Louisa Ulrika van Pruisen
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
| Louisa Ulrika van Pruisen | ||
| 1720 - 1782 | ||
| Koningin-gemalin van Zweden | ||
| Periode | 1751 - 1771 | |
| Voorganger | Ulrike Eleonora van Zweden | |
| Opvolger | Sophia Magdalena van Denemarken | |
| Vader | Frederik Willem I van Pruisen | |
| Moeder | Sophia Dorothea van Hannover | |
Louisa Ulrika (Berlijn, 24 juli 1720 - Slot Svartsjö (Zweden), 16 juli 1782) was de gemalin van koning Adolf Frederik van Zweden. Zij was de dochter van koning Frederik Willem I van Pruisen en Sophia Dorothea van Hannover en dus een jongere zuster van Frederik II van Pruisen. Haar naam wordt ook gespeld als Louise Ulrike.
In 1744 huwde zij met Adolf Frederik van Holstein-Gottorp, die in 1751 koning werd. Zij bewoonden Slot Drottningholm met het befaamde baroktheater. Zij hadden de volgende kinderen:
- Gustaaf (III) (24 januari 1746 - 29 maart 1792), koning van Zweden na de dood van zijn vader. Trouwde met de Deense prinses Sophia Magdalena.
- Karel (7 oktober 1748 - 5 februari 1818), koning van Zweden na het afzetten van zijn neef koning Gustaaf IV Adolf van Zweden. Was getrouwd met de beeldschone prinses Hedwig Elizabeth Charlotte van Holstein-Gottorp
- Frederik Adolf (18 juli 1750 - 12 december 1803), hertog van Ostergötland.
- Sophia Albertina (8 oktober 1753 - 17 maart 1829), prinses van Zweden.
Gustaaf III zou haar nog veel last bezorgen en in 1771 reisde zij voor acht maanden naar Berlijn. Frederik de Grote was echter weinig geneigd in te springen.
| Meer mediabestanden die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Luise Ulrike von Preußen op Wikimedia Commons. |