Pfizer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Pfizer
Logo
Hoofdkantoor van Pfizer
Beurs NYSE: PFE
Oprichting 1849
Oprichter(s) Charles Pfizer
Charles Erhardt
Sleutelfiguren Ian Read (voorzitter)
Albert Bourla (CEO)
Hoofdkantoor New York,
Vlag van de Verenigde Staten Verenigde Staten
Werknemers 78.500, waarvan 29.400 in de Verenigde Staten[1]
Producten farmaceutische producten
Omzet/jaar US$ 81,3 miljard (2021)[2]
Winst/jaar US$ 22,0 miljard (2021)[2]
Marktkapitalisatie US$ 288 miljard (8 febr. 2022)
Website www.pfizer.com
Portaal  Portaalicoon   Economie

Pfizer Inc. is een van de grootste farmaceutische bedrijven ter wereld, en is gevestigd in de stad New York in de Verenigde Staten.

Activiteiten[bewerken | brontekst bewerken]

Pfizer is wereldwijd actief en de producten worden in ongeveer 125 landen verkocht. Ongeveer de helft van de omzet wordt in de Verenigde Staten behaald. Japan en de Volksrepubliek China volgen allebei met een omzetaandeel van zo'n 6%.[1] Het bedrijf heeft bijna 80.000 medewerkers in dienst. In 2020 spendeerde het bedrijf US$ 9 miljard, zo'n 20% van de omzet, aan onderzoek en ontwikkeling.

Vanaf 2020 ligt de focus volledig op de ontwikkeling en productie van geneesmiddelen. In de drie voorgaande jaren zijn de activiteiten van de bedrijfsonderdelen Upjohn, een producent van generieke medicijnen, en Consumer Healthcare, receptvrije geneesmiddelen, deels of geheel afgestoten.

Enkele bekende producten van Pfizer zijn:

Resultaten[bewerken | brontekst bewerken]

Het bedrijf had in 2020 een jaaromzet van US$ 42 miljard. Ongeveer een vijfde van de omzet wordt besteed aan R&D, al wordt niet gesplitst hoeveel aan beide onderdelen wordt uitgegeven. De hoge omzet in 2010 was het gevolg van de overname van Wyeth, een bedrijf met een jaaromzet van ruim US$ 20 miljard. De daling in latere jaren werd mede veroorzaakt door lagere verkopen van lipitor waarvan de octrooibescherming is vervallen. De negatieve belastingdruk in 2017 was het gevolg van een grote federale belastingherziening waarbij het Amerikaanse vennootschapsbelastingtarief werd verlaagd van 35% naar 21% en het eenvoudiger werd om winsten opgepot in het buitenland terug te laten vloeien naar de Verenigde Staten. Deze herziening leverde Pfizer een belastingbate op van ongeveer US$ 9 miljard. In de hoge winst in 2019 zit een grote boekwinst op de verkoop van de activiteiten in de consumentengezondheidszorg. De omzetdaling in 2020 was een gevolg van de Mylan transactie. De sterke stijging van omzet en resultaat in 2021 is vooral het gevolg van de verzesvoudiging van de vaccinverkopen, deze steeg van US$ 7 miljard in 2020 naar US$ 43 miljard.

bedragen luiden in miljoenen Amerikaanse dollar
Jaar[3] Omzet Nettoresultaat R&D
(in % omzet)
Winst-belasting[4]
2010 67.809 8.257 13,9% 11,9%
2015 48.851 6.960 15,7% 22,2%
2016 52.824 7.215 14,9% 13,4%
2017 52.546 21.308 14,6% -73,5%
2018 53.647 11.153 14,9% 5,9%
2019 51.750 16.273 16,7% 7,8%
2020 41.908 9.616 22,4% 6,4%
2021 81.288 21.979 17,0% 7,6%

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Pfizer werd in 1849 opgericht door Charles Pfizer en zijn neef Charles F. Erhart. Beide heren zijn van Duitse afkomst. De onderneming, actief op het gebied van chemicaliën, kreeg de naam Charles Pfizer and Company. Tijdens de Eerste Wereldoorlog kwam de aanvoer van bepaalde grondstoffen voor de productie van medicijnen uit Italië stil te liggen. Pfizer slaagde erin dit gebrek op te lossen door eigen fermentatie-onderzoek. Hiermee werd de basis gelegd voor de productie van penicilline die in grote hoeveelheden door Pfizer werd geproduceerd in de Tweede Wereldoorlog.

