Spoorwegsein

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Armsein bij seinpost in Engeland, beide nog in gebruik in 2003

Een spoorwegsein geeft de treinbestuurder of machinist van een trein opdrachten, toestemmingen en informatie. Dit wordt wel seingeving genoemd. Seinen hebben de vorm van een gekleurd licht, een bord, een beweegbare arm, lichten aan de voor- of achterzijde van een trein, geluidssignalen, gebaren, enzovoorts.

Seinen kunnen ook in de treincabine zichtbaar gemaakt worden. Dit wordt cabineseingeving of cabinesignalering genoemd. Seinen langs de spoorbaan worden in België wel 'laterale seinen' genoemd. In Nederland spreekt men van 'vaste seinen', dat zijn seinen die niet verplaatsbaar zijn.

Met het woord sein wordt de seininstallatie zelf bedoeld. Het beeld dat het sein laat zien wordt seinbeeld genoemd.

Borden langs spoorwegen in Nederland en België[bewerken]

Snelheidsborden geven aan wat de maximale snelheid is waarmee mag worden gereden. Snelheidsbeperkingen die door een lichtsein worden aangegeven, gaan altijd boven snelheidsborden.

De afbeeldingen en de betekenissen van de snelheidsborden staan in de tabel hieronder.

Snelheidsborden
Nederland België Omschrijving Betekenis
Dutch railway sign groen13.svg
Panneau vitesse sncb référence.svg
Groen met zwart getal (Nederland) of wit getal (België), driehoek met de punt omhoog Baanvaksnelheidsbord; dit bord geeft de baanvaksnelheid aan; de snelheid mag worden verhoogd naar de op het bord aangegeven snelheid. Groen 13 betekent snelheid verhogen tot maximaal 130 km/h.
Dutch railway sign geel4.svg
Panneau vitesse sncb annonce.svg
Geel met zwart getal, driehoek met de punt omlaag Snelheidsverminderingsbord; snelheid begrenzen tot de aangegeven snelheid. 4 betekent maximaal 40 km/h. Bij het nu volgende witte snelheidsbord (hieronder) mag die snelheid niet overschreden worden.
Dutch railway sign wit4.svg
Panneau vitesse sncb origine.svg
Wit met zwart cijfer, vierkant bord (in België staat er om het cijfer een cirkel) Snelheidsbord; maximaal toegestane snelheid. Na het bord 'geel 4' volgt het bord 'wit 4'. Voorbij het witte bord mag de snelheid van 40 km/h niet overschreden worden.

De afbeeldingen en de betekenissen van enkele andere borden staan in de tabel hieronder.

Overige borden
Nederland België Omschrijving Betekenis
Dutch railway sign overweg.svg
Wit met zwart getal, rond bord. Aankondiging van overweg; dit bord staat ter hoogte van de treindetectie behorende bij een automatische overweg. Op het bord staat de kilometeraanduiding van de overweg, de overweg bevindt zich in het voorbeeld dus op km 13,4.
Dutch railway sign blauw4.svg
Blauw met wit getal, ruitvormig bord (in Nederland) of wit rechthoekig bord met zwart cijfer (in België). Cijferbord; deze borden staan langs perronsporen. Een passagierstrein met het aantal bakken (rijtuigen) dat op het bord is aangegeven, dient juist vóór het bord tot stilstand gebracht te worden. De hele trein staat dan langs het perron of zo dicht mogelijk bij de toegang tot het perron.
Dutch railway sign blauw0.svg
(Alleen Nederland, in België wordt deze opdracht gegeven door een wit rechthoekig bord met een zwarte H) Blauw, ruitvormig bord. Cijferbord zonder getal; een passagierstrein, die stopt op het station, moet stoppen bij dit bord, als hij niet al eerder moest stoppen bij een cijferbord mét getal. Dit bord staat meestal bij het einde van het perron.
Dutch railway sign einde bovenleiding.svg
Fin de caténaire.svg
Blauw met wit, ruitvormig bord, in België wit met zwart. Einde van bovenleiding; Na dit bord houdt de bovenleiding op. Niet voorbijrijden wanneer de stroomafnemers opgezet zijn.
Dutch railway sign tractiestroom uit.svg
Blauw met wit, ruitvormig bord (Nederland, ander uitzicht in België) Uitschakelen tractiestroom; Na dit bord moet de tractiestroom uitgeschakeld zijn. Wordt onder meer toegepast bij beweegbare bruggen waar de stroomafnemer niet hoeft te worden neergelaten, maar het contact wel verbroken wordt en dus een vlamboog zou kunnen optreden.
Dutch railway sign tractiestroom in.svg
(Alleen Nederland) Blauw met wit, ruitvormig bord. Inschakelen tractiestroom; Na dit bord kan de tractiestroom weer ingeschakeld worden. Het onderbord geeft de lengte van de trein aan waarbij mag worden ingeschakeld.

