Carinascincus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Niveoscincus)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Carinascincus
Carinascincus metallicus
Carinascincus metallicus
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Reptilia (Reptielen)
Orde:Squamata (Schubreptielen)
Onderorde:Lacertilia (Hagedissen)
Infraorde:Scincomorpha (Skinkachtigen)
Familie:Scincidae (Skinken)
Onderfamilie:Eugongylinae
Geslacht
Carinascincus
Wells & Wellington, 1985
Afbeeldingen Carinascincus op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Carinascincus op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Herpetologie

Carinascincus is een geslacht van hagedissen uit de familie skinken (Scincidae).

Naam en indeling[bewerken]

De wetenschappelijke naam van de groep werd voor het eerst voorgesteld door Richard W. Wells en Cliff Ross Wellington in 1985. De wetenschappelijke geslachtsnaam Carinascincus betekent vrij vertaald 'gekielde' (carina) 'skink' (scincus).

Lange tijd werd de wetenschappelijke naam Niveoscincus gebruikt voor deze groep. Er zijn acht soorten, in 2017 werden de soorten in het geslacht Carinascincus geplaatst.[1] Veel soorten worden in de literatuur nog onder hun verouderde geslachtsnaam vermeld.

Uiterlijke kenmerken[bewerken]

De lichaamslengte is ongeveer vijf tot zeven centimeter, exclusief de staart. De staart is tot anderhalf keer zo lang als het lichaam. De lichaamskleur is variabel, zelfs per soort. Veel soorten hebben vlekkerige strepen of vlekkenrijen op het lichaam, de onderzijde is lichter. Alle soorten hebben een doorzichtig venster in het onderste ooglid, zodat ze met gesloten ogen toch kunnen zien.[2]

Verspreiding en habitat[bewerken]

Alle soorten komen endemisch voor in Australië. De soorten leven in de zuidelijke staten Nieuw-Zuid-Wales, Tasmanië en Victoria. Zes van de acht soorten komen endemisch voor in Tasmanië.[3]

De skinken zijn bodembewoners die overdag jagen op prooien en 's nachts rusten. Ze komen voor in het zuiden van Australië waar het een stuk kouder is dan in andere delen van het land. In andere talen worden ze wel 'sneeuwskinken' of 'koele skinken' genoemd. Veel soorten komen voor op enige hoogte en zijn zelfs boven de sneeuwgrens te vinden.[2] Alle soorten zijn eierlevendbarend; er worden geen eieren afgezet maar de jongen komen levend ter wereld.

Soorten[bewerken]

Het geslacht omvat de volgende soorten die onderstaand zijn weergegeven, met de auteur en het verspreidingsgebied.

Naam Auteur Verspreidingsgebied
Carinascincus coventryi Rawlinson, 1975 Australië (Nieuw-Zuid-Wales, Victoria)
Carinascincus greeni Rawlinson, 1975 Australië (Tasmanië)
Carinascincus metallicus O'Shaughnessy, 1874 Australië (Tasmanië, Victoria)
Carinascincus microlepidotus O'Shaughnessy, 1874 Australië (Tasmanië)
Carinascincus ocellatus Gray, 1845 Australië (Tasmanië)
Carinascincus orocryptus Hutchinson, Schwaner & Medlock, 1988 Australië (Tasmanië)
Carinascincus palfreymani Rawlinson, 1974 Australië (Tasmanië, alleen Pedra Branca)
Carinascincus pretiosus O'Shaughnessy, 1874 Australië (Tasmanië)

Bronvermelding[bewerken]