Ulrike Eleonora van Zweden

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ulrike Eleonora
1688-1741
Ulrika Eleonora.jpg
Koningin van Zweden
Periode 1718-1720
Voorganger Karel XII
Opvolger Frederik I
Koningin-gemalin van Zweden
Periode 1720-1741
Voorganger Frederik I
Opvolger Louisa Ulrika van Pruisen
Vader Karel XI van Zweden
Moeder Ulrika Eleonora van Denemarken
Dynastie Huis Wittelsbach

Ulrike Eleonora (Stockholm, 23 januari 1688 – aldaar, 24 november 1741) was koningin van Zweden van 1718-1720. Zij was de tweede dochter en het jongste kind van koning Karel XI van Zweden en Ulrika Eleonora van Denemarken. In 1715 huwde ze Frederik van Hessen-Kassel.

Vanaf 1713 nam Ulrike, vanwege buitenlands verblijf van Karel XII, deel aan de zittingen van de senaat. Ze was door Karel gerechtigd om alle besluiten van de senaat te ondertekenen en alle post te openen, ook die aan de koning persoonlijk gericht was. Haar positie was feitelijk gelijk aan die van een regentes.

Na de dood van haar broer Karel liet ze zich onmiddellijk op een openbare zitting van de Rijksdag te Uddevalla tot nieuwe koningin benoemen. Hiermee trachtte ze haar neef Karel Frederik van Holstein-Gottorp, de zoon van haar oudere zus Hedwig Sofia, voor troonopvolging uit te sluiten. De senaat was zo overrompeld dat ze zonder weerstand met de benoeming instemde.

De krijgsraad, het enige rechtsgeldige bestuur na de dood van de koning, verzette zich wel. Naar het oordeel van de krijgsraad berustte de troonopvolging niet op erfrecht, maar was deze afhankelijk van een verkiezing. Nadat Ulrike - hiertoe gedwongen na haar onrechtmatige handelwijze - hiermee instemde, werd ze op 23 januari 1719 alsnog tot koningin gekozen en op 17 maart in Uppsala gekroond. Aan haar troonopvolging was een regeringshervorming verbonden. Het machtscentrum kwam in handen van de Rijksdag.

Vanaf het begin wenste Ulrike met haar echtgenoot Frederik te regeren, maar de Rijksdag verzette zich hiertegen. Desondanks wist Frederik steeds meer politieke invloed te bemachtigen. Toen Ulrike problemen kreeg met enkele senaatsleden, maakte hij daarvan handig gebruik en om het vertrouwen van de senatoren te winnen. Op 29 februari 1720 deed Ulrike afstand van de troon ten gunste van haar echtgenoot, die als Frederik I ging regeren, met de afspraak dat Ulrike opnieuw koningin zou worden als haar man eerder zou overlijden.

Na de troonswisseling bekommerde Ulrike zich om liefdadigheid. Alleen tijdens een verblijf in het buitenland (1731) en een ziekbed (1738) van Frederik nam ze regeringsverantwoordelijkheid op zich.

Ulrike was het laatste lid uit het geslacht Wittelsbach dat op de Zweedse troon zat. Haar huwelijk bleef kinderloos.