Armseinen[bewerken]

Armsein
Nederlands hoofdsein, veilig

Een armsein is een mechanisch spoorwegsein. Het bestaat uit een paal met een beweegbare arm. Deze arm wordt elektrisch of met trekdraden bediend. De arm geeft de stand van het sein aan. De betekenis van de stand van de arm verschilt per land en per seintype. Armseinen tonen ook een gekleurd licht, zodat machinisten of treinbestuurders armseinen ook bij duisternis kunnen waarnemen. Deze lichten zijn zwak en bij daglicht niet goed zichtbaar.

In België en Nederland zijn armseinen (vrijwel) overal verdwenen. Het laatste armsein in Nederland was tot 2006 in gebruik op Utrecht Goederenemplacement. Armseinen zijn nu alleen nog te zien bij spoorwegmusea en museumspoorlijnen.

Nuvola single chevron right.svg Zie Armsein voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Lichtseinen[bewerken]

Een Nederlands hoog geplaatst lichtsein
Een laag geplaatst sein wordt ook wel dwergsein genoemd. Deze staat bij Station Obdam
Hoog geplaatst knipperend groen licht met daaronder een verlichte 8. Dat betekent 'Voorbijrijden toegestaan met max. 80 km/h'. Dit sein staat bij aansluiting De Haar

Bij een lichtsein wordt het seinbeeld gevormd door lichten. Bij steeds meer lichtseinen worden de gloeilampen vervangen door leds. Leds zijn onderhoudsvriendelijker en hebben een veel langere levensduur.

Sinds het begin van de twintigste eeuw zijn vrijwel overal in de wereld de kleuren rood, geel en groen de standaardkleuren voor spoorwegseinen. De kleuren zijn zo gekozen dat ze maximaal van elkaar verschillen, zodat de kans op verwarring minimaal is. De kleur die geel wordt genoemd is om die reden eigenlijk amber of oranje. De kleuren hebben de volgende basisbetekenissen:

  • groen: voorbijrijden met maximaal de baanvaksnelheid
  • geel: snelheid verminderen
  • rood: stop

Nederland[bewerken]

In vergelijking met spoorwegseinen in het buitenland zijn Nederlandse lichtseinen buitengewoon eenvoudig. Seinen laten gewoonlijk slechts één licht zien, soms in combinatie met een verlicht getal. De betekenissen van seinen zijn daardoor gemakkelijk af te lezen. Nederlandse lichtseinen kennen twee verschijningsvormen:

  • Hoog geplaatste seinen, waarbij de lampen boven elkaar geplaatst zijn, het rode licht onderaan.
  • Dwergseinen: laag geplaatste seinen, waarbij de lampen in een driehoek geplaatst zijn. Deze seinen worden alleen gebruikt op emplacementen waar treinen niet sneller dan 40 km/h mogen rijden.

Afbeeldingen en betekenissen van Nederlandse lichtseinen staan in de tabel hieronder.

