Maria (vrouw van Kleopas)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Maria, de vrouw van Kleopas / Klopas (Grieks: Μαρία ἡ τοῦ Κλωπᾶ, María hē tou Clōpá), soms Maria Cleophas, is een vrouw uit het Nieuwe Testament. In de middeleeuwse traditie is zij een van de drie Maria's, de dochters van Sint-Anna en tevens een van de Maria's die Christus begeleiden op zijn lijdensweg. Zij wordt ook wel "de andere Maria" of Maria Jacobi genoemd (zie verderop).

Nieuwe Testament[bewerken]

"Maria, de vrouw van Klopas" wordt slechts één keer expliciet genoemd, namelijk in Johannes 19:25:

"Bij het kruis van Jezus stonden zijn moeder met haar zuster, Maria, de vrouw van Klopas, en Maria uit Magdala."

Weergave van dit moment in het verhaal in andere evangeliën geven andere aanduidingen:

"Onder hen bevonden zich Maria uit Magdala, Maria de moeder van Jakobus en Josef, en de moeder van de zonen van Zebedeüs.[1]"
"Van een afstand keken ook enkele vrouwen toe, waaronder Maria uit Magdala en Maria de moeder van Jakobus de jongere en van Joses, en Salome.[2]"

Sommige onderzoekers hebben uit vergelijking van deze passages de conclusie getrokken dat Maria, de vrouw van Klopas, dezelfde is als Maria de moeder van Jakobus en Josef.[3] Matteüs 13:55,56 en Marcus 6:3 noemen Jakobus en Josef broers van Jezus (Marcus gebruikt altijd de minder gebruikelijke spelling Joses).

Sommige interpretaties stellen deze Maria gelijk aan de Maria die een van de vrouwen was die de dag na de opstanding van Jezus naar het graf gingen om Jezus' lichaam met kruiden te zalven. Matteüs 28:1 noemt haar "de andere Maria" om haar te onderscheiden van Maria uit Magdala, terwijl Marcus 16:1 haar "Maria de moeder van Jakobus" (Maria Iacobi) noemt.

Traditie[bewerken]

Volgens sommige tradities was deze Maria de tweede dochter van Anna. Deze en andere tradities stellen de genoemde echtgenoot Klopas gelijk aan Kleopas, een van de Emmaüsgangers uit Lucas 24:18.

In sommige tradities is deze Kleopas de broer van Jozef van Nazareth.[4] Maria van Kleopas zou dan, behalve de halfzus van Maria, de moeder van Jezus, tevens haar schoonzus zijn. Zij is tevens de tante van Jezus. De zoon van Kleopas en Maria was Simeon van Jeruzalem, die Jakobus, de broer van Jezus, opvolgde als bisschop van Jeruzalem.

Vrouw van Alfeüs?[bewerken]

Op basis van de verwantschap tussen de namen Kl(e)opas (Aramees: Chalpaj) en Alfeüs (de Hebreeuwse letter chet wordt in het Grieks (in de Septuagint) wel vaker met een α weergegeven), gaan sommigen ervan uit dat Kl(e)opas dezelfde is als Alfeüs. Dan zou hij de vader zijn van de jongere discipel Jakobus (zoon van Alfeüs).[5] Zijn vrouw Maria "de vrouw van Kl(e)opas" zou daarmee de moeder zijn van Jakobus, de zoon van Alfeüs die in Marcus 15:40; 16:1 en Lucas 24:10 genoemd wordt.[6].

Maria van Kleopas in de kunst[bewerken]

Zie ook[bewerken]