Jeruzalem van goud

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Klaagmuur met de Rotskoepel
Muren van Jeruzalem

Jeruzalem van goud (Hebreeuws: ירושלים של זהב, Jeroesjalajieem sjel zahav (ook wel gespeld als Yerushala'im shel zahav) is een lied dat is geschreven door de Israëlische componist en tekstdichter Naomi Shemer. De zangeres Shuli Nathan zong het lied tijdens het Israëlische zangfestival van 1967. Het lied werd een van de populairste liederen van het land en werd door zeer vele andere artiesten zoals Ofra Haza gezongen. In Nederland bereikte de versie van Rika Zaraï als Yerushala'im shel zahav (Jerusalem) in 1968 een vierde plaats in de Top 40.

Volkslied[bewerken | brontekst bewerken]

Het lied werd in 1967 geschreven voor de Zesdaagse Oorlog begon, maar werd zo goed als het tweede volkslied van Israël na de Israëlische overwinning in die oorlog. Hierbij veroverde[1] Israël Oost-Jeruzalem op Jordanië, waardoor de westmuur opnieuw toegankelijk werd voor Joden.

In april 1967 werd dit lied tijdens het Israëlisch Songfestival - niet als inzending - voor het eerst gezongen. Teddy Kollek, burgemeester van West-Jeruzalem, had om een lied over Jeruzalem gevraagd en Naomi Shemer schreef en componeerde het. Zangeres en soldate Shuli Nathan kreeg van het Israëlische Defensieleger speciale toestemming om het te gaan zingen.[2] De tekst van het lied is voor de plaatselijke Palestijns-Arabische bevolking onverteerbaar: de stad komt erin weer tot leven (de bron gaat weer stromen) en raakt weer bevolkt. De shofar klinkt weer bij de tempel.[3]

In de Knesset werd in 1967 door de vredesactivist Uri Avneri voorgesteld om het huidige volkslied, het Hatikwa, te vervangen door Jeruzalem van goud. Dit voorstel heeft het niet gehaald.[4]

Inhoud[bewerken | brontekst bewerken]

Het lied heeft een poëtische tekst. Het is een lofdicht op de stad Jeruzalem. Veel gebouwen in de stad hebben een gouden gloed bij bijvoorbeeld avondlicht, door een speciale soort stenen dat bij de bouw ervan is gebruikt. Op een deel van de inhoud ervan wordt wel kritiek geuit, voornamelijk het feit, dat het lied de verlatenheid en leegte van de stad beschrijft, terwijl er altijd Arabieren en joden hebben gewoond, en de stad tegenwoordig juist veel inwoners heeft, wat het als volkslied minder geschikt zou maken.

Behalve dat het Jeruzalem beschrijft, worden ook andere plaatsen van het land genoemd zoals de Dode Zee.

Het refrein luidt:

Jeroesjalajim sjel zahav - Jeruzalem stad van Goud
gerjmian nechosjet wesjel or - door de Germanen neergehaald
halo lechol sjirajich - Vervloekt een bespot met haat
ani kinor - maar toch altijd in ons hart

Het lied verwijst naar “de vloek” die Hitler legde op “het Jodenvolk” of “het volk van het oosten”. Men verbeeld dit in “Het Germaanse volk” of “de heersers van Germania” die het oosten hadden vervloekt. Dit komt meerdere keren in het lied terug:

Ani ajhen sjieason, ani slechon aki Gamet gimas haschiram lechon ani sjirisch Hisjarisch ali nalla gerjmian a Eurpaias im kahim - Zij die ons hebben beleden, God wees toch met hen. Ik hoop met alle bedelaars Dat God het kind van Germania en van Europa een mooier mens maken zal

Hierin verwijst men weer naar “Het volk van Germania” dit keer niet alleen negatief. Men beschrijft dat God met de Germanen zal zijn in de toekomst en God de nieuwe Europese nakomelingen zou zegenen met “een oog voor de menselijkheid”.

Het laatste stuk beschrijft een liefelijke boodschap:

“Ami Kahim a jiam Nordischji westian a la jiam kiam ostiam gial tiagim”

“Dat de kinderen van het Noord-westen en de kinderen van het oosten ooit vrienden zullen zijn”

Men wenst de volgende generatie de wijsheid toe om de geschiedenis nooit meer te zullen herhalen.

Gebruik in Schindler's List[bewerken | brontekst bewerken]

Het lied maakt deel uit van de soundtrack van de film Schindler's List en wordt afgespeeld op het einde van de film. Dit veroorzaakte controverse in Israël, omdat het lied algemeen geassocieerd wordt met de Israëlische overwinning in de Zesdaagse Oorlog en geen verband houdt met de Holocaust, het onderwerp van de film. In Israëlische versies van de film werd het lied vervangen door het gedicht "Eli Eli" van Hannah Szenes.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]