Lichtseinen in Nederland
Hoog geplaatste seinen Laag geplaatste seinen Omschrijving Betekenis
Lichtsein-NS54-hoog groen.svg Hoog geplaatst groen licht. Voorbijrijden toegestaan met de maximaal de plaatselijke snelheid. De plaatselijke snelheid is aangegeven met een snelheidsbord (zie boven bij snelheidsborden).
Groen-knipper.gif Groen-8.gif Laag-groen.svg Hoog geplaatst knipperend of laag geplaatst groen licht.

Bij het hoog geplaatste licht kan een verlicht getal worden getoond.

Voorbijrijden toegestaan met maximaal 40 km/h.

Wordt een verlicht getal getoond, dan is voorbijrijden toegestaan met maximaal de door het getal aangegeven snelheid in tientallen km/h.

Lichtsein-NS54-hoog geel.svg Lichtsein-NS55-hoog geel-6.svg Geel-4-knipper.gif Laag-geel.svg Hoog of laag geplaatst geel licht.

Bij het hoog geplaatste licht kan een verlicht getal worden getoond.

Het verlichte getal kan knipperen.

De snelheid begrenzen tot 40 km/h of zoveel minder als nodig is om voor het eerstvolgende stoptonende sein te kunnen stoppen. Bij slecht zicht zal de machinist het volgende sein pas laat zien, en dan zal de snelheid lager zijn dan 40 km/h.[1]

Wordt een verlicht getal getoond, dan bij het volgende lichtsein de aangegeven snelheid in tientallen km/h niet overschrijden.

Knippert het getal, dan gebiedt het volgende lichtsein óók een snelheidsbegrenzing én is de afstand tot het dááropvolgende lichtsein verkort. Daarom de snelheid begrenzen vanaf het gele sein met het verlichte knipperende getal en een ingezette remming niet onderbreken als het volgende lichtsein een snelheidsbegrenzing gebiedt die lager is dan de snelheid waarmee de trein op dat moment rijdt.

Geel-knipper.gif Laag-geel-knipper.gif Hoog of laag geplaatst knipperend geel licht. Voorbijrijden toegestaan met maximaal 40 km/h of zoveel minder als nodig is om vóór een belemmering te kunnen stoppen.

Er is geen garantie dat het spoor tot het volgende sein vrij is. Dit seinbeeld wordt bijvoorbeeld gebruikt als een trein aan een andere vast moet koppelen of bij het naderen van een onbeveiligd emplacement.[2]

Lichtsein-NS54-hoog rood.svg Laag-rood.svg Hoog of laag geplaatst rood licht. Stoppen voor het sein. De formele term is "stoptonend sein".
Nuvola single chevron right.svg Zie voor meer informatie het artikel over stoptonende seinen.

Er zijn meer spoorwegseinen. Alle lichtseinen en borden zijn te vinden in bijlage 4[3] van de Regeling spoorverkeer[4].

België[bewerken]

Drie Belgische lichtseinen in station Ieper geven rood aan.

Het Belgische lichtsein bestaat meestal uit vijf lichten. Van boven naar beneden: groen, rood, geel en wit. Rechts (of links) van het bovenste, groene licht, zit nog een geel licht. Afbeeldingen en betekenissen van Belgische lichtseinen staan in de tabel hieronder.

