Naar inhoud springen

Gerrie Mühren

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Gerrie Mühren
Mühren terug bij Volendam (25 juli 1979)
Mühren terug bij Volendam (25 juli 1979)
Persoonlijke informatie
Volledige naam Gerardus Dominicus Hyacinthus Maria Mühren
Geboortedatum 2 februari 1946
Geboorteplaats Volendam
Overlijdensdatum 19 september 2013
Overlijdensplaats Volendam
Nationaliteit Vlag van Nederland Nederland
Positie Middenvelder
Clubinformatie
Voetbalcarrière geëindigd in 1985
Jeugd
1957–1963 Vlag van Nederland Volendam
Senioren
Seizoen Club W (G)
1963–1968
1968–1976
1976–1979
1979–1980
1980–1981
1981–1982
1982–1984
1984–1985
1985–1987
1989–1997
Vlag van Nederland Volendam
Vlag van Nederland Ajax
Vlag van Spanje (21 jan. 1977 - 18 dec. 1981) Real Betis
Vlag van Nederland Volendam
Vlag van Nederland MVV
Vlag van Hongkong (1959-1997) Seiko SA
Vlag van Nederland DS '79
Vlag van Nederland Volendam
Vlag van Nederland VV Aalsmeer
Vlag van Nederland VV VZV
127(31)
219(54)
86(13)
33(7)
26(3)
20(2)
46(1)
17(0)
Interlands
1967
1969–1973
Vlag van Nederland Jong Oranje
Vlag van Nederland Nederland
2(0)
10(0)
Getrainde teams
1987–1988
1988–1989
Vlag van Nederland Volendam (jeugd)
Vlag van Nederland Volendam (assistent)
Erelijst
Portaal  Portaalicoon   Voetbal

Gerardus Dominicus Hyacinthus Maria (Gerrie) Mühren (Volendam, 2 februari 1946 – aldaar, 19 september 2013) was een Nederlands voetballer. Hij kwam in zijn 22-jarige loopbaan uit voor Volendam, Ajax, Real Betis, MVV, Seiko SA en DS '79. Met Ajax won hij drie keer de Europa Cup I en werd driemaal landskampioen. Hij speelde tien interlands voor het Nederlands elftal.

Hij was de vierde uit een gezin van negen kinderen van vader Jan Mühren en moeder Grietje Tuyp. Naast zijn drie oudere zussen, had hij een jongere zus en vier jongere broers. Mühren groeide begin jaren vijftig op toen het straatvoetbal heel populair was in Volendam. “Onze techniek was zo goed, dat er vrijwel nooit een bal door een ruit ging of in een tuin belandde“, vertelde hij in een interview in Voetbal International.[1] Op straat legde hij de basis voor zijn voetballoopbaan waarin hij opviel door zijn traptechniek en conditie.

Mühren, knielend in midden, met hoogste jeugdelftal Volendam 2e op NK (3 juni 1964).

Op zijn elfde werd hij lid van RKSV Volendam en op zijn veertiende speelde hij al in het hoogste jeugdelftal. Hij deed ook aan gymnastiek bij turnvereniging St. Mauritius maar daar stopte hij mee omdat hij niet de beste was.[2]

Als zeventienjarige debuteerde hij op 6 oktober 1963 in het eerste elftal. Volendam, hekkensluiter in de Eredivisie, verloor die dag thuis met 0-8 van Feijenoord. Hij kwam in zijn debuutjaar, waarin Volendam degradeerde, tot tien optredens. Daarnaast speelde hij in het hoogste jeugdelftal waarmee hij kampioen werd in de Eerste klasse A. Door de 3-1 zege in de beslissingswedstrijd tegen Go Ahead op 21 mei 1964. Mühren scoorde twee keer.[3] In de strijd om de juniorenlandstitel trad Volendam aan tegen Ajax, de kampioen van de Eerste klasse B. Ajax, met onder meer Johan Cruijff, Barry Hulshoff en Wim Suurbier in het team, was in de finale tweemaal te sterk (3-2 en 4-1). In het seizoen 1966/67 werd Volendam kampioen in de Eerste divisie en keerde terug in de Eredivisie.

