Tuchtroede

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Middeleeuwse tekening van een opvoedkundige lijfstraf met de berkenroede

Een tuchtroede is een roede (vaak daartoe verkort, of verder afgekort tot roe), bestemd als instrument om lijfstraffen toe te dienen.

Typen en gebruik[bewerken]

De specifieke betekenis van roede is hier eigenlijk een bundel soepele takken of forse twijgen, zoals in het Romeinse fasces-symbool (met bijl voor executie) te zien (niet enkel symbolisch, ook heel tastbaar aangewend). Soms specifieert men de plant waarvan takken gebruikt worden, zoals berkenroede. Het synoniem geselroede drukt de analogie uit met de gesel, een eveneens meervoudig strafwerktuig, dat echter soepele 'staarten' (meestal van koord of leder) heeft en dus tot de zwepen behoort.

Elke slag met de 'echte' roe dient in een fractie van een seconde een serie parallelle striemen toe; hoewel de kracht van de slag zo verdeeld wordt, blijft de impact gelet op de kleine totale oppervlakte intens genoeg om in regel meer schade aan te richten dan een enkele stok. Om efficiënt te zijn - bijzonder pijnlijk, niet zelden tot bloedens toe - wordt de roede op de blote huid toegediend, meestal op het achterwerk; het ontbloten van het zitvlak (zoals voor manuele billenkoek, geassocieerd met jonge kinderen) garandeert tevens intense vernedering, zeker indien publiekelijk ondergaan.

Toch wordt de term roede ook vaak in ruimere zin gebruikt voor enkelvoudige strafwerktuigen, zoals een stok of staf (voor stokslagen).

In overdrachtelijke zin wordt 'de roe' ook gebezigd als generische term voor elk strafinstrument, ongeacht materiaal en constructie, en bij metonymie voor elke lijfstraf of zelfs voor elke strenge straf, vooral in uitdrukkingen zoals "de roede niet sparen' (lijfelijk straffen of niet aarzelen streng te straffen).

Geschiedenis en trivia[bewerken]

De tuchtroede is in het Westen in onbruik geraakt (meestal zoals lijfstraffen in het algemeen), al heeft dat op het eiland Man geduurd tot de jaren 1970. Ze leeft in onze huidige maatschappij onder meer voort in uitdrukkingen en als attribuut van Zwarte Piet en Père Fouettard.

Spitsroede(n)[bewerken]

Spitsroede betekent oorspronkelijk een (al dan niet meervoudige) lange, spitse roede, maar wordt haast enkel gebruikt in de uitdrukking spitsroeden lopen, een oude militaire straf waarbij de veroordeelde met ontbloot bovenlijf één of meerdere malen door een dubbele haag van medesoldaten moet (in oorsprong was de idee dat het korps zo gezamenlijk straft wie ertegen zondigt, zoals door diefstal, lafheid of wachtverlet) die allemaal met een (spits)roede zijn onbeschermde rug striemen. Er bestonden ook varianten, zoals bij de cavalerie met sporen; soms (mogelijk als variant op het Antiek Romeins fustuarium) ging de straf zelfs door tot de dood erop volgde.