Lichtseinen in België
Regime normaalspoor (linker spoor) Regime tegenspoor (rechter spoor) Omschrijving Betekenis
Signal sncb V.svg Signal sncb V CCV.gif Groen Voorbij rijden met plaatselijke snelheid toegestaan. De plaatselijke snelheid is aangegeven met een snelheidsbord (zie boven bij snelheidsborden).
Signal sncb VJV.svg Signal sncb VJV CCV.gif Groen-geel (verticaal) Het volgende sein is dubbel geel, maar de afstand tussen dat sein en het daaropvolgende sein is te kort om te stoppen. Of het volgende sein is groen-geel (horizontaal), maar de afstand tussen dat sein en het daaropvolgende sein is te kort om de snelheidsvermindering te eerbiedigen. Daarom moet in beide gevallen al vanaf het groen-geel verticale sein worden vertraagd.
Signal sncb VJH.svg Signal sncb VJH CCV.gif Groen-geel (horizontaal) Het volgende sein staat open maar legt een snelheidsbeperking op. De hoogte van de beperking kan met een cijferbord worden aangegeven. Als er geen snelheid is aangegeven moet de treinbestuurder er van uit gaan dat de verminderde snelheid 40 km/h zal zijn.
Signal sncb 2J.svg Signal sncb 2J CCV.gif Dubbel geel (diagonaal) Afremmen om tijdig te kunnen stoppen voor het volgende mogelijk rode sein.
Signal sncb R.svg Signal sncb R CCV.gif Rood Stop voor het sein. Dit sein mag niet gepasseerd worden, tenzij met een bevel.
Nuvola single chevron right.svg Zie voor meer informatie het artikel over gesloten seinen.
Signal sncb R+B.svg Signal sncb R+B CCV.gif Rood-wit Voorbij rijden toegestaan in kleine beweging. (Meestal bij bezetspoor, doodlopend spoor of rangering).

Vast brandende seinen geven de bestuurder aan dat hij onder het regime normaalspoor (links) rijdt. Deze seinen staan gewoonlijk links van het spoor. Knipperende seinen geven de bestuurder aan dat hij onder het regime tegenspoor rijdt (rechts). Deze staan rechts van het spoor. Indien seinen niet aan de normale kant van het spoor (kunnen) staan, worden ze uitgerust met een blauwe pijl die naar het spoor wijst waarvoor het sein geldt.

Cabineseingeving[bewerken]

Cabineseingeving wordt ook stuurpostsginalisatie genoemd. In de trein is dan een cabinesein aanwezig dat in de plaats komt van laterale seinen, vaste seinen langs de spoorbaan. Op lijnen waar volledig op cabineseinen wordt gereden zijn lichtseinen langs de baan bijna niet meer te vinden. Cabineseingeving heeft belangrijke voordelen boven laterale seinen:

  • Weersinvloeden (mist, regen, sneeuw) spelen nauwelijks een rol bij de seinwaarneming. Alleen lichtinval kan het zicht op het cabinesein in enige mate beïnvloeden.
  • Obstakels langs het spoor spelen geen rol bij de seinwaarneming. Laterale seinen kunnen verscholen gaan achter obstakels, waardoor ze minder lang waarneembaar zijn.
  • Cabineseinen tonen doorlopend wat het geldende seinbeeld is. Een lateraal sein is slechts waarneembaar tot het is gepasseerd. Bij hoge snelheden in combinatie met slechte weersomstandigheden is een lateraal sein niet altijd meer lang genoeg waarneembaar om betrouwbaar afgelezen te kunnen worden. Onder andere in Nederland en België mag daarom zonder cabineseingeving niet sneller gereden worden dan 160 km/h.
  • Er is maar één cabinesein, dus er is geen verwarring mogelijk over welk sein van toepassing is. Bij situaties met veel sporen en veel laterale seinen kan onduidelijk zijn welk sein van toepassing is.
  • Cabineseingeving is eenvoudig te integreren met treinbeïnvloeding.
  • Als cabineseingeving is geïntegreerd met treinbeïnvloeding krijgt de machinist of treinbestuurder éénduidige informatie. Bij de combinatie van laterale seinen en treinbeïnvloeding kan de informatie van de laterale seinen wel afwijken van de informatie van de treinbeïnvloeding.
  • Cabineseingeving biedt de mogelijkheid om naast visuele signalen óók geluidsignalen (audiosignalen) te geven. De geluidsignalen geven dan aan dat er nieuwe informatie is, of dat er reactie van de machinist of treinbestuurder wordt verwacht. Systemen voor treinbeïnvloeding geven overigens ook zowel visuele als geluidsignalen.