Mühren, knielend 2e van rechts, met kampioenselftal Volendam (30 april 1967).

Mühren ontpopte zich als aangever van topschutter Dick Tol die in het kampioensjaar 31 keer scoorde. Hij kwam in 1967 uit militaire dienst. Tijdens zijn dienstperiode voetbalde hij voor het militair elftal. In het najaar van 1967 speelde hij twee interlands voor Jong Oranje. Hij debuteerde op 3 oktober tegen Jong Denemarken (3-3).[4] Bij de terugkeer in de Eredivisie eindigde Volendam op de twaalfde plaats. Door een knieblessure was hij van begin februari tot eind april 1968 uit de roulatie.

Zes Eredivisieclubs toonden belangstelling voor Mühren in de zomer van 1968. Hij koos voor landskampioen Ajax dat een transfersom van 175.000 gulden betaalde.[5] Hij zegde zijn baan op als typograaf bij een drukkerij in Edam om zich volledig op het voetbal te richten. De Volendammer was de enige nieuwkomer bij Ajax die op 15 juli op de eerste training verscheen.[6]

Duizendste doelpunt (1968/69)

[bewerken | brontekst bewerken]

In zijn eerste seizoen had Mühren nog geen basisplaats. Hij scoorde op 20 oktober 1968 thuis tegen Telstar (9-2), als vervanger van Piet Keizer, de openingstreffer. Zijn debuutgoal was ook het duizendste doelpunt van Ajax in de Eredivisie.[7] Ajax eindigde dat seizoen als tweede achter kampioen Feijenoord.

Europees debuut (1969/70)

[bewerken | brontekst bewerken]

In het seizoen 1969/70 verdrong hij Bennie Muller uit de basisopstelling. Mühren vormde met aanwinst Nico Rijnders, overgekomen van Go Ahead, een duo op het middenveld. Ajax bereikte de halve finale van de Jaarbeursstedenbeker waarin de Amsterdammers sneuvelden tegen Arsenal. Mühren maakte hierin zijn Europese debuut en speelde alle tien duels mee. In de competitie was hij in de eerste 32 wedstrijden van de partij. Uitgerekend in de 33e speelronde, de kampioenswedstrijd thuis tegen het al gedegradeerde SVV op 18 mei 1970 (8-0 zege), werd hij gepasseerd. Ook Gert Bals en Barry Hulshoff werden door trainer Rinus Michels in dit kampioensduel niet opgesteld. Hulshoff en Mühren waren daarover zo teleurgesteld dat ze ‘s avonds niet verschenen op het feestdiner.[8] Mühren stond op 27 mei 1970 wel in de basis bij de bekerfinale nadat hij de halve finale had gemist. Ajax versloeg in de eindstrijd PSV met 2-0 in Stadion De Vliert in Den Bosch.

Mühren, vooraan 5e van links, met Ajax voor finale Europa Cup I tegen Panathinaikos (2 juni 1971).

Eerste Europa Cup (1970/71)

[bewerken | brontekst bewerken]

Ajax trok met Johan Neeskens van RCH opnieuw een jonge middenvelder aan. Mühren speelde 31 competitieduels waarin hij tien keer scoorde. Het landskampioenschap ging naar Feyenoord maar Ajax won voor het eerst de Europa Cup I. Met Mühren als linkermiddenvelder in de basis versloeg Ajax op 2 juni 1971 het Griekse Panathinaikos op Wembley In Londen met 2-0.[9] Ajax won ook voor de tweede keer op rij de KNVB Beker. De finale bestond uit twee duels met Sparta als tegenstander. Na de 2-2 op 5 mei 1971 in stadion De Kuip, scoorde Mühren op 20 mei 1971 in de return de openingstreffer uit een strafschop. Ajax won in het Olympisch Stadion met 2-1.[10]

Mühren, tweede van links, met Piet Keizer op de schouders bij winst KNVB Beker (11 mei 1972).

