Gezondheidsraad

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Logo Gezondheidsraad

De Gezondheidsraad is een Nederlands onafhankelijk wetenschappelijk adviesorgaan met als opdracht regering en parlement te adviseren over vraagstukken op het gebied van de volksgezondheid en het gezondheids(zorg)onderzoek.

Geschiedenis[bewerken]

De geschiedenis van de Gezondheidsraad gaat terug tot 1902. In dat jaar werd krachtens de eerste Gezondheidswet (1901) de Centrale Gezondheidsraad ingesteld. De eerste Gezondheidswet regelde de instelling van een Staatstoezicht op de Volksgezondheid, dat inspecties uitvoerde. De Centrale Gezondheidsraad moest hieraan leiding geven. Die raad, bestaande uit de hoofdinspecteurs van het Staatstoezicht en particuliere deskundigen, kreeg daarnaast de taak de regering van advies te dienen.

In de daarop volgende jaren bleek dat de dubbele taak– besturen én adviseren – voor problemen zorgde. De Centrale Gezondheidsraad adviseerde adequaat, maar faalde als bestuursorgaan. In 1919 bracht de tweede Gezondheidswet verandering: de regering nam zelf de leiding van het Staatstoezicht in handen en de Centrale Gezondheidsraad zou voortaan alleen nog advies uitbrengen. Vanaf dat moment bestond deze uit wetenschappers en vertegenwoordigers van maatschappelijke en beroepsorganisaties. De naam werd kortweg Gezondheidsraad. De adviezen aan de regering konden zowel maatschappelijke als wetenschappelijke vraagstukken betreffen.

De Gezondheidsraad begon zich echter steeds meer als wetenschappelijk adviescollege te profileren: de belangenvertegenwoordigers in de raad kwamen in toenemende mate buitenspel te staan. Kort na de Tweede Wereldoorlog leidde dit tot de instelling van de Centrale Commissie voor de Volksgezondheid – tegenwoordig de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving – als maatschappelijk college van advies voor de regering. Tien jaar later kreeg de Gezondheidsraad formeel erkenning als wetenschappelijk adviesorgaan.

In 1997 werd de Gezondheidswet wederom herzien. De Gezondheidsraad kreeg de taak om niet alleen de regering, maar ook het parlement voor te lichten over de stand van de wetenschap op het gebied van de volksgezondheid. Dit werkterrein omvat van oudsher ook onderwerpen als voeding, milieubescherming en arbeidshygiëne. Later kwam daar nog de beoordeling van vergunningaanvragen voor geneeskundig bevolkingsonderzoek bij.

Een laatste verbreding van het werkterrein vond plaats in 2008, toen de Raad voor Gezondheidsonderzoek en de Gezondheidsraad werden samengevoegd. Sindsdien heeft de raad als wettelijke taak de regering en het parlement te adviseren op het gebied van de volksgezondheid en het gezondheids(zorg)onderzoek.

Werkterreinen[bewerken]

De Gezondheidsraad heeft zijn werkterrein onderverdeeld in zes aandachtsgebieden:

  • Optimale gezondheidszorg: advisering over veiligheid en effectiviteit van zorginterventies. Bijvoorbeeld over protonenbestraling of over behandeling van de gevolgen van kindermishandeling. Ook ethische kwesties vallen onder dit aandachtsgebied. Deze adviezen worden uitgebracht in samenwerking met de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg onder de naam Centrum voor Ethiek en Gezondheid.
  • Preventie: advisering over screening, vaccinatie, het voorkomen van ziektelast door psychische aandoeningen, enzovoort.
  • Gezonde voeding: gezondheidsrisico’s van een teveel of een tekort aan macronutriënten (koolhydraten, eiwitten en vetten) en micronutriënten (vitamines, mineralen, sporenelementen); de relatie tussen voeding en ziekten (obesitas, diabetis, eetstoornissen); de relatie tussen productiemethoden van voedsel en de gezondheidsrisico’s en -voordelen voor de consument. De Gezondheidsraad publiceert eens in de vijf jaar de Richtlijnen voor Goede Voeding.
  • Gezonde leefomgeving: Welke invloeden uit het milieu kunnen een positief of negatief effect hebben op de gezondheid? Denk hierbij aan blootstelling aan asbest, fijn stof of hormoonontregelende stoffen. Andere publicaties binnen dit aandachtsgebied richten zich onder meer op de kwaliteit van het binnenmilieu in huizen en scholen en op de relatie tussen de inrichting van de leefomgeving en gezond bewegen.
  • Gezonde arbeidsomstandigheden: De Gezondheidsraad adviseert jaarlijks over een groot aantal stoffen waarmee werknemers tijdens hun werk in aanraking kunnen komen. Daarnaast adviseert de Gezondheidsraad over arbeidsrisico’s als de lichamelijke en psychosociale belasting van werknemers.
  • Innovatie en kennisinfrastructuur: advisering over prioriteiten in het gezondheidsonderzoek; het zorgonderzoek en de technologieontwikkeling in deze sector; en over de bijbehorende infrastructuur.