Voorbeelden van cabineseingeving met treinbeïnvloeding zijn het Duitse LZB en het Franse TVM. De Duitse respectievelijk Franse hogesnelheidstreinen zijn met deze systemen uitgerust, voor zover deze lijnen niet al met ERTMS zijn uitgerust. Maar bijvoorbeeld ook de Rotterdamse metro is met LZB uitgerust. Andere voorbeelden van systemen met cabineseingeving zijn het Europese European Rail Traffic Management System (ERTMS) en het Amerikaanse Positive Train Control.[5] Deze zijn gebaseerd op standaarden, waardoor het mogelijk is de apparatuur van meerdere leveranciers in te zetten. Dat leidt weer tot een grotere markt en een breder gebruik.

Formeel kunnen ook de signalering van het centrale deursluitingssysteem en de dodemansvoorziening als cabineseinen beschouwd worden, en zelfs de aanduiding van de maximaal toegelaten voertuigsnelheid is te zien als een statische vorm van cabineseingeving. Gewoonlijk wordt met cabinesignalering echter bedoeld dat de signalering voor de beveiliging van het treinverkeer met seinen langs de baan wordt vervangen door signalering in de cabine.

ERTMS/ETCS-cabineseingeving[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie European Rail Traffic Management System en European Train Control System voor de hoofdartikelen over dit onderwerp.

Het ERTMS/ETCS-cabinesein is een bedienscherm dat wordt aangeduid als driver machine interface (DMI). Het is ofwel een aanraakscherm, ofwel er zijn knoppen rond het scherm geplaatst. De DMI toont onder andere een snelheidsklok met een forse naald. De naald en een band rond de snelheidsklok zijn gekleurd. De kleuren hebben dezelfde functie als de gekleurde lichten van seinen langs de baan, maar de kleuren van de DMI zijn anders dan die van de seinen langs de baan. De kleuren van de naald en de band hebben de volgende basisbetekenis:

  • grijs: normale status, rijden toegestaan met maximaal de aangegeven snelheid (bij deze kleur is de band rond de snelheidsklok donkerder dan de naald)
  • wit: pre-indicatiestatus, aankondiging van de indicatiestatus
  • geel: indicatiestatus, afremmen tot de aangegeven snelheid
  • oranje: waarschuwingsstatus, de trein rijdt te snel
  • rood: interventiestatus, de trein wordt tot stilstand gebracht omdat de snelheid van de trein nog boven het maximum van de waarschuwingsstatus kwam

Hieronder enkele voorbeelden van de snelheidsinformatie van de driver machine interface (DMI), ofwel ETCS-bedienscherm.[6] Op de afbeeldingen hieronder staat niet de hele DMI, maar het linkerbovendeel, waar de DMI de snelheidsinformatie toont. In de tabel hieronder staan voorbeelden die het ETCS-bedienscherm toont als de trein te snel gaat rijden.

ERTMS/ETCS-cabineseingeving: voorbeeld van een trein die te snel gaat rijden
Afbeelding snelheidsklok Informatie op de snelheidsklok Status Betekenis van de status Kleuren
Snelheidsinformatie ETCS-scherm in normale status Rijden toegestaan met maximaal 160 km/h; de snelheid van de trein is 148 km/h. Normale status Rijden toegestaan met maximaal de snelheid die de band rond de snelheidsklok aangeeft. Donkergrijze band rond de snelheidsklok.

Lichtgrijze naald.

Snelheidsinformatie ETCS-scherm, waarschuwingsstatus Rijden toegestaan met maximaal 160 km/h; de snelheid van de trein is 167 km/h. De trein rijdt dus te snel. Waarschuwings-status Trein rijdt te snel.

De oranje verlenging van de band reikt tot 171 km/h, als de snelheid nog hoger wordt komt de ETCS-treinapparatuur in de interventiestatus en zal een remming inzetten.

De band rond de snelheidsklok is donkergrijs, het laatste deel is echter breed en oranje.

Oranje naald.

Snelheidsinformatie ETCS-scherm, waarschuwingsstatus Rijden toegestaan met maximaal 160 km/h; de snelheid van de trein is 174 km/h, wat sneller is dan toelaatbaar.

Het rood/grijze symbool linksonder geeft aan dat de ETCS-treinapparatuur de trein automatisch remt.