Trilogie (1971/72)

[bewerken | brontekst bewerken]

Gerrie Mühren kreeg bij Ajax gezelschap van zijn vijf jaar jongere broer Arnold. Ajax voltooide dit seizoen de trilogie. Mühren miste door een blessure de eerste drie competitieduels. Hij kwam tot 28 wedstrijden (negen goals). De eerste horde werd op 30 april 1972 genomen. Door de 1-2 zege bij Telstar pakte Ajax de landstitel.[11] Twaalf dagen later won Ajax voor het derde jaar op rij de KNVB Beker. Ook ditmaal scoorde Mühren in de bekerfinale uit een strafschop. Ajax klopte in stadion De Kuip FC Den Haag met 3-2.[12] De finale van de Europa Cup I vond plaats op 31 mei 1972 in stadion De Kuip in Rotterdam. Het Italiaanse Internazionale werd met 2-0 verslagen door twee treffers van Johan Cruijff. Mühren speelde op het middenveld met Arie Haan en Neeskens.[13] In de strijd om de Wereldbeker nam Ajax het op tegen het Argentijnse Independiente. Na de 1-1 in de uitwedstrijd op 6 september 1972, won Ajax op 28 september ook deze hoofdprijs door een 3-0 zege. Mühren speelde mee in beide duels.

Derde landstitel, Europa Cup (1972/73)

[bewerken | brontekst bewerken]

Mühren werd dit seizoen door de derde keer landskampioen met Ajax. Hij speelde dertig competitieduels en scoorde twaalf keer. De beslissing viel in de laatste speelronde. Ajax klopte daarin op zaterdag 19 mei 1973 AZ '67 met 3-0. Mühren scoorde het derde en laatste doelpunt en bracht het totaal op 102 competitietreffers.

Mühren, zittend uiterst rechts, met Ajax bij start seizoen 1972/73 (17 juli 1972).

Een herhaling van de trilogie was uit zicht doordat Ajax in de eerste bekerronde op 10 december 1972 werd uitgeschakeld door NAC. Na de 2-2 won de Bredase club via strafschoppen.[14] In de kwartfinale van de Europa Cup I liep Mühren tegen Bayern München op 21 maart een knieblessure op en stond een maand op non-actief. Hij miste daardoor op 11 april de eerste halve finalewedstrijd thuis tegen Real Madrid (2-1). In de met 0-1 gewonnen uitwedstrijd op 25 april was hij er weer bij en scoorde de enige en winnende treffer.[15] Nog meer bekend werd hij van het moment dat hij in stadion Bernabéu de bal uit de lucht plukte en vijf keer hooghield.[16] Mühren won met Ajax op 30 mei 1973 de derde Europa Cup I door Juventus met 1-0, doelpunt van Johnny Rep, te verslaan in het Rode Ster-stadion in Belgrado. In januari 1973 speelde Mühren met Ajax twee duels om de UEFA Super Cup tegen Glasgow Rangers, de strijd tussen de winnaars van Europa Cup I en II. De uitwedstrijd op Ibrox Park in Glasgow won Ajax op 16 januari met 1-3. De thuisontmoeting eindigde acht dagen later in een 3-2 overwinning, met een treffer van Mühren uit een penalty.[17]

Tweede Super Cup (1973/74)

[bewerken | brontekst bewerken]

Na twee competitieduels vertrok Johan Cruijff naar FC Barcelona en Sjaak Swart had voor het seizoen al afscheid genomen. De gouden jaren waren voor Mühren en Ajax voorbij met de derde plaats in de Eredivisie als resultaat. Hij scoorde twaalf keer in 31 competitieduels. In de Europa Cup I sneuvelde Ajax in de tweede ronde tegen CSKA Sofia, na een vrijloting in de eerste ronde. In het bekertoernooi strandde Ajax in de halve finale tegen PSV (1-2). Het hoogtepunt was het winnen van de UEFA Super Cup waarin AC Milan, de winnaar van de Europa Cup II, de tegenstander was. De uitwedstrijd in San Siro in Milaan ging op 9 januari 1974 met 1-0 verloren. De return op 16 januari in het Olympisch Stadion eindigde in een 6-0 zege, met een goal van Mühren vanaf de penaltystip.[18]

Mühren, zittend 4e van links, met Ajax voor aanvang seizoen 1974/75 (6 augustus 1974).

