Boerenkool (gerecht)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Boerenkool met worst

Boerenkool of boerenkoolstamppot is een stamppotgerecht met boerenkool. Het gerecht wordt gegeten in Nederland, delen van Noord-Duitsland en delen van Scandinavië.

Van boerenkool wordt vaak gezegd dat de smaak pas echt goed is als er op het veld "een nacht vorst overheen is gegaan", omdat de koude ervoor zorgt dat de plant extra suikers aanmaakt. De oogst begint dan ook vaak pas na de eerste nachtvorst, de kool kan indien gewenst de hele winter op het veld blijven staan.

Men kan het boerenkoolblad zelf snijden, maar dit is tijdrovend. Veel boerenkool wordt daarom voorgesneden in plastic zakken van 300 of 500 gram verkocht. Voor de tradionele Gelderse bereiding wordt echter gestroopte boerenkool gebruikt. Deze wordt voorgekookt en na een nacht uitlekken gesneden en gehakt, en voor een tweede keer samen met de aardappels gekookt.

Boerenkoolstamppot wordt traditioneel gegeten met een kuiltje jus, worst (braadworst, draadjesvlees of rookworst), mosterd en gebakken spekjes. 'Zure' toevoegingen als zilveruitjes, Amsterdamse uitjes, augurk, rolmops, Piccalilly en/of azijn worden ook gebruikt.

Boerenkoolstamppot wordt in Groningen stamppot mous genoemd, kortweg in de spraak mous, want het werd nooit als pure groente gegeten. In Groningen was het gebruik om mous in te maken in een keulse pot met veel zout. Mous werd pas geoogst na de eerste vorst (meestal nachtvorst) en werd op de tuin "gestroopt". In Twente en de Achterhoek moos[1], in Limburg "boeremoos" en in Friesland boeremoes.

Traditioneel is boerenkool groen van kleur. In de 21e eeuw kwam er ook auberginekleurige boerenkool in de handel.

Wikibooks Wikibooks Kookboek bevat een recept voor Stamppot boerenkool.