Boekovina

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De ligging van het historische Boekovina met de huidige opvolgerstaten Oekraïne, Roemenië en Moldavië
De Boekovina in 1901
Theater in Tsjernivtsi, de grootste stad van de Boekovina

De Boekovina (Roemeens: Bucovina; Oekraïens: Буковина, Bukovyna; Duits: Buchenland; Pools: Bukowina, de naam betekent "Beukenland") is een historische regio, die nu ongeveer voor de helft in Roemenië ligt en voor de helft in Oekraïne. De oppervlakte is 10.442 km². Het gebied ligt deels in en deels ten oosten van de Karpaten en het wordt van noordwest naar zuidoost doorsneden door de rivieren de Proet en de Siret. Langs de noordgrens stroomt de Dnjestr. De grootste plaatsen zijn Tsjernivtsi in Oekraïne, Suceava in Roemenië. Een belangrijke stad was Czernowitz (thans Tsjernivtsi).

De beroemdste trekpleisters van de Boekovina zijn, afgezien van het bosrijke berglandschap, vijf aan de buitenkant met fresco's beschilderde kloosters. Deze zijn alle te vinden in de Roemeense Boekovina: in Voroneţ, Moldoviţa, Humor, Arbore en Suceviţa. Deze 15de- en 16de-eeuwse kloosters zijn opgenomen in de Werelderfgoedlijst van de UNESCO (zie Kerken in Moldavië). Daarnaast is de oude hoofdstad Czernowitz, nu Tsjernivtsi, een in laat 19de eeuwse Habsburg-Oostenrijkse stijl gebouwde stad met nog steeds een Midden-Europese allure.

Geschiedenis[bewerken]

De Boekovina staat pas sinds het einde van de 18e eeuw onder die naam bekend. Tot dan toe vormde het gebied het noordelijk deel van het vorstendom Moldavië. Dit Moldavië was een vazalstaat van het Ottomaanse Rijk, toen de Boekovina in 1775 door het Habsburgse Oostenrijk werd veroverd. Aanvankelijk stond het onder militair bestuur, maar in 1786 werd het bij Galicië (een andere Oostenrijkse verovering) gevoegd. Er volgde een periode van immigratie van verschillende kanten: Roethenen, verschillende groepen Duitsers, joden en kleine aantallen Hongaren, Polen, Armenen, Slowaken, Grieken en Roma voegden zich daarbij. In 1849 kreeg de Boekovina een eigen status als Oostenrijks kroonland. Toen in 1867 de Oostenrijks-Hongaarse Dubbelmonarchie ontstond, bleef de Boekovina bij het Oostenrijkse deel of Cisleithanië; het werd het oostelijkste gewest van het keizerrijk en het enige waar Roemenen woonden (de andere Roemenen in Oostenrijk-Hongarije kwamen onder het Hongaarse deel of Transleithanië).

Terwijl het centrale gezag te maken had met de nationale ambities van zowel de Roemenen als de Roethenen (die elkaar getalsmatig ongeveer in evenwicht hielden), beleefde de Boekovina een culturele bloeiperiode. In 1875, de 100e verjaardag van de Oostenrijkse overheersing, kreeg de hoofdstad Czernowitz een Duitstalige universiteit. De Duitsers en de joden speelden een grote rol in het culturele en economische leven. Geen gebied in het rijk telde een zo hoog percentage joden onder zijn inwoners. De Duitstalige dichter Paul Celan (pseudoniem voor Antschel) was een van hen.

Aan het eind van de Eerste Wereldoorlog viel Oostenrijk-Hongarije uiteen: het Verdrag van Saint-Germain (1919) wees de Boekovina in zijn geheel toe aan Roemenië.

Bevolkingssamenstelling[bewerken]

Schattingen uit de late 18de eeuw geven een aandeel van driekwart Roemenen onder de bevolking aan. De vele migraties veranderden dat aanzienlijk zoals uit onderstaande tabel blijkt.

        Roemenen    Oekraïeners  'Duitsers'   Totaal
  • 1848 209.293 55,4 % 108.907 28,8 % 59.381 15,8 % 377.581
  • 1869 207.000 40,5 % 186.000 36,4 % 118.364 23,1 % 511.000
  • 1880 190.005 33,4 % 239.960 42,2 % 138.758 24,4 % 568.723
  • 1890 208.301 32,4 % 268.367 41,8 % 165.827 25,8 % 642.495
  • 1900 229.018 31,4 % 297.798 40,8 % 203.379 27,8 % 730.195
  • 1910 273.254 34,1 % 305.101 38,4 % 216.574 27,2 % 794.929

N.B. onder 'Duitsers' werd Duitstaligen verstaan, en dat was met inbegrip van degenen die Jiddisch spraken. In 1910 vormden zij de meerderheid (96.000) van de 168.000 inwoners die Duits in brede zin als hun omgangstaal opgaven. Zij woonden vooral in de steden en dan weer met name in Czernowitz, waar zij de relatieve meerderheid vormden.

Tussen de beide wereldoorlogen zou de Boekovina Roemeens blijven en werd van overheidswege een roemeniseringpolitiek doorgevoerd. Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog bepaalden nazi-Duitsland en de Sovjet-Unie in de geheime protocollen van het Molotov-Ribbentroppact dat Bessarabië door de Sovjet-Unie mocht worden ingelijfd, maar deze viel op 26 juni 1940 na een ultimatum ook de Boekovina binnen. Roemenië werd gedwongen zowel de noordelijke Boekovina als Bessarabië en het Hertsagebied af te staan. Tussen 1941 en 1944 kreeg Roemenië het met Duitse hulp terug en vonden er grootschalige jodenvervolgingen door Roemeense fascistische milties plaats. De joodse inwoners van de Boekovina werden in groten getale naar Transnistrië gedeporteerd om daar om te komen.

Na de oorlog, in 1947 (Vrede van Parijs) werd de splitsing van de Boekovina bevestigd. Cernăuți, zoals Czernowitz in de Roemeense tijd heette, werd bij de Oekraïense SSR gevoegd, de twee volgende steden, Suceava en Rădăuți, bleven Roemeens. Roemenen die met de overheid verbonden waren geweest werden uitgewezen. Duitsers waren inmiddels al geëvacueerd. Van de etnische lappendeken die de Boekovina anderhalve eeuw was geweest, was weinig meer over. De zuidelijke Boekovina is sindsdien Roemeenser geworden en de noordelijke Oekraïenser. Zo verdween het multiculturele karakter waar dit gebied om bekend stond

Sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie maakt de noordelijke Boekovina deel uit van de republiek Oekraïne.