Geen enkele prijs (1974/75)

[bewerken | brontekst bewerken]

Ook dit seizoen reikte Ajax niet verder dan de derde plek in de Eredivisie. In navolging van Cruijff vertrok ook Johan Neeskens naar Barcelona, terwijl Piet Keizer zijn loopbaan beëindigde. Na vier jaar mocht de club niet meer deelnemen aan de Europa Cup I. In de UEFA Cup bereikte Ajax de derde ronde waarin Juventus de tegenstander was. Mühren scoorde op 11 december 1974 voor eigen publiek de winnende goal (2-1), maar door de 1-0 uitnederlaag op 27 november was Ajax uitgeschakeld.[19] Enkele weken later moest de club ook voortijdig het bekertoernooi verlaten. Heracles versloeg de Amsterdammers op 29 december na verlenging met 4-2.[20]

Laatste jaar (1975/76)

[bewerken | brontekst bewerken]

In zijn achtste en laatste seizoen bij Ajax kon Mühren niet afscheid nemen met een prijs. In de Eredivisie eindigde Ajax voor de derde keer als derde. Ook wist Ajax voor het derde jaar op rij niet de overwinteren in een Europees toernooi. In de derde ronde van de UEFA Cup sneuvelde Ajax in een strafschoppenserie tegen Levski Sofia op 10 december 1975.[21] Na de 2-1 nederlaag bij De Graafschap op 15 februari 1976, werd Mühren gepasseerd voor het volgende competitieduel, op bezoek bij FC Twente. Hierin verspeelde Ajax door de 3-0 nederlaag de koppositie.[22] Mühren zat ook op de reservebank toen Ajax op 29 februari door PEC Zwolle in de kwartfinale uit de KNVB Beker werd gestoten (3-0). Op het einde keerde hij terug en hij speelde op de slotdag 7 juni 1976 tegen Telstar (1-1) zijn laatste competitieduel voor Ajax.

In juni 1976 tekende hij een driejarig contract bij Real Betis.[23] In zijn eerste seizoen werd Real Betis vijfde in de Primera División en won ook de Spaanse beker Copa del Rey. Mühren had geen aandeel in het bekersucces omdat buitenlandse spelers tot 1978 waren uigesloten voor het Spaanse bekertoernooi. Dat gold ook voor zijn Hongaarse teamgenoot Attila Ladinszky.[24] Betis nam door de bekerwinst in het seizoen 1977/78 deel aan de Europa Cup II. Mühren, die in het begin van het seizoen enkele weken zijn basisplek verloor, was in vijf van de zes Europese duels van de partij. Betis werd in de kwartfinale uitgeschakeld door Dinamo Moskou. In de competitie zakte Betis naar de onderste regionen en degradeerde naar de tweede divisie, de Segunda División A. In zijn derde en laatste seizoen wist Mühren met Betis te promoveren. Vooral vanwege de onveiligheid in zijn woonbuurt en de vele inbraken, wilde hij met zijn gezin met drie kinderen terug naar Nederland.[25]

Tussenjaar Volendam

[bewerken | brontekst bewerken]

Hij speelde op 15 augustus 1979 met zijn nieuwe club Volendam, dat hem transfervrij overnam, in Sevilla zijn afscheidswedstrijd bij Real Betis. Het eerste kwartier voetbalde Mühren nog mee bij Betis om daarna van shirt en ploeg te wisselen.[26] Met aanvoerder Mühren behaalde Volendam de tweede plaats in de Eerste divisie en won de derde periodetitel.[27] In de nacompetitie liep Volendam promotie mis. Mühren had aangekondigd te vertrekken naar het Portugese Vitória Guimarães maar die transfer ging niet door.[28]

MVV en Hongkong

[bewerken | brontekst bewerken]

Vlak voor de competitiestart van de Eredivisie in augustus 1980, nam MVV hem over van Volendam.[29] Het vertrek viel niet goed bij Volendam waar hij een doorlopend contract had, dat MVV afkocht.[30] Hij speelde 27 competitieduels (drie treffers) voor MVV dat op de zevende plaats eindigde. Na afloop van het seizoen 1980/81 ging hij naar Seiko SA in Hongkong waar trainer George Knobel en zes Nederlandse voetballers actief waren, zoals Theo de Jong en Joop Wildbret.[31] Seiko werd onbedreigd kampioen maar Mühren beviel het voetbal en de drukke wereldstad niet.[32]

Kampioen met DS '79

[bewerken | brontekst bewerken]

De 36-jarige Mühren vond in de zomer van 1982 in Nederland onderdak bij DS '79 dat uitkwam in de Eerste divisie.[33] De club uit Dordrecht was in het seizoen 1981/82 als vijftiende geëindigd. Naast Mühren waren doelman Jaap Bloem en Terry Lees de aanwinsten die de club een impuls gaven. Mühren speelde niet op het middenveld maar vormde met Niels Overweg het centrale verdedigingsduo. Op 26 november 1982 trad hij met DS '79 in zijn woonplaats aan tegen zijn oude club Volendam. DS '79 leed een 2-1 nederlaag.[34] DS '79 verdrong later Volendam van de koppositie en kon in de thuiswedstrijd op 1 mei 1983 de titel grijpen. Dat voorkwam Volendam door een 2-2 remise.[35] Een week later kon toch het kampioensfeest worden gevierd. DS '79 pakte de titel met twee punten voorsprong op achtervolger Volendam.[36] Mühren ging met DS '79 de Eredivisie in maar redde het niet en degradeerde weer. Eind november 1983 werd bekend dat hij na het seizoen zou stoppen om bij Volendam met het jeugdplan aan de slag te gaan.[37] Hij speelde achttien duels in de Eredivisie voor DS '79. Door een knieblessure, opgelopen bij het zaalvoetbal, kwam hij na de winterstop vrijwel niet meer in actie.

Laatste jaar Volendam

[bewerken | brontekst bewerken]

Door veel blessures deed Volendam-trainer Leo Beenhakker al vroeg in het seizoen een beroep op de 38-jarige Mühren. Naast zijn werkzaamheden voor het jeugdplan was hij als promotioneel medewerker in dienst bij Nike Nederland, de hoofdsponsor van Volendam. Hij maakte op 16 september 1984 zijn comeback, tekende een spelerscontract en stopte met het jeugdplan.[38] Hij speelde zeventien wedstrijden. Voor het laatst op 21 april 1985 in de met 3-0 verloren uitwedstrijd tegen FC Twente. waarin hij uitviel met ribblessure. Volendam, dat na de winterstop in een vrije val raakte, zakte daarna verder weg in de degradatiezone.

Mühren, knielend in midden, voor zijn laatste wedstrijd in het Nederlands elftal (18 november 1973).

Nederlands elftal

[bewerken | brontekst bewerken]

Mühren debuteerde als eerste Volendammer op 5 november 1969 in het Nederlands elftal. Hij viel tijdens de rust in voor Wietse Veenstra in de met 0-1 verloren wedstrijd tegen Engeland. Ook zijn tweede interland was een invalbeurt, waarna hij op 28 januari 1970 uit tegen Israël (0-1) voor het eerst in de basis stond. In zijn laatste interland was hij een van de zeven Ajacieden in het WK-kwalificatieduel thuis tegen België (0-0) op 18 november 1973. Nederland plaatste zich hierdoor voor het Wereldkampioenschap voetbal 1974. Drie weken voor de start zegde Mühren in mei 1974 af voor het WK in West-Duitsland.[39]

Na zijn afscheid bij Volendam in 1985 voetbalde hij nog twee jaar bij eersteklasser VV Aalsmeer.[40] Hij stopte in mei 1987 als actief voetballer, werd jeugdtrainer bij Volendam en gaf voetbalclinics.[41] Een jaar later werd hij, zonder trainersdiploma, assistent van hoofdcoach Leo Steegman. “De trainerscursus is niets voor mij. Ik ben meer liefhebber dan trainer“, zei hij in een interview in dagblad Trouw.[42] Hij stopte medio 1989 als trainer bij Volendam en ging in november 1989 weer voetballen, bij vierdeklasser VV VZV in het Noord-Hollandse 't Veld. In januari 1990 startte hij zijn eigen voetbalschool.[43] Samen met zijn broer Arnold gaf hij door het hele land voetbaldemonstraties bij amateurverenigingen.[44] Ook voetbalde hij met de oud-internationals, zoals in de traditionele nieuwjaarswedstrijd.[45]

Gerrie Mühren is een broer van voetballer Arnold en gitarist Jan (Next One) en een neef van Arnold Mühren van The Cats. De bekende stadionomroeper en pr-man Pé Mühren was zijn oom, een tweelingbroer van zijn vader Jan. Gerrie’s grootvader meester Arnold Mühren, hoofdonderwijzer in het dorp, was lange tijd voorzitter van Volendam, tot 1956. De voorzittershamer bleef met opvolger Arnold junior, zoon van meester Mühren en oom van Gerrie, in de familie.

Overlijden en nagedachtenis

[bewerken | brontekst bewerken]

Gerrie Mühren overleed in 2013 op 67-jarige leeftijd aan de gevolgen van een beenmergstoornis.[46] In 2005 vernoemde de gemeente Amsterdam de Gerrie Mührenbrug naar hem. In september 2021 kreeg Mühren zijn eigen standbeeld op het sportcomplex van RKAV Volendam, dat onthuld werd door toenmalig bondscoach Louis van Gaal. De speler werd vereeuwigd door kunstenares Jans van Baarsen.[47]

Clubstatistieken

[bewerken | brontekst bewerken]
Seizoen Club Land Competitie Competitie Beker Internationaal Overig Totaal
Wed. Dlp. Wed. Dlp. Wed. Dlp. Wed. Dlp. Wed. Dlp
1963/64VolendamVlag van Nederland NederlandEredivisie10000100
1964/65VolendamVlag van Nederland NederlandEerste divisie30820328
1965/66VolendamVlag van Nederland NederlandEerste divisie20622228
1966/67VolendamVlag van Nederland NederlandEerste divisie3810334113
1967/68VolendamVlag van Nederland NederlandEredivisie29710307
1968/69AjaxVlag van Nederland NederlandEredivisie9210102
1969/70AjaxVlag van Nederland NederlandEredivisie327401034610
1970/71AjaxVlag van Nederland NederlandEredivisie311063804513
1971/72AjaxVlag van Nederland NederlandEredivisie28952924213
1972/73AjaxVlag van Nederland NederlandEredivisie3012101034115
1973/74AjaxVlag van Nederland NederlandEredivisie311231413814
1974/75AjaxVlag van Nederland NederlandEredivisie3121062384
1975/76AjaxVlag van Nederland NederlandEredivisie270206130381
1976/77Real BetisVlag van Spanje (21 jan. 1977 - 18 dec. 1981) SpanjePrimera División32900329
1977/78Real BetisVlag van Spanje (21 jan. 1977 - 18 dec. 1981) SpanjePrimera División2724350365
1978/79Real BetisVlag van Spanje (21 jan. 1977 - 18 dec. 1981) SpanjeSegunda División A27240312
1979/80VolendamVlag van Nederland NederlandEerste divisie3371051398
1980/81MVVVlag van Nederland NederlandEredivisie26320283
1981/82Seiko SAVlag van Hongkong (1959-1997) HongkongFirst Division League20200202
1982/83DS '79Vlag van Nederland NederlandEerste divisie28110291
1983/84DS '79Vlag van Nederland NederlandEredivisie18010190
1984/85VolendamVlag van Nederland NederlandEredivisie17040210
Totaal5741114814581281688138
Competitie
Aantal Jaren
Vlag van Nederland FC Volendam
Eerste divisie1x1966/67
Vlag van Nederland Ajax
Mondiaal
Wereldbeker voor clubteams1x1972
Continentaal
Europacup I3x1970/71, 1971/72, 1972/73
Europese Supercup2x1972, 1973
Nationaal
Eredivisie3x1969/70, 1971/72, 1972/73
KNVB beker3x1969/70, 1970/71, 1971/72
Vlag van Hongkong (1959-1997) Seiko
Hong Kong First Division League1x1981/82
Vlag van Nederland DS'79
Eerste Divisie1x1982/83