Laboratorium voor Grondmechanica

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Het Laboratorium voor Grondmechanica (LGM) was tussen 1934 en 2008 het Nederlands wetenschappelijk instituut op het gebied van grondmechanica, geo-engineering en geo-ecologie, verbonden aan de Technische Universiteit in Delft. Het stond vanaf 1986 bekend als Grondmechanica Delft (GD) en vanaf 1999 als GeoDelft. In 2008 is GeoDelft overgegaan in het instituut Deltares.

Doel[bewerken]

Het Laboratorium voor Grondmechanica was een Groot Technologisch Instituut (GTI) en had daarmee de taak om geotechnische kennis te verwerven, te genereren en uit te dragen. Het deed onder meer onderzoek aan de slappe grondsoorten die in Nederland veel voorkomen, zoals klei en veen en ook naar sterkere grondsoorten zoals zand. Ook deed het instituut onderzoek naar het construeren in de grond en met grond, en het beheersen van de geo-ecologische gevolgen. Het instituut had een belangrijke adviserende rol bij de totstandkoming van de Deltawerken.

Geschiedenis[bewerken]

Het Laboratorium voor Grondmechanica werd in 1934 opgericht door de Stichting Waterbouwkundig Laboratorium, ressorterend onder het Ministerie van Waterstaat, op initiatief de Delftse hoogleraren Albert Sybrandus Keverling Buisman en Gerrit Hendrik van Mourik Broekman. Zij verzelfstandigden daarmee de grote behoefte aan wetenschappelijk onderbouwde adviezen voor overheid en bedrijfsleven, onder de voorwaarde dat de hoogleraren en studenten van de voorzieningen gebruik mochten blijven maken. Directe aanleiding was een onderzoek naar de bodemgesteldheid als gevolg van de Treinramp bij Weesp. Het laboratorium was tot 1955 gevestigd in de kelder van het gebouw voor Weg- en Waterbouwkunde aan het Oostplantsoen in Delft.

Medio 1986 werd de naam van het laboratorium gemoderniseerd in Grondmechanica Delft (GD). Met ingang van 8 april 1999 werd de naam verkort tot GeoDelft. In het streven kennis met soortgelijke instituten te bundelen ging GeoDelft op 1 januari 2008 samen met WL - Delft Hydraulics, TNO business unit Bodem en Grondwater en delen van Rijkswaterstaat over in het instituut Deltares.