Maria (vrouw van Kleopas)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Beeld van Maria van Kleopas, achttiende eeuw

Maria, de vrouw van Kleopas is een vrouw uit het Nieuwe Testament. Zij is een van de drie Maria’s die Christus begeleiden op zijn lijdensweg. Zij wordt ook wel ‘de andere Maria’ genoemd. Vermoedelijk onjuist, wordt deze persoon soms ook aangeduid met de naam Maria van Klopas of Maria Jacobi.

Maria was gehuwd met Kleopas, de broer van Jozef. Zij is dus de schoonzus van Maria, de moeder van Jezus en de tante van Jezus.

Maria van Kleopas stond, tezamen met Maria Magdalena en Maria, de moeder van Jezus, onder het kruis waaraan Jezus was genageld (Johannes 19).

Maria van Klopas[bewerken]

In Johannes 19:25 komt een Klopas voor; dit is waarschijnlijk iemand anders.

Maria Jacobi[bewerken]

Op basis van de verwantschap tussen de namen Kl(e)opas (Aramees: Chalpaj) en Alfeüs (de Hebreeuwse letter chet wordt in het Grieks (LXX) wel vaker met een alpha weergegeven), gaan sommigen ervan uit dat Kl(e)opas dezelfde is als Alfeüs. Dan zou hij de vader zijn van de jongere discipel Jakobus (zoon van Alfeüs). Zijn vrouw Maria "de vrouw van Kl(e)opas" zou daarmee de moeder zijn van Jakobus, de zoon van Alfeüs die in Marcus 15:40; 16:1 en Lucas 24:10 genoemd wordt.[1]. Deze Maria wordt daarom soms aangeduid als Maria (Mater) Jacobi.