Eerste hulp bij ongevallen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Eerste Hulp bij Ongevallen)
Ga naar: navigatie, zoeken
Een EHBO-kastje
Reanimatietraining, met de computer worden onder andere de snelheid en diepte van de reanimatie gemeten
Een AED-apparaat op Schiphol

Eerste hulp bij ongevallen of eerste hulp bij ongelukken (EHBO), tegenwoordig bekend onder de naam eerstehulpverlening (EHV) en onder de naam spoedeisende hulpverlening bij slachtoffers, is hulp die door leken geboden kan worden in afwachting van professionele eerstehulpverleners, zoals de ambulancezorgverlening. EHBO wordt verleend in elke situatie waar (levensbedreigende) letsels en stoornissen zijn opgetreden, maar ook kleinere letsels kunnen door EHBO'ers worden behandeld.

Wereldwijd worden vrijwilligers door opleidingsinstituten getraind om dergelijke hulp te kunnen verlenen. Het opleidingsniveau kan variëren per organisatie en behoefte of noodzaak, van een basisreanimatiecursus tot een volwaardige en uitgebreide EHBO-cursus.

Werkgebied EHBO[bewerken]

Eerstehulpverleners (EHBO'ers) verlenen eerste hulp bij levensbedreigende stoornissen zoals in de ademhaling, het bewustzijn en bij shock. Daarnaast kunnen ze plaatselijk letsel (wonden), warmte- en koudeletsels, vergiftigingen, elektriciteitsletsels bij slachtoffers behandelen en deskundige hulp alarmeren of het slachtoffer doorverwijzen naar huisarts of SEH.

Enige methoden en handelingen die hierbij gebruikt worden zijn onder andere:

  • Zorgen voor de veiligheid van eerstehulpverleners en omstanders;
  • Verplaatsen van het slachtoffer bij gevaar, eventueel met de noodvervoersgreep van Rautek;
  • Goede alarmering bij de 112-alarmcentrale;
  • Benaderen van het slachtoffer (indicatie van bewustzijn);
  • Fixeren van het hoofd bij wervelletsels;
  • Openen en openhouden van de lucht/ademweg;
  • Zo nodig toepassen van de handgreep van Heimlich bij verslikking;
  • Controleren van de ademhaling;
  • Zo nodig stabiele zijligging;
  • Zo nodig reanimatie bij ademhalingsstilstand (=borstcompressies en beademen);
  • Stelpen van ernstige bloedingen;
  • Handelingen bij shock;
  • Vaststellen van het bewustzijnsniveau: De mogelijkheden zijn: bij kennis, verminderd bewustzijn, bewusteloos, diep bewusteloos;
  • Verlenen van eerste hulp bij flauwte, epilepsie, suikerziekte en beroerte;
  • Voorkomen van afkoelen van slachtoffers;
  • Warm houden van slachtoffers met koudeletsel.
  • Verbinden van verschillende wonden;
  • Geven van eerste hulp bij andere (kleine) letsels;
  • Bewaking van een slachtoffer;
  • Overdragen van een slachtoffer aan deskundige hulp.

Internationale basisregels eerste hulp[bewerken]

Wereldwijd werken eerstehulpverleners van eerstehulporganisaties, ambulancediensten en ziekenhuizen met basisregels waarin de evidence-based ABCDE-methodiek, AMPLE-, AVPU- en MIST-protocollen zijn opgenomen.

Over het algemeen werkt men als volgt:

  1. Veiligheid
  2. Benaderen slachtoffer; indicatie letsels en/of stoornissen en melding
  3. ABCDE-methodiek (w.o. AMPLE/AVPU)
  4. Secundaire en tertiaire letsels
  5. Bewaking
  6. Overdracht (MIST/SBAR)

Nederland[bewerken]

Wetgeving, rechten en plichten[bewerken]

Het hebben van een EHBO-diploma betekent niet dat iemand medische plichten of bevoegdheden heeft. De wet beschouwt eerstehulpverleners als "leken". Voor hen, maar ook voor iedere andere Nederlandse burger, geldt de wettelijke verplichting om naar eigen vermogen (eerste) hulp te verlenen aan een medemens in nood.[1]

Medische (be)handelingen door "leken" (onder normale omstandigheden) zijn wettelijk verboden en worden beschouwd als een misdrijf. Alleen door de BIG-wet geregistreerde artsen en verpleegkundigen hebben speciale medische bevoegdheden en plichten, die bovendien alleen gelden op hun eigen medisch terrein; een tandarts mag bijvoorbeeld geen niersteen vergruizen. Zelfs medische eerstehulpverlening, zoals Advanced (Pediatric) Life Support (ALS/APLS) of Pre Hospital Trauma Life Support (PHTLS), mag alleen uitgevoerd worden door bevoegd en bekwaam ambulancepersoneel, (huis)artsen, SEH-personeel en gespecialiseerde verpleegkundigen. Met andere woorden: een internist of oogarts is ook een leek op eerstehulpgebied ondanks zijn uitgebreide medische kennis op zijn vakgebied.