Interventiestatus De trein rijdt of reed sneller dan het maximum van de waarschuwingsstatus en wordt automatisch geremd. De band rond de snelheidsklok is donkergrijs, het laatste deel is echter breed en rood.

Rode naald.

De ETCS-treinapparatuur komt natuurlijk ook in de waarschuwingsstatus en in de interventiestatus als de machinist of treinbestuurder onvoldoende reageert op een opdracht om snelheid te verminderen.

In deze tabel staan voorbeelden die het ETCS-scherm toont als een trein snelheid moet vermideren.

ERTMS/ETCS-cabineseingeving: voorbeeld van een trein snelheid moet minderen
Afbeelding snelheidsklok Informatie op de snelheidsklok Status Betekenis van de status Kleuren
Snelheidsinformatie ETCS-scherm in normale status Rijden toegestaan met maximaal 160 km/h; de snelheid van de trein is 148 km/h. Normale status Rijden toegestaan met maximaal de snelheid die de band rond de snelheidsklok aangeeft. Donkergrijze band rond de snelheidsklok.

Lichtgrijze naald.

Snelheidsinformatie ETCS-scherm, aankondiging indicatiestatus Rijden toegestaan met maximaal 160 km/h; de snelheid van de trein is 148 km/h. Over enige seconden moet de machinist of treinbestuurder beginnen de trein tot 60 km/h af te remmen.

Links van de snelheidsklok is aangegeven dat het punt waarop de doelsnelheid van 60 km/h moet zijn bereikt nog 1320 meter is verwijderd.

Deze status is vergelijkbaar met een trein die een sein langs de baan zo dicht is genaderd dat de machinist of treinbestuurder dat sein kan aflezen en er op kan anticiperen.

Pre-indicatiestatus Over enige seconden volgt de indicatie (opdracht) om af te remmen tot de snelheid die wordt aangegeven door het donkergrijze deel van de band rond de snelheidsklok. Het eerste deel van de band rond de snelheidsklok is donkergrijs, het tweede deel is wit.

Witte naald.

Snelheidsinformatie ETCS-scherm, Indicatiestatus Rijden toegestaan met maximaal 118 km/h; de snelheid van de trein is 108 km/h. De treinbestuurder of machinist moet de trein afremmen tot 60 km/h. De gele band wordt geleidelijk korter.

Links van de snelheidsklok is aangegeven dat het punt waarop de doelsnelheid van 60 km/h moet zijn bereikt nog 510 meter is verwijderd.

Indicatiestatus Indicatie (opdracht) om af te remmen tot de snelheid die wordt aangegeven door het donkergrijze deel van de band rond de snelheidsklok. Het eerste deel van de band rond de snelheidsklok is donkergrijs, het tweede deel is geel.

Gele naald.

Snelheidsinformatie ETCS-scherm in normale status Rijden toegestaan met maximaal 60 km/h; de snelheid van de trein is 59 km/h. Normale status Rijden toegestaan met maximaal de snelheid die de band rond de snelheidsklok aangeeft. Donkergrijze band rond de snelheidsklok.

Lichtgrijze naald.


In onderstaande tabel staan voorbeelden die het ETCS-scherm toont als een trein moet stoppen.

ERTMS/ETCS-cabineseingeving: voorbeeld van een trein die moet stoppen.
Afbeelding snelheidsklok Informatie op de snelheidsklok Status Betekenis van de status Kleuren
Snelheidsinformatie ETCS-scherm in normale status Rijden toegestaan met maximaal 60 km/h; de snelheid van de trein is 59 km/h. Normale status Rijden toegestaan met maximaal de snelheid die de band rond de snelheidsklok aangeeft. Donkergrijze band rond de snelheidsklok.

Lichtgrijze naald.

Snelheidsinformatie ETCS-scherm, aankondiging indicatiestatus Rijden toegestaan met maximaal 60 km/h; de snelheid van de trein is 59 km/h. Over enige seconden moet de machinist of treinbestuurder beginnen de trein tot stilstand te brengen.

