Johnson & Johnson

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Johnson & Johnson
Logo
Hoofdkantoor JNJ in New Brunswick
Beurs NYSE: JNJ
Oprichting 1886
Sleutelfiguren Robert, James en Edward Johnson (oprichters)
Alex Gorsky (CEO)
Hoofdkantoor New Brunswick, Verenigde Staten
Omzet/jaar US$ 82,6 miljard (2020)
Winst/jaar US$ 14,7 miljard (2020)
Marktkapitalisatie US$ 434 miljard (12 nov. 2021)
Website (en) Johnson & Johnson
Portaal  Portaalicoon   Economie
Robert Wood Johnson

Johnson & Johnson (NYSE: JNJ) is een wereldwijd Amerikaans bedrijf dat actief is in de farmaceutische industrie, medische en consumentenproducten.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

JNJ werd opgericht in 1886 door drie broers: Robert Wood Johnson, James Wood Johnson en Edward Mead Johnson. Het eerste product was een verband met een bacteriedodend middel. Het bedrijf kreeg in 1944 een notering op de New York Stock Exchange en maakt, onder andere, deel uit van de Dow Jones Industrial Average-aandelenindex.

In 1961 kocht JNJ het Belgische bedrijf Janssen Pharmaceutica. In 1999 nam het Centocor over, nu Janssen Biotech, een belangrijke speler op het vlak van monoklonale antistoftechnologie. In 2006 volgde de overname van de consumentendivisie van Pfizer.[1] JNJ behaalde ruim vier maal de jaaromzet, namelijk US$ 16,6 miljard voor activiteiten die in 2005 een omzet behaalden van US$ 3,9 miljard. Het bedrijf werd steeds groter.

In oktober 2010 bracht JNJ een bod uit op het Nederlandse bedrijf Crucell.[2] JNJ had al 18% van de aandelen Crucell in handen en bood in totaal 1,75 miljard euro voor de resterende 82% van de aandelen.[2] De transactie werd in februari 2011 afgerond. JNJ was vooral geïnteresseerd in de vaccins tegen ziekten zoals hepatitis, griep, tyfus en cholera.[2] Vaccins zijn aantrekkelijk voor de farmaceutische industrie, omdat de verkoop sneller stijgt dan de verkopen van receptplichtige geneesmiddelen en ze minder worden geconfronteerd met concurrentie van generieke geneesmiddelen. Vanaf oktober 2014 is Crucell opgegaan in Janssen Pharmaceutica.

In november 2021 maakte het bedrijf bekend de activiteiten te gaan splitsen.[3] De divisie met de focus op consumentengezondheidsproducten komt los van de divisie die medicijnen en medische hulpmiddelen produceert. De eerste divisie is veruit het kleinst met een omzetaandeel van 17% in het totaal of zo'n 14 miljard dollar. Beide nieuwe bedrijven zullen beursgenoteerd zijn. De splitsing moet binnen 18 tot 24 maanden afgerond zijn.

Activiteiten[bewerken | brontekst bewerken]

JNJ heeft de activiteiten verdeeld over drie divisies: geneesmiddelen, medische apparaten en consumentenproducten. Geneesmiddelen is het grootste bedrijfsonderdeel en was in 2020 goed voor de helft van de omzet, het kleinste onderdeel was de consumentenafdeling met een zesde van de omzet.[4] Per jaar geeft het bedrijf zo'n 13-15% van de omzet uit aan R&D.[4] In 2020 was de omzet ruim US$ 80 miljard, min of meer gelijk verdeeld over de Verenigde Staten en de rest van de wereld.[4] Het telde in dat jaar 134.500 medewerkers.

Enkele bekende consumentenmerken van JNJ zijn:

Daarnaast verhandelt het bedrijf ook de antilichamen Remicade, Stelara, Simponi, Reopro voor mensen net herstellende van een hartinfarct, hechtmaterialen onder de naam EthiconEndo, protheses onder de merknaam DePuy en producten voor endoscopische chirurgie onder de verzamelnaam EthiconEndo Surgery.

Het hoofdkantoor staat al sinds de oprichting in New Brunswick, New Jersey. Johnson & Johnson heeft meer dan 200 dochterondernemingen, waaronder het Belgische Janssen Pharmaceutica. Andere, in Nederland actieve dochterondernemingen, zijn onder andere Crucell, Janssen Biologics (voorheen Centocor) en Mentor Medical Systems in Leiden, JnJ Medical in Amersfoort, JnJ consumer in Almere en tot 2008 Cordis in Roden.

Tijdens de coronacrisis was Johnson & Johnson een van de farmaceuten dat een vaccin tegen het COVID-19 probeerde te ontwikkelen. Onder meer de Europese Commissie had al tijdens de ontwikkeling afspraken gemaakt over aankoop van een eventueel ontwikkeld vaccin. In december 2020 maakte Paul Stoffels, de nummer twee van het bedrijf, bekend dat ze het COVID-19-vaccin Ad26.COV2.S hadden ontwikkeld, waarvan één dosis voldoende bescherming zou geven.[5] Het vaccin werd in maart 2021 goedgekeurd door het Europees Geneesmiddelenbureau.[6]

Resultaten[bewerken | brontekst bewerken]

In 2020 behaalde JNJ een omzet van ruim US$ 80 miljard en een nettowinst van US$ 15 miljard.

Jaar[7] Omzet
(× US$ miljoen)
Nettoresultaat
(× US$ miljoen)
Werknemers
2005 50.514 10.060 115.600
2006 53.324 11.053 122.200
2007 61.095 10.576 119.200
2008 63.747 12.949 118.700
2009 61.897 12.266 115.500
2010 61.587 13.334 114.000
2011 65.030 9.672 117.900
2012 67.224 10.853 127.600
2013 71.312 13.831 128.100
2014 74.331 16.323 126.500
2015 70.074 15.409 127.100
2016 71.890 16.540 126.400
2017 76.450 1.300[8] 155.000
2018 81.581 15.297 134.000
2019 82.059 15.119 132.200
2020 82.584 14.714 134.500

Controverses[bewerken | brontekst bewerken]

  • Op 4 november 2013 trof het bedrijf een schikking met het Amerikaanse ministerie van Justitie ten bedrage van US$ 2,2 miljard. Dit vanwege het aanprijzen van receptmedicijnen buiten de geregistreerde indicatie(s).[9] Verder zou sprake zijn van betalingen van smeergeld aan artsen en het bedrijf komt onder verscherpt toezicht om herhaling van deze misstanden te voorkomen.
  • In augustus 2019 werd JNJ veroordeeld tot het betalen van een boete van US$ 572 miljoen aan de Amerikaanse staat Oklahoma.[10] JNJ heeft volgens de rechter bijgedragen aan de 'opiatencrisis' door in de marketing opzettelijk de verslavende gevolgen van zijn pijnstillers te bagatelliseren. De aanklager had US$ 17 miljard geëist. JNJ heeft aangekondigd in hoger beroep te gaan.
  • Op 8 oktober 2019 liep de firma tegen een juryboete op van US$ 8 miljard vanwege het ongeoorloofd promoten van het geneesmiddel Risperdal. Jonge jongens kregen borstvorming als bijwerking.[11]
  • Op 1 april 2021 werd ontdekt dat de farmaceut 15 miljoen doses van zijn coronavaccin weggooide nadat was gebleken dat die onbruikbaar waren door een fout in het productieproces. Dit betekende dat de distributie van het vaccin in de Verenigde Staten aanzienlijk vertraagd werd.[12]

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]