook het verslag hiervan in: Siebenjähriger Krieg, in: Bernhard von Poten (Hrsg.): Handwörterbuch der gesamten Militärwissenschaften, Bd.8, Leipzig/ Bielefeld 1880, S.416–418 und 421f