In 2009 nam Pfizer sectorgenoot Wyeth over voor US$ 68 miljard.[5] De combinatie behoorde tot de top van de sector met een zeer breed productaanbod. Door de fusie was er veel ruimte om op kosten te besparen. De synergievoordelen werden, ten tijde van het bekendmaken van de overname, geraamd op US$ 4 miljard per jaar, te bereiken drie jaar na het daadwerkelijk samengaan.[5] Pfizer zag veel patenten aflopen op zijn geneesmiddelen, waaronder op zijn best verkochte geneesmiddel Lipitor in 2011, en zocht naar een overnamekandidaat om dit aanstaande verlies te compenseren.[5] Wyeth had op het moment van de overname een jaaromzet van US$ 23 miljard.[5]

In november 2015 werd bekend dat Pfizer voor US$ 160 miljard branchegenoot Allergan wilde gaan overnemen.[6] Allergan is onder andere bekend van botox, een middel om rimpelvorming tegen te gaan. De nieuwe combinatie telt zo’n 110.000 medewerkers en de jaaromzet zal op zo’n US$ 60 miljard uitkomen.[7] Pfizer biedt 11,3 aandelen voor ieder aandeel Allergan.[6] De transactie wordt zo vormgegeven dat Allergan Pfizer overneemt. Op deze wijze kan Pfizer zijn hoofdkwartier verplaatsen naar Ierland, waar Allergan officieel is gevestigd en waar de winstbelasting aanzienlijk lager is.[6] Het ontwijken van de hoge Amerikaanse winstbelasting was een belangrijk motief voor Pfizer voor deze overname.[6] Pfizer poogde in 2014 AstraZeneca over te nemen, om op die manier een fiscale verhuizing mogelijk te maken, maar dit mislukte.[6] Door een verandering in de Amerikaanse belastingwetgeving wordt het voor Amerikaanse bedrijven minder aantrekkelijk buitenlandse overnames te doen in een land met een lagere winstbelasting en vervolgens het hoofdkantoor te verplaatsen.[8] Een dag later, op 7 april 2016, zag Pfizer af van de overname van Allergan met als reden de strengere belastingregels.[8] Direct nadat het besluit bekend werd steeg de aandelenkoers van Pfizer met 2,2%, terwijl de koers van Allergan met 15% daalde.

In december 2018 kondigden Pfizer en GlaxoSmithKline (GSK) aan de activiteiten met betrekking tot de consumentengezondheidszorg te gaan bundelen.[9] Pfizer zal de activiteiten onderbrengen bij GSK waarmee de nieuwe combinatie in 2017 een omzet zou hebben behaald van ongeveer US$ 12,7 miljard, waarvan US$ 3,5 miljard afkomstig van Pfizer.[9] Van de nieuw te vormen joint venture krijgt Pfizer 32% van de aandelen. Verder mag Pfizer drie van de negen leden van het bestuur van de joint venture benoemen. Door de bundeling verwachten de twee bedrijven maximaal US$ 650 miljoen aan kostenvoordelen binnen te halen.[9] In juli 2019 ging de Europese Commissie akkoord, maar Pfizer moet het merk ThermaCare, bekend van onder meer warmtekompressen, afstoten aan een door Brussel goed te keuren partij.[10] Op 1 augustus 2019 is de transactie gecompleteerd.