Van iemand die in het bezit is van een eerstehulpdiploma, mag wel aangenomen worden dat hij/zij beter in staat is om bij levensbedreigende stoornissen en letsels eerste hulp te bieden totdat medische hulp gearriveerd is.

Hulpverleningsketen[bewerken]

EHBO'ers zijn de eerste schakel in de hulpverleningsketen. Direct starten met de eerstehulpverlening door omstanders (EHBO'ers) is van cruciaal belang, met name bij ademhalingsproblemen, circulatiestilstand of ernstige bloedingen. De EHBO'er roept bij levensbedreigende letsels en stoornissen direct professionele hulp in via het Europese alarmnummer 112. Voor niet-levensbedreigende letsels dient het slachtoffer altijd te worden doorverwezen naar de eerstelijnsgeneeskunde. In Nederland is dat de vaste huisarts, huisartsenpost met de avond- of weekenddienst of de afdeling spoedeisende hulp (SEH) van een ziekenhuis.

Basisregels Oranje Kruis en verwanten[bewerken]

Bij het verlenen van EHBO volgens het Oranje Kruis-systeem houdt men rekening met vijf belangrijke punten:

  1. Let op gevaar. Zorg ervoor dat je zelf, omstanders en het slachtoffer geen gevaar lopen
  2. Ga na wat er gebeurd is en daarna wat iemand mankeert. Vraag aan het slachtoffer of de omstanders wat er is gebeurd of kijk wat er is op te maken uit de situatie ter plaatse
  3. Stel het slachtoffer gerust en zorg voor beschutting. Een slachtoffer is vaak geschrokken en heeft iemand nodig die hem opvangt en geruststelt; wees rustig en zorgzaam maar ook kordaat. Zorg voor beschutting tegen kou of hitte
  4. Zorg voor professionele hulp. Laat een omstander het alarmnummer bellen en laat onderstaande punten doorgeven. Vraag de beller daarna terug te komen, zodat u zeker weet dat er is gebeld.
    • De volgende informatie is voor de hulpdiensten van belang:
      • welke hulpdienst nodig is (ambulance)
      • plaats waarheen de hulp moet komen
      • wat er gebeurd is
      • aantal slachtoffers
      • de vermoedelijke leeftijd
      • wat het slachtoffer mankeert. Vermeld ook expliciet of er een reanimatie plaatsvindt
  5. Help het slachtoffer op de plaats waar deze is aangetroffen. Door een slachtoffer onnodig te verplaatsen, kan zijn toestand verslechteren. Verplaats een slachtoffer alleen, indien er sprake is van acuut gevaar.

EHBO-verenigingen en EHBO-koepelorganisaties[bewerken]

EHBO'ers kunnen zich aansluiten bij een lokale EHBO-vereniging of Rode Kruisvereniging. Deze verenigingen kunnen zijn aangesloten bij koepelorganisaties. Nederland kent enkele grote koepelorganisaties voor EHBO.

KNV EHBO[bewerken]

De Koninklijke Nederlandse Vereniging Eerste Hulp Bij Ongelukken (KNV EHBO) is een EHBO-koepelorganisatie, waarbij ongeveer 550 verenigingen zijn aangesloten. De KNV EHBO werd in 1893 opgericht door dr. C.B. Tilanus jr en ontving in 1953 het predicaat Koninklijk. In aantal leden is het de grootste EHBO-organisatie in Nederland. De aangesloten verenigingen heten allen: "Afdeling [plaatsnaam] van de Koninklijke Nederlandse Vereniging Eerste Hulp Bij Ongelukken". Wie lid is van een plaatselijke EHBO-vereniging, is ook automatisch lid van de KNV EHBO.