Links van de snelheidsklok is aangegeven dat het punt waarop stilstand moet zijn bereikt nog 440 meter is verwijderd.

Deze status is vergelijkbaar met een trein die een sein langs de baan zo dicht is genaderd dat de machinist of treinbestuurder dat sein kan aflezen en er op kan anticiperen.

Pre-indicatiestatus Over enige seconden volgt de indicatie (opdracht) om af te remmen tot de snelheid die wordt aangegeven door het donkergrijze deel van de band rond de snelheidsklok. Witte band rond snelheidsklok. Alleen het korte stukje tot 0 km/h is donkergrijs.

Witte naald.

Snelheidsinformatie ETCS-scherm, Indicatiestatus Rijden toegestaan met maximaal 48 km/h; de snelheid van de trein is 43 km/h. De treinbestuurder of machinist moet de trein afremmen tot stilstand. De gele band wordt geleidelijk korter.

Links van de snelheidsklok is aangegeven dat het punt waarop stilstand moet zijn bereikt nog 190 meter is verwijderd.

Indicatiestatus Indicatie (opdracht) om af te remmen tot de snelheid die wordt aangegeven door het donkergrijze deel van de band rond de snelheidsklok. Gele band rond snelheidsklok. Alleen het korte stukje tot 0 km/h is donkergrijs.

Gele naald.

Snelheidsinformatie ETCS-scherm in normale status Verder rijden niet toegestaan want de band rond de snelheidsklok reikt niet verder dan 0 km/h. De snelheid van de trein is ook 0 km/h, de trein staat dus stil. Normale status Rijden toegestaan met maximaal de snelheid die de band rond de snelheidsklok aangeeft. Donkergrijze band rond de snelheidsklok.

Lichtgrijze naald.

Front- en sluitseinen[bewerken]

De lichten op de voor- en achterzijde van een trein worden respectievelijk front- en sluitsein genoemd. Sluitseinen kunnen ook de vorm van bordjes hebben.

Sein Nederland België
Normaal frontsein (voor) Drie witte of gele lichten: twee lichten op gelijke hoogte en een licht midden daarboven Twee witte lichten op gelijke hoogte
Rangeersein (voor en achter) Eén wit of geel licht Twee witte lichten op gelijke hoogte
Gevaarsein (voor)[7] Twee rode lichten op gelijke hoogte en een of drie witte of gele lichten Twee wisselend knipperende witte lichten
Sluitsein (achter) Twee rode lichten op gelijke hoogte Twee rode lichten op gelijke hoogte

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Jooren, P., Inzicht seinstelsel en beveiligingssysteem, IRSE, Utrecht, 1974, p. 16
  2. Dit seinbeeld betekent niet ROZ (rijden op zicht). De opdracht is vrijwel hetzelfde maar met het grote verschil dat de machinist bij ROZ wissels voorzichtig moet berijden met een snelheid van ten hoogste 10 km/h. Bij "geel knipperend" hoeft dit niet. Het seinenboek van de machinisten geeft dit in de tekst aan. In het oude seinenboek staat bij het seinbeeld "geel knipperend" wél ROZ. Omdat het voorzichtig berijden van de wissels veel tijd kost maar vrijwel nooit nodig is (meestal betekent "geel knipperend" dat een rijweg staat ingesteld naar mogelijk bezet spoor) is het seinenboek aangepast.
  3. Bijlage 4 bij de Regeling Spoorverkeer
  4. De regeling spoorverkeer
  5. Zie bijvoorbeeld de Engelse Wikipedia: (en) Positive Train Control
  6. De specificatie van de DMI (driver machine interface, ofwel ETCS-bedienscherm): (en) Europees Spoorwegbureau. ETCS DRIVER MACHINE INTERFACE versie 3.3.0 (doc, zip)
  7. De machinist kan het gevaarsein tonen als hij een probleem zag op het andere spoor, bijvoorbeeld een auto die het spoor blokkeert. Het is een waarschuwing aan de tegenligger om direct te stoppen.