In juli 2019 maakten Pfizer bekend Mylan te gaan overnemen.[11] De activiteiten van Pfizers Upjohn, dat onder meer Viagra en Lipitor maakt, gaan samen met Mylan, net als Upjohn, een producent van generieke medicijnen. Pfizer krijgt een meerderheidsbelang van 57% in de nieuwe combinatie die een jaaromzet zal behalen van zo'n US$ 19 à 20 miljard (17 tot 17,9 miljard euro).[11] De bedrijfsleiding komt in handen van twee bestuurders van Mylan en een van Upjohn. Voor de combinatie wordt een nieuwe bedrijfsnaam bedacht. Mylan is sinds 2015 statutair in Nederland gevestigd om een ongewenst overnamebod van Teva Pharmaceutical Industries te frustreren. Teva was toen bereid US$ 40 miljard voor Mylan te betalen, maar de beurswaarde van Mylan is gedaald naar US$ 9,5 miljard vlak voordat de samenwerking met Pfizer bekend werd.[11] Mylan lijdt onder lagere verkopen van generieke medicijnen in de Verenigde Staten. Op 16 november 2020 is de transactie met Mylan afgerond. De verkoop heeft een negatief effect op de omzet van Pfizer van zo'n US$ 10,6 miljard in 2019.

In 2020 is een coronavaccin Tozinameran ontwikkeld door Pfizer en BioNTech. Op 21 december 2020 werd het mRNA-vaccin van Pfizer/BioNTech voorwaardelijk goedgekeurd door het beoordelingscomité van het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA).[12] Pfizer Manufacturing Belgium in Puurs is een van de twee vestigingsplaatsen wereldwijd waar het Pfizer-BioNTech-vaccin zal worden geproduceerd. De impact op de Belgische economie wordt geschat op een stijging van bruto nationaal inkomen met 0,3%.[13] In november 2021 meldde Pfizer dat jaar 2,3 miljard coronavaccins te verkopen met een omzetwaarde van US$ 36 miljard.[14]

In december 2021 maakte Pfizer bekend het farmaceutische bedrijf Arena Pharmaceuticals over te gaan nemen voor US$ 6,7 miljard.[15] Arena Pharmaceuticals spitst zich voornamelijk toe op behandelingen tegen hart-, huid- en darmaandoeningen. Op 31 december 2020 telde het beursgenoteerde Arena minder dan 400 medewerkers. Het heeft diverse medicijnen in ontwikkeling, maar nog geen medicijnen op de markt gebracht. De omzet is nagenoeg nihil al krijgt het wel bepaalde vergoedingen van andere fabrikanten voor onderzoekswerkzaamheden. In de periode 2016 tot en met 2020 werd alleen 2019 met winst afgesloten. Voor Pfizer betekent de overname een aanvulling op de bestaande portefeuille van medicijnen.

In mei 2022 werd de overname bekend gemaakt van het beursgenoteerde Biohaven Pharmaceutical.[16] Het is de producent van rimegepant, een veelbelovend medicijn tegen migraine. Dit medicijn werd op 27 februari 2020 goedgekeurd door de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) en is het eerste goedverkopende medicijn dat Biohaven op de markt heeft gebracht. Pfizer is bereid US$ 11,6 miljard te betalen. In november 2021 sloten de twee al een overeenkomst om samen te werken met de verkoop van medicijnen buiten de Verenigde Staten. Toen kocht Pfizer al een bescheiden aandelenbelang van 2,6% in Biohaven.[16] Biohaven realiseerde in 2021 een omzet van US$ 462 miljoen.[16]

Boetes off-labelgebruik[bewerken | brontekst bewerken]

  • In 2009 kreeg de firma een totale boete van US$ 2,3 miljard wegens off-labelgebruik.[17]
  • In juli 2013 maakte Pfizer een boete bekend van US$ 491 miljoen wegens het promoten van niet-geregistreerd gebruik van hun niertransplantatiemedicijn sirolimus. Deze overtredingen werden gedaan door Wyeth Pharmaceuticals, welke Pfizer in 2009 had overgenomen.[18]