Nationale Bond[bewerken]

De Nationale Bond voor EHBO is een koepelorganisatie waarbij ongeveer 300 plaatselijke EHBO-verenigingen zijn aangesloten. De Nationale Bond werd in 1949 (de tijd van de verzuiling) opgericht onder de naam Katholieke Nationale Bond voor EHBO en is sterk gelieerd aan het Rode Kruis. Sinds 1991 is het predicaat Katholieke komen te vervallen. In 2000 richtte de KNV EHBO en de Nationale Bond voor EHBO gezamenlijk de Federatie Nederlandse EHBO (FNE) op. In 2005 werd duidelijk dat een fusie geen kans van slagen had en gingen beide organisaties weer autonoom verder.

Overig[bewerken]

Overige koepelorganisaties van EHBO-verenigingen zijn: EHBO Nederland (102 verenigingen), EHBO Limburg (94 verenigingen), EHBO Noord-Brabant (94 verenigingen) en het Nederlandse Rode Kruis (meer dan 300 afdelingen). Ook reddingsbrigades kunnen gezien worden als een EHBO-vereniging; zij zijn vrijwel allemaal onderdeel van Reddingsbrigade Nederland.

Daarnaast zijn er ook "vrije" zelfstandige EHBO-verenigingen die niet zijn aangesloten bij een van bovengenoemde koepelorganisaties en hun eigen weg bewandelen.

Opleidingen en richtlijnen[bewerken]

EHBO-richtlijnen in Nederland[bewerken]

Er is geen sprake van een overheidserkenning van EHBO-organisaties. Alle EHBO-diploma's hebben voor de wet eenzelfde status. Sommige certificaten/diploma's kunnen wel door de overheid worden aangewezen, met als bekendste voorbeeld het certificaat/diploma Eerste hulp aan Kinderen welke door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid moet zijn aangewezen ten behoeve van geregistreerde gastouders. In Nederland heeft elke EHBO-organisatie haar eigen EHBO-richtlijnen vastgesteld en kunnen eerstehulpverleners (EHBO'ers) volgens eigen eindtermen certificeren. Alle certificerende EHBO-organisaties in Nederland hanteren in de praktijk min of meer dezelfde basisrichtlijnen zoals de reanimatierichtlijnen van de NRR/ERC, alleen zitten er behoorlijke niveau- en opleidingsverschillen tussen de organisaties zelf.

Er is meer keuzemogelijkheid voor de consument en bedrijven gekomen in kwaliteit en opleidingsniveau van eerstehulpopleidingen, al naar gelang de behoefte en/of noodzaak (RI&E).

Nedcert[bewerken]

Sinds 2000 is er de certificatie-instelling NedCert, die onder andere het vakbekwaamheidscertificaat voor 'Spoedeisende Hulpverlening bij Slachtoffers' uitgeeft. De certificaties van NedCert waren van 2004 tot 2012 geaccrediteerd door de Raad voor Accreditatie (RVA). Het certificaat SEHSO van NedCert is één van de door het ministerie van SZW aangewezen certificaten voor gastouders.

NIKTA[bewerken]

NIKTA certificeert eerstehulpverleners (EHV'ers) en bedrijfshulpverleners (BHV'ers). Hoewel niet geaccrediteerd door de Raad van Accreditatie (RVA), biedt NIKTA een door het ministerie van OCW aangewezen certificaat aan ten behoeve van gastouders.

België[bewerken]

In België zorgen het Rode Kruis, Het Vlaamse Kruis en vele bedrijven voor EHBO-opleidingen. Ze geven daarvoor elk hun eigen handboeken uit. De EHBO-opleidingen van het Rode Kruis (Eerste Hulp en Helper) zijn volgens de Europese Standaard Richtlijnen. Het Rode Kruis organiseert na de Helper-cursus, ook nog bijkomende opleidingen tot ambulancier. Een ambulancier bij het Rode Kruis heeft een opleiding van 150 uur en mag niet-dringend ziekenvervoer uitvoeren. De EHBO-opleidingen van het Vlaamse Kruis (basismodule EHBO en vervolgmodule EHBO) duren samen 35 uur. Een vervolgopleiding tot ambulancier duurt minstens 60 uren. Na het volgen van interne bijscholingen kan je na een EHBO-cursus mee met de ziekenwagen.

In België is de eerstelijnsgeneeskunde de huisarts, de huisarts van wacht of de spoeddienst van het ziekenhuis.

Symbolen[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Wikibooks Wikibooks heeft meer over dit onderwerp: EHBO.