Irene Verbeek

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Irene Verbeek
Irene Verbeek (2008)
Irene Verbeek (2008)
Persoonsgegevens
Geboren 5 mei 1945
Geboorteland Vlag van Nederland Nederland
Nationaliteit Nederlandse
Beroep(en) beeldend kunstenaar
RKD-profiel
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Irene Verbeek (Eindhoven, 5 mei 1945) is een hedendaags Nederlands beeldend kunstenaar (schilder en graficus).

Leven en werk[bewerken]

In 1967 studeerde Irene Verbeek af aan de kunstacademie in Utrecht met een eervolle vermelding. Zij specialiseerde zich in de monumentale en versierende kunst bij Abraham Stokhof de Jong, die weer een leerling was geweest van Heinrich Campendonk. De melancholische motieven in het werk van Campendonck intrigeerden haar al vroeg, evenals het werk van Klee, Kandinsky en Van Doesburg, die allen bij het Bauhaus betrokken waren. Na haar studie verhuisde Verbeek naar Schiermonnikoog. Later vestigde ze zich in de stad Groningen. Nu woont ze teruggetrokken in Oostum in het noorden van de provincie Groningen.

In de jaren zestig van de 20e eeuw kwam zij op advies van Johan Dijkstra bij de Vrije Schilders-academie van de kunstenaarsvereniging De Ploeg, waar zij in hetzelfde jaar als lid werd aangenomen. In 1978 bedankte ze voor dat lidmaatschap na een vergeefse poging om de ingeslapen kunstenaarsvereniging te vernieuwen.

Vanaf 1969 exposeerde Irene Verbeek onder meer:

Bij de openingen van veel van haar exposities verwezenlijkte zij haar ideaal om verschillende kunstdisciplines bij elkaar te brengen. Zo werd een van de exposities in Amsterdam geopend met een toespraak van de musicus Dick Leutscher, gevolgd door een compositie Lucebert, Van grote en kleine vogels (opus 35) van de componist Jacob ter Veldhuis en een film over de totstandkoming de schildering in de Stadsschouwburg van Groningen, van de journalist Hans Fröling.

Haar grafisch werk vond vooral erkenning in haar boeken. De toenmalige museumdirecteur Frans Haks wijdde in 1979 een expositie aan haar eerste boek als kunstwerk mensen dieren dingen. Dit boek was ook de aanleiding om de Frankenthaler cilinderpers, waarop illegaal in 1944 Het Parool was gedrukt bij de firma Jesse, aan haar over te dragen, omdat zij in de traditie van Hendrik Nicolaas Werkman vernieuwingen in de grafische kunst had weten door te voeren.

In 1991 verenigde een aantal mensen zich in een stichting en nam het initiatief om in het noorden van Friesland een museum rondom het werk van Irene Verbeek op te richten: het OerKa Irene Verbeek Museum. Het museum is sinds 2001 gevestigd in het terpkerkje van Raard bij Dokkum, waar jaarlijks wisselende exposities te zien zijn.

Vanaf 1968 tot heden is Irene Verbeek bij verschillende onderwijsinstellingen docent geweest en geeft ze vanaf 1975 les in eigen atelier.

Stijl van werken[bewerken]

Veel voorkomende motieven in haar werk hebben te maken met de mens, het dier en de natuurelementen. Zij zelf noemt dat 'het vastleggen van het tijdloze in de werkelijkheid'. Haar werk is moeilijk onder een noemer te brengen. Niet alleen omdat haar werk zowel figuratief als abstract is, maar ook omdat haar techniek evolueert naar gelang het onderwerp.

Monumentaal werk[bewerken]

Naast haar vrije werk heeft Verbeek zeer uiteenlopende monumentale architectuurgebonden opdrachten uitgevoerd. Van deze genieten de plafond- en koepelschilderingen in de Stadsschouwburg van Groningen veel bekendheid.

Het boek als kunstwerk[bewerken]

Na haar eerste boek uit 1979 verschenen verschillende boeken van haar hand, zowel in eigen beheer als bij uitgeverij Philip Elchers en bij Ombre Productions.

De boeken, waarvan sommige door haar zelf gedrukt, hebben kleine oplagen en combineren eigenzinnige, nieuwe technieken met een indringende inhoud. In 2008 begon Irene Verbeek met een nieuwe reeks boeken waarin wordt geëxperimenteerd met afstemming tussen woord, beeld en muziek. Het ooit, het eerste boek in deze reeks, werd in 2009 ten doop gehouden in het Groninger museum door Henk van Os. Het tweede boek, Tijd tot later, werd in 2011 gepresenteerd door Maartje de Haan, directeur van het Museum Meermanno in Den Haag. Al haar boeken zijn aangekocht door de Koninklijke Bibliotheek en/of het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie in Den Haag.

Externe link[bewerken]