Alfred Mozer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Sicco Mansholt (zittend) terwij hij Alfred Mozer feliciteert
(13 november 1965).

Alfred Mozer (Kassel, 15 maart 1905 – Arnhem, 12 augustus 1979)[1] was een verzetsstrijder en sociaal-democraat.

Mozer was de zoon van een Hongaarse vader die leerlooier was en een Duitse moeder. Op zijn veertiende werd hij textielarbeider en op zijn negentiende journalist bij het Kassler Volksblatt. In 1920 verwierf hij de Duitse nationaliteit.[1] In 1933 vluchtte hij naar Nederland nadat Hitler aan de macht was gekomen. Hij werd secretaris van de voorzitter van de SDAP, Koos Vorrink.[2] Op 14 mei 1940 dook hij onder. Vanaf oktober 1940[3] zat Mozer ondergedoken in Poortugaal waar hij commentaren schreef op de oorlogsgebeurtenissen. Ze werden gelezen door de intellectuelen van het dorp zoals medewerkers van de psychiatrische kliniek 'Maasoord' In het begin verschenen de commentaren zonder titel, in het laatste oorlogsjaar kregen ze de naam De Kieuwelander mee. Toen na de spoorwegstaking de elektriciteit was uitgevallen liet Alfred Mozer dagelijks bulletins verschijnen waarvoor hij in de nacht naar de radio luisterde. Met een verborgen radio ontving hij Radio Oranje.

In 1946 werd Alfred Mozer lid van de Partij van de Arbeid. Hij hield zich bezig met buitenlands beleid. De Nederlandse nationaliteit verkreeg hij in 1950 vanwege zijn verzetsactiviteiten. In 1958 werkte hij als kabinetschef voor Sicco Mansholt bij de Europese Commissie. Hij was actief voorvechter van de Europese beweging. In 1970 werd Alfred Mozer benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw[4] en ontving hij het Grootkruis van Verdienste van de Bondsrepubliek Duitsland[2].

In 1990 werd de Alfred Mozer Stichting naar hem genoemd.