Pamelaescincus gardineri

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Pamelaescincus gardineri
IUCN-status: Niet bedreigd[1]
Verspreidingsgebied in het rood.
Verspreidingsgebied in het rood.
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Reptilia (Reptielen)
Orde:Squamata (Schubreptielen)
Onderorde:Lacertilia (Hagedissen)
Infraorde:Scincomorpha (Skinkachtigen)
Familie:Scincidae (Skinken)
Onderfamilie:Scincinae
Geslacht:Pamelaescincus
Soort
Pamelaescincus gardineri
Boulenger, 1909
Afbeeldingen Pamelaescincus gardineri op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Pamelaescincus gardineri op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Herpetologie

Pamelaescincus gardineri is een hagedis uit de familie skinken (Scincidae).

Naam en indeling[bewerken]

De wetenschappelijke naam van de soort werd voor het eerst voorgesteld door George Albert Boulenger in 1909. Oorspronkelijk werd de naam Scelotes gardineri gebruikt. De soortaanduiding gardineri is een eerbetoon aan de Noord-Ierse zoöloog en oceanograaf John Stanley Gardiner (1872 - 1946). Later werd de soort onder de geslachtsnaam Amphiglossus beschreven.

De wetenschappelijke geslachtsnaam Pamelaescincus werd in 1970 voor het eerst voorgesteld door Allen Eddy Greer. Hij noemde de skink naar zijn oudste zus Pamela. De naam van zijn jongste zus Janet werd overigens ook vereeuwigd in een geslachtsnaam; Janetaescincus. Opmerkelijk is dat beide geslachten taxonomisch als zustergroepen worden gezien.[2]

Pamelaescincus gardineri is de enige soort uit het monotypische geslacht Pamelaescincus.[3]

Uiterlijke kenmerken[bewerken]

Pamelaescincus gardineri heeft een bruine lichaamskleur en een lichtere onderzijde. Op het midden van het lichaam zijn 30 tot 34 schubbenrijen in de lengte aanwezig. Dit aantal is veel hoger dan veel verwante skinken, die hier 22 tot 24 rijen bezitten. De soort heeft goed ontwikkelde poten, de voorpoten dragen vijf vingers en de achterpoten hebben vijf tenen, veel andere skinken op de Seychellen hebben slechts vier vingers.[2]

Verspreiding en habitat[bewerken]

De soort komt endemisch voor op de Seychellen, een eilandengroep ten noorden van het Afrikaanse eiland Madagaskar. Hier is de hagedis gevonden op de eilanden Aride, Cousin, Cousine, Curieuse, La Digue, Mahé, Praslin en Silhouette.[3] De skink wordt daarnaast ook vermeld van de eilanden Frégate en Grande Sœur.[2]

De habitat bestaat uit primaire bossen op de granietrotsen van de verschillende eilanden. Ook in secundaire bossen is de soort te vinden maar is daar minder talrijk. De skink leeft onder rottende bladeren en onder stenen, het is een typische bodembewoner. De hagedis is aangetroffen van zeeniveau tot op een hoogte van ongeveer 500 meter boven zeeniveau.[4]

Bedreiging en bescherming[bewerken]

Door de internationale natuurbeschermingsorganisatie IUCN is de beschermingsstatus 'veilig' toegewezen (Least Concern of LC).[4] Een belangrijke bedreiging van de soort op de eilanden Mahé en Praslin zijn door de mens geïntroduceerde dieren zoals de gewone tenrek (Tenrec ecaudatus).

Het areaal beslaat een gebied van ongeveer 2,700 vierkante kilometer waarvan de skink in een geschatte 46 km² ook daadwerkelijk voorkomt. Het aantal exemplaren in het wild wordt geschat op ongeveer 170.000.[4]

Bronvermelding[bewerken]