Natuurbeheer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Natuurbeheer is het beheren van de natuur uitgaande van natuurbeschermingsdoelstellingen en met specifieke natuurbeheersmaatregelen. Een beleidsinstrument voor natuurbeheer is het natuurdoeltype.

Uitvoerders[bewerken]

Veel natuurbeheer gebeurt door grote gespecialiseerde natuurbeheerders, natuur- en milieuverenigingen, in natuurreservaten. Daarnaast vindt er op basis van contracten en beheersovereenkomsten natuurbeheer plaats buiten natuurreservaten door bijvoorbeeld particuliere boseigenaren, individuele boeren, verenigingen voor agrarisch landschaps- en natuurbeheer - via agrarisch natuurbeheer - en wildbeheerseenheden.

Vormen van beheer[bewerken]

Er zijn veel vormen van beheer. Bij het beheer van natuurreservaten gaat het vaak om de volgende maatregelen:

Natuurbeheer in Vlaanderen en Nederland[bewerken]

Actief natuurbeheer is in de lage landen (Nederland en Vlaanderen) vooral opgekomen in de jaren 1970, nadat bleek dat steeds meer natuur ten offer viel aan de economische expansie. Wat nog resteerde begon men in toenemende mate te beschermen en beheren. Men baseerde zich daarbij vaak op het vroegere beheer -de klassieke landbouwpraktijken- om natuurgebieden te behouden of te herstellen.

Naarmate de beschikbare oppervlakte aan natuurgebieden toenam wijzigden de inzichten met betrekking tot natuurbeheer en werden steeds grootschaliger ingrepen uitgevoerd. Het klassieke beheer volgens de boerengewoontes maakte dan ook vaak plaats voor een beheer dat zich vooral toespitste op het beschermen, verbeteren of ontwikkelen van processen zoals grond- en oppervlaktewaterstroming, begrazing, overstroming, verruiging. Ook de hermeandering van beken of rivieren, het herstel van hoogvenen of het het terugbrengen van zoet-zout overgangen door het verwijderen van duinen en dijken hoorden hierbij. Naast klassieke handmatige maaien en kappen werden nu op grote schaal werktuigen zoals bosbouw- en grondverzetmachines ingezet bij het beheer of scheppen van nieuwe natuur.

Modern natuurbeheer in onze landen heeft behouden of terugbrengen van een bepaald type landschap tot doel. Door onder meer vernatting en verschraling van de bodem wil men specifieke fauna en flora opnieuw te laten opleven.

Nederland is lang koploper geweest in het natuurbeheer, met ruim 200.000 hectare natuurgebied als resultaat. Vlaanderen had daarbij een inhaalslag te leveren, maar kan sedert 1990 bogen op een gestage toename van de oppervlakte beheerde natuurreservaten (nu zo'n 20 à 30.000 hectare). Nochtans wordt in de steeds uitgebreidere rapporten omtrent de status van 'de' natuur aangetoond dat de doelstellingen niet worden gehaald.

Zie ook[bewerken]

Referenties[bewerken]

  • Weeda,E.J., W.A. Ozinga & G.A.J.M. Jagers op Akkerhuis 2006 Diversiteit hoog houden: Bouwstenen voor een geïntegreerd natuurbeheer. Alterra-rapport 1418, Wageningen UR. 246 pp.