Organisatie en werkwijze[bewerken]

De Gezondheidsraad levert wetenschappelijke ondersteuning voor de beleidsontwikkeling van ministeries. De Gezondheidsraad brengt – zowel gevraagd als op eigen initiatief – de stand van wetenschap in kaart. De raad weegt de mogelijkheden voor het doelmatig verbeteren van de volksgezondheid. Dit is een complexe taak omdat onderzoekers vaak met uiteenlopende resultaten komen en gegevens niet altijd gemakkelijk te duiden zijn. Om recht te doen aan deze complexiteit zijn in de Gezondheidsraad zo’n 130 deskundigen verzameld, die ingezet worden bij het beantwoorden van adviesvragen vanuit verschillende ministeries en soms vanuit de Eerste of Tweede Kamer. Een advies komt doorgaans tot stand in een commissie - die wordt geformeerd o.b.v. de adviesvraag en bestaat uit raadsleden plus deskundigen die gespecialiseerd zijn op het terrein in kwestie - en is pas definitief na toetsing in de Beraadsgroep Gezondheidszorg en/of de Beraadsgroep Volksgezondheid van de Gezondheidsraad. Daarna wordt het advies aangeboden aan de betreffende minister.

Naast beraadsgroepen en zgn. ad-hoccommissies heeft de Gezondheidsraad ook enkele vaste commissies, die verantwoordelijk zijn voor de advisering over geregeld terugkerende thema’s. Die vaste commissies zijn:

  • Bevolkingsonderzoek (BVO)
  • Elektromagnetische velden (EMV)
  • Gezondheid en beroepsmatige blootstelling aan stoffen (GBBS)
  • Rijgeschiktheid
  • Signalering arbeidsomstandighedenrisico’s
  • Signalering gezondheid en milieu
  • Vaccinaties
  • Voeding

De raad wordt geleid door een voorzitter en een vicevoorzitter (in deeltijd), en wordt ondersteund door een secretariaat met een wetenschappelijke staf en bedrijfsvoering.

Adviezen[bewerken]

De meeste adviezen die de Gezondheidsraad uitbrengt worden geschreven op verzoek van een van de bewindslieden. Met enige regelmaat brengt de Gezondheidsraad ook ongevraagde adviezen uit, die een signalerende functie hebben. In sommige gevallen leidt een signalerend advies tot het verzoek van een minister om over dit onderwerp verder te adviseren.

jongGR[bewerken]

Logo jongGR

In 2011 richtte de Gezondheidsraad een jonge Gezondheidsraad (jongGR) op. JongGR is een gemeenschap van jonge we­ten­schap­pers die een bijdrage willen leveren aan innovatie op het gebied van volksgezondheidsbeleid. JongGR signaleert trends en ontwikkelingen en gaat de discussie aan met jonge be­leids­ma­kers en zit­ten­de leden van de Ge­zond­heids­raad. De leden van jongGR zijn vooral via sociale media actief (Facebook, LinkedIn, Twitter).

Om het jongGR-netwerk te beheren, heeft de Gezondheidsraad een jongGR-commissie samengesteld, bestaande uit tien suc­ces­vol­le jonge we­ten­schap­pers, een be­leids­me­de­wer­ker van het mi­nis­te­rie van VWS en drie stafmedewerkers van de Gezondheidsraad.

Jonge onderzoekers zijn welkom bij jongGR wanneer ze (bijna) ge­pro­mo­veerd zijn en zich nog in een vroege fase van hun wetenschappe­lij­ke carrière bevinden (maxi­maal 10 jaar na de promotie). Ook jonge be­leids­me­de­wer­kers van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport zijn lid van het netwerk om de ver­ta­ling naar be­leid te be­vor